Nieuwsbrief



Archief voor visueel gehandicapten

Hier vindt u artikelen die ten minste twee jaar oud zijn

10 januari 2011 - Bijdrage VVD– Speelruimteplan

12 maart 2010 - Verslag van de plenaire zitting coalitieonderhandelingen, gehouden op 10 maart 2010

5 februari 2010 - De toespraak van Marleen Meertens tjidens ingebruikname stemhulp

31 januari 2010 - Motie aanpassing tarieven WMO

31 januari 2010 - Motie aanpassing amendement eindejaarsuitkering minima 2010

22 januari 2010 - Over de stemhulp

(10 november 2009) Bijdrage mw. Pols aangaande Begroting 2010

(2 november 2009) Bijdrage mw. Pols aangaande de Notitie van het College

(27 oktober 2009) De brief van staatssecretaris Bijleveld over de status van het onderzoek naar zelfstandig stemmen

(3 juni 2009) Vooruit met die economie!

(22 mei 2009) Klik hier voor de antwoorden aan op de schriftelijke vragen die zijn gesteld door het lid Griffith (VVD) over het stemrecht van mensen met visuele en/of andere beperkingen.

(3 mei 2009) Klik hier voor het VVD verkiezingsprogramma voor de Europese Parlementsverkiezingen 2009

(14 april 2009) Klik hier voor de reactie op de brief van Staatssecretaris Bijleveld over het zelfstandig stemmen van mensen met een visuele handicap


10 januari 2011  Bijdrage VVD– Speelruimteplan

Voorzitter,

Bij het bestuderen van dit raadsvoorstel heb ik allereerst gedacht dat ik dit wilde aanpakken, zoals ons als ettelijke malen is voorgehouden, nl het raadsvoorstel als zodanig al dan niet voorzien van voorlegger van de griffie, zonder de onderliggende stukken allemaal te hoeven doornemen.

Gelukkig hebben wij echter in onze fractie nog enige lieden die nog niet zo ver zijn, anders had ik het bij het eerste deel van onze inbreng kunnen laten. Maar in de dikke stapel bijgevoegde plannen, staan toch een aantal zaken waar wij toch nader op in wensen te gaan.

 In principe wordt de Raad gevraagd dit plan vast te stellen en de beleidspunten nader uit te werken.

So far so good, maar als we de tekst van het voorstel goed doornemen, wordt aan de ene kant gesteld dat het budget voldoende is, enige zinnetjes verder op toch weer niet helemaal en die afwijkende statements, althans zo lijkt het, komt men meerdere malen tegen. Het schommelt tussen wel en niet, maar een schommel is in dit verband wel van toepassing. Wij missen de bijdrage in de vorm van meehelpen met onderhoud en dergelijke van de inwoners. Het hoeft toch niet altijd allemaal op de nek van de gemeente te komen.

Dit opgemerkt hebbende, willen wij het plan wel ondersteunen maar is er wel behoefte om een aantal punten uit de plannen opgehelderd te krijgen en niet alleen dat wij willen van het college ook een duidelijke toezegging dat bij de uitwerking van de plannen met die specifieke punten rekening wordt gehouden. Dat zijn:

Deel 1: beleid

Pagina 6

  • Beleidsuitgangspunt 6: Bij ontwerp en veranderingen in de openbare ruimte wordt nagegaan hoe de bespeelbaarheid verhoogd kan worden. In ruimtelijke plannen met een ontwikkeling of wijziging in de openbare ruimt wordt een Speel Effect Paragraaf (SEP) gemaakt.

Opmerking VVD: Wie maakt deze SEP’s ? Is hier sprake van een nieuw tandje voor de paarse krokodil ?

  • Beleidsuitgangspunt 9: De gemeente wil spelen in en langs het water stimuleren door bij het ontwerp en beheer van waterpartijen, vlonders, sloten, steigers, dammen, bruggen enzovoort rekening te houden met de speelfunctie (vissen en zwemmen) mits de natuur- en/of ecologische waarden niet in het geding komen.

Opmerking VVD: Het overgrote deel van het in de gemeente aanwezige water is niet in beheer bij de gemeente (Nederrijn, beken, vijvers) en wel gelegen in Natura 2000 of EHS-gebieden. Buiten eventuele wadi’s is ook het ontwerpen van open oppervlaktewater in onze gemeente nauwelijks vanzelfsprekend te noemen, dus waar gaat dit over ?

  • Beleidsuitgangspunt 11: De ontwikkelaar/aannemer dient in plannen het bedrag voor speelvoorzieningen per woning op te nemen, zoals genoemd in het programma van eisen. De te ontwikkelen speelruimte moet ter goedkeuring worden voorgelegd aan de Afdeling Wijkbeheer. De keuze van de toestellen of aanleidingen dient in overleg met de (toekomstige) bewoners en de gemeente te worden bepaald en de toestellen dienen te voldoen aan de WAS.

Opmerking VVD: Gaan we de lasten per te bouwen woning hiermee verder opschroeven? Vanaf hoeveel woningen geldt dit? Zijn de Afdeling Wijkbeheer en de gemeente in deze twee verschillende partijen? Wat gebeurt er als bewoners een nadrukkelijke voorkeur hebben voor toestellen die hoge in stand houdingskosten met zich meebrengen? Wat als de WAS (wat is dat) zijn langste tijd heeft gehad? Normaal moeten dit soort zaken gewoon voldoen aan de vigerende wetgeving (met de daarin genoemde normen).

  • Beleidsuitgangspunt 12 en 13: De gemeente wil………

Opmerking VVD: Aangenomen mag worden dat de gemeente niets heeft te willen, maar moet! Verder is het raar dat de gemeente wil dat bestemmingsplannen getoetst worden door de gemeente. De gemeente is toch zelf verantwoordelijk voor bestemmingsplannnen? Dan is toetsing toch vanzelfsprekend.

  • Beleidsuitgangspunt 14: Bij klachten inzake onveilige en onwenselijke situaties worden binnen 24 uur passende maatregelen genomen.

Opmerking VVD: Het maakt dus niets uit hoe terecht of onterecht een klacht is. Dit kan betekenen dat binnen een etmaal een speeltoestel verwijderd moet worden door een klacht van een omwonende en deze weer terug geplaatst moet worden door een klacht van een andere omwonende.

Pagina 10

Hierin wordt het te voeren beleid voor de speelruimte voor 2009 tot en met 2018 beschreven.

Opmerking VVD: Dus een beleidsplan, gedateerd 1 december 2010, kan met terugwerkende kracht worden uitgevoerd ?

Pagina 16

Ze verplaatsen zich hiervoor zelfstandig door de gehele wijk en de stad.

Opmerking VVD: Gaat dit over Arnhem ?

Pagina 18

De informele speelruimte in een wijk laat zich niet makkelijk kwantificeren. De hoeveelheid informele speelruimte wordt bepaald door de ruimtelijke opbouw van de wijk. De hoeveelheid, structuur en samenstelling van het openbare groen, het water en de wegen bepalen de bespeelbaarheid. Is er veel groen en water en zijn er 30-kilometerwegen met stoepen en doodlopende straten, zijn deze toegankelijk en nodigen ze uit tot medegebruik, dan is er veel informele speelruimte.

Opmerking VVD: Onze gemeente is zeer rijk aan 30-kilometerwegen, maar deze kennen nauwelijks een andere inrichting dan 50-kilometerwegen. Meestal is volstaan met een paar strepen op de weg en een bord. Deze nodigen dus niet uit tot medegebruik. Heeft deze zinsnede consequenties voor de inrichting van onze 30-kilometerwegen ?

Pagina 31

  • daar waar de grond (schoolplein) nog eigendom is van de gemeente is hierop een uitzondering van toepassing.

Opmerking VVD: Bij bijzondere scholen is toch sprake van een splitsing tussen het juridisch en economisch eigendom. Bij alle scholen in onze gemeente is toch sprake van formeel eigendom van de grond van de gemeente of zijn er uitzonderingen ? Bij het ontvallen van de onderwijsfunctie gaan gebouw en grond immers om niet terug naar de gemeente. Waarom wordt er in de tekst gesproken over nog ? Zijn er plannen om eigendom over te dragen ?

Deel 2: Analyse

Pagina 67

De skatebaan onder het viaduct (van de A50 in Heelsum) is een prima Stay Aroundvoorziening waar de jongeren niemand tot last zijn en kunnen skaten en ontmoeten. Er ligt een verzoek van een aantal jongeren om eens te kijken of aanpassing of vernieuwing van de skatetoestellen mogelijk is.

Opmerking VVD: Deze skatebaan ligt op de plek in de gemeente met zeer waarschijnlijk de hoogste fijnstof-emissie in onze gemeente. Bij de verbreding van de A50 is uit het TB te lezen dat op zeer korte afstand van deze weg de totale emissie en het aantal keren dat er overschrijdingen zijn van grenswaarden te hoog zijn.  Daarnaast is er sprake van sociale onveiligheid in de avond en nacht. Dus om dit nu een prima voorziening te noemen ?

Deel 3: Bijlagen

Kaartmateriaal

Opmerking VVD: Er is sprake van in totaal 10 zoeklocaties verspreid over de kernen. Betekent instemming met het gevraagde besluit instemming met deze zoeklocaties ? Zo ja, financiële consequenties ? Evident privaat bezit wordt ‘meegenomen’, zoals M8 van het Golden Tulip hotel in Doorwerth? Is dit relevant?

Ga terug naar de nieuwspagina


Verslag van de plenaire zitting coalitieonderhandelingen, gehouden op 10 maart 2010

Aanwezig:

Technisch voorzitter:

  • mevrouw M.C.M.L. Pols-Houpt VVD

Onderhandelaars:

  • de heer Beurskens GroenLinks (bestuurslid)
  • de heer G. Beekhuizen PvdA
  • mw. H. van den Berg GemeenteBelangen
  • de heer E. van den Elst. D66 (bestuurslid)
  • de heer T.T.M.G. Erkens PvdA
  • mevrouw M. van Gerwen GroenLinks
  • de heer A. Knulst GemeenteBelangen
  • de heer A.J. Leeuwis CDA
  • de heer P.J. van Lent CDA
  • de heer E. Schoevaars VVD
  • de heer J. Verstand D66

Raadsgriffier:

  • mevrouw J.I.M. le Comte

OPMERKINGEN

1.

Opening + vaststelling volgorde agenda.

Mw. Pols opent met een uitspraak van Lao Tse: "Hoe meer deelnemers bij een bijeenkomst, hoe meer kans op achterklap".


Mw. Pols treedt op als technisch voorzitter. De bedoeling van deze bijeenkomst is dat iedereen zijn speerpunten kan aangeven en zijn of haar ideeën over een coalitie, zonder geïnterrumpeerd te worden. Vervolgens krijgt iedereen de gelegenheid vragen te stellen over de respectievelijke bijdragen.

2.

Mw. van den Berg van Gemeentebelangen geeft de visie van GemeenteBelangen op de verkiezingsuitslag, mogelijke coalities en benoemt hun speerpunten.

"De kleinste partij en het spits af moet bijten op een avond als deze is lastig en tegelijkertijd ook een beetje een eer.

Lastig was ook het woord dat velen in de mond namen toen vorige week woensdag het steeds duidelijker werd dat de stemmen in Renkum wel heel erg gelijk over de verschillende partijen verdeeld waren.

Ondanks onze behoefte vooraf aan transparantie en openheid, moeten wij constateren dat de voortvarendheid van de grootste partij in onze gemeente in het starten van het vervolg na de verkiezingen, een compliment verdient.

Oók al heeft één en ander achter gesloten deuren plaats gevonden en zitten we nu ook in de beslotenheid van de B&W kamer. We zitten er en we zitten er met 6 partijen. GemeenteBelangen is daar blij mee.

Voor GemeenteBelangen is het belangrijk dat er straks een college komt dat zowel stabiel als daadkrachtig is.

Met de kennis van nu mogen wij er vanuit gaan dat de komende jaren, naast een uitbreiding van gemeentelijke taken, er ook een forse korting op de uitkering uit het gemeentefonds aan komt.

Ik zeg nadrukkelijk "met de kennis van nu", omdat een verrassende verkiezingsuitslag op 9 juni opeens een heel ander beeld kan geven.

Voor GemeenteBelangen is deze onbekende factor er één die het vinden en binden van coalitiepartners niet eenvoudiger maakt.

GemeenteBelangen heeft voor de verkiezingen knopen geteld en afwegingen gemaakt. Ook toen was de verkiezingsuitslag de grote onbekende.Bestudering van de verschillende programma’s en websites.

Uitspraken gedaan in kranten en in het openbaar leverden ons een verwachting voor een toekomstige coalitie op. In onze ogen was er een duidelijke chemie tussen VVD, CDA en D66.

Wij hebben onze kiezers beloofd dat wij, als dit op ons pad komt, verantwoordelijkheid willen en kunnen nemen. Mochten wij gevraagd worden om een wethouder te leveren, dan beschikken wij over een aantal, in onze ogen geschikte, wethouderskandidaten.

Voor de verkiezingen is GemeenteBelangen op basis van de overeenkomsten in het verkiezingsprogramma een vrijage begonnen met D66. Voor ons is deze vrijage nog niet ten einde.

Een huwelijk met andere partijen sluiten wij echter ook niet uit.

De verkiezingsuitslag laat zien dat áls wij mee zouden gaan doen in een coalitie dit als 3e bruid is.Dit betekent niet anders, dan dat daarbij een vorm van bescheidenheid past. Toch hebben wij als volwassen partij ook een verantwoordelijkheid naar onze kiezers toe.Dit betekent dat wij graag, ook als 3e bruid, deelnemen aan een coalitie, maar niet ten koste van alles.Onze eigen uitgangspunten, onze eigen beloften moeten wij wel min of meer terug kunnen zien in een te sluiten contract.

Wanneer dit niet het geval is dan blijft GemeenteBelangen vrijgezel.

Wat zijn de punten die wij graag in een coalitie akkoord terug zouden zien?

  • Verbetering van de kwaliteit van het groenonderhoud en het onderhoud van de openbare ruimte.
  • Controle op de herplant plicht.
  • Openbare "pluk" gebieden.
  • Verbetering van de toegankelijkheid van de openbare ruimte en openbare gebouwen.
  • Creëren van ontmoetingsmogelijkheden voor inwoners.
  • Stimuleren van de toeristische sector en dus ook de werkgelegenheid. Educatief, informatief, sociaal en recreatief.
  • Onderzoek naar mogelijkheden voor de aanleg van een glasvezelnetwerk ten behoeve van het aantrekken van moderne bedrijvigheid en zorginnovatie (=kostenbesparing Wmo).
  • Loslaten van de 50/50 regel bij woningbouw.
  • Diversiteit in woningbouw en levensloopgericht.
  • Niet hoger bouwen dan 3 bouwlagen.
  • Meer maatwerk in de Wmo.
  • Betere kaders voor, en inbedding van, adviesorganen binnen de gemeente en de
    dorpen.
  • Verbetering van de communicatie met de inwoners.
  • Pragmatische aanpak bij planvorming en zoeken naar samenhang in beleidsvelden of financiële beleidsvelden.
  • Een efficiënter werkende ambtelijke organisatie. De juiste ambtenaar op de juiste plaats. Minder externe (en dure ) bureaus en minder papierwinkel.
  • Voorkomen van geldverslindende juridische procedures.
  • Handhaving en lik op stuk beleid.
  • Diversiteit van sporten en sporters stimuleren en faciliteren. Dat betekent voor ons
    dat het beschikbare budget voor sport gelijkelijk verdeeld zal moeten worden over
    alle kernen en verenigingen. Dit maakt wat ons betreft een heroverweging van MFC
    3B4 noodzakelijk.
  • Verbetering van de sociale veiligheid.
  • Investeren in samenwerking van lokale maatschappelijke partners. Ook op het
    gebied van cultuur en scholing.
  • Aanscherpen van het subsidiebeleid naar een meer op prestatie en relevantie
    gebaseerd afrekenbeleid.
  • En tenslotte met kritisch blik kijken naar regionale en bovenregionale
    samenwerkingsverbanden. Levert het op, dóen. Kost het tijd en legt het ons aan
    banden zonder dat we er ons voordeel mee doen, stóppen.

Een flinke lijst met wensen.

Veel punten op dit lijstje leveren in onze ogen echter "Kwaliteit van Leven" voor onze inwoners op, terwijl er tegelijkertijd geen aanslag wordt gepleegd op hun portemonnee of die van de gemeente.

Wij denken zelfs dat ons lijstje bij zal dragen aan het bereiken van de financiële taakstelling die wij ons zelf op zullen moeten leggen. Waarbij ons uitgangspunt is dat een lastenverzwaring voor de burger niet uitgesloten is, maar liefst zo klein mogelijk gehouden moet worden.

Wij zijn benieuwd welke overeenkomsten en verschillen wij zo zullen ontdekken in in het gesprek met de andere partijen.

Ons punt is gemaakt. GemeenteBelangen wil graag mee doen. Wij hopen de komende 4 jaar een betrouwbare en stabiele factor voor onze achterban in de gemeenteraad te zijn. Wij streven naar een goede samenwerking met de collega’s in de raad om SAMEN ons in te kunnen zetten voor een leefbaar klimaat voor alle inwoners van de gemeente Renkum."



Mw. van Gerwen (GroenLinks) geeft de visie van GroenLinks op de verkiezingsuitslag, mogelijke coalities en benoemt hun speerpunten.

"Wij zitten hier vanavond samen aan tafel na een spannende verkiezings-campagne. De lach, de traan, de koffie en het lintje, hebben we sinds 3 maart én gisteravond weer achter de rug. Nu kan het echte werk beginnen!

Democratie is een eeuwenoud principe in Nederland. Net zo goed als oud- raadsleden in Renkum al jaren een landkaart krijgen, zitten we ook vanavond weer bij elkaar. Achter gesloten deuren en op uitnodiging van de grootste fractie.

Op zich niets mis mee, maar je kunt je afvragen of we hier niet ook hadden kunnen zitten achter open deuren, met een onafhankelijke "derde" als gespreksleider. We zitten hier met 6 partijen die in de kopgroep van 5 nou niet direct veel onderscheid hebben qua zetelaantal. Daarom kan het proces ook nog prima op een andere manier gaan

GroenLinks is een groot voorstander van positieve, creatieve en open coalitie-onderhandelingen. Belangrijk is daarbij dat we samen werken en met een zo groot mogelijk draagvlak vaststellen waar we nú staan, waar we de komende 4 jaren naar toe denken te groeien en hoe we tegen de verdere toekomst aankijken. Als democratische partij gaan we ervan uit dat de ruimte tot gesprek er is en dat zaken niet al zijn beklonken.

Even een terugblik op de verkiezingen: die leren ons dat kiezers de fractie en de wethouder van GroenLinks waarderen. Graag dragen we zowel in de raad als het dagelijks bestuur van de gemeente bij aan een toekomstgericht en robuust beleid.

Wij hebben een grondige analyse gemaakt van de verkiezingsprogramma’s van alle partijen. Er komt duidelijk uit naar voren dat er tussen de programma’s verschillen zijn, maar met een aantal partijen ook veel overeenkomsten. Wat ons is opgevallen is dat de PvdA en D66 heel sterk (zelfs nog sterker dan GroenLinks) wijzen op het zware weer dat gaat komen en dat zij op allerlei plaatsen bezuinigingen en ombuigingen voorstellen. Bij andere partijen komt het woord crisis en bezuinigen letterlijk niet voor in het programma. Ook valt ons op dat het CDA en D66 net als GroenLinks sterk inzetten op duurzaamheid als kernbegrip. En met GroenLinks zijn CDA en PvdA behoorlijk eensgezind in het uitgangspunt dat de zwakste schouders echt niet veel meer lasten extra zouden moeten dragen en staan zij ook samen voor het versterken van werkgelegenheid, voor het maken van werk met werk.

Het spreekt voor zich dat wij van GroenLinks houden van een feestje. En bij een feestje hoort een solide begroting. In een periode van 4 tot 6 jaren zien wij de Gemeente vanuit een fiks lager budget stap voor stap mogelijk weer toegroeien naar een redelijke begrotingsomvang.

Een euro kan je maar 1 keer uitgeven en vrijkaartjes heb je helaas alleen op de kermis. Daarom hebben wij enkele maanden geleden al overzichten gemaakt van duurzame bezuinigingen en ombuigingen. Ik verwacht dat als we onze lijst naast de scenario’s leggen zoals die door het huidige College van B&W aan ons zullen worden gegeven we waarschijnlijk veel overeenkomsten tegen gaan komen. Ons programma bevat dan ook tal van voorbeelden die direct of op iets langere termijn geld gaan opleveren.

Om maar eens drie voorbeelden te noemen.

We kunnen ons voorstellen dat we als gemeente op korte termijn vastgoed afstoten waar we geen behoefte aan hebben én we tikken tienduizenden euro’s bij aan besparing op jaarlijkse afschrijvingen en onderhoudslasten.

We kunnen ons als GroenLinks ook voorstellen dat na een eenmalige duurzame investering in de sportparken en de onderwijshuisvesting het complete beheer voor 100% aan de sportverenigingen of aan de scholen met hun brede partners samen wordt overgelaten. Wij tikken zo honderd duizenden jaarlijkse euro’s bij op het zwaar-weer-telraam.

Ook vragen wij ons af welke inwoners het écht erg zouden vinden om wat meer bij te dragen aan voorzieningen en verenigingen als sport, bibliotheek en muziek als tegelijk de minst draagkrachtigen op een gelijk kostenniveau blijven. Nu werkelijk werk maken van doelgroepenbeleid en daarnaast een heel klein beetje smeermiddel helpt deze voorzieningen om hun grote uitgaven (energie, huisvesting, overhead) fiks omlaag te brengen en hun activiteiten in te zetten gericht op de effecten die de gemeente wil bereiken. Dus zullen de minst draagkrachtigen zelfs minder gaan betalen, bespaart de gemeente direct flinke bedragen en levert het ook nog eens voor de verenigingen en voorzieningen een positief effect.

Wij willen niet gaan somberen. Als er straks 3 tot 5 miljoen moet worden bezuinigd, dan hebben wij een flink aantal creatieve bezuinigings én ombuigingsmaatregelen klaar liggen: geen kaasschaafmethode maar op basis van heldere inhoudelijke keuzes. Wat doen wel en wat niet, voor wie wel en voor wie niet.

Ook al zullen er uiteraard wat spaanders overblijven aan het einde, het hoeft bij ons geen slagveld te worden, want dit kan in lijn met de ingezette organisatieontwikkeling. Dit zal zeker leiden tot verdere afslanking van de gemeentelijke organisatie. Het spreekt voor zich dat maatregelen als selectieve stops ons helemaal niet vreemd zijn, maar wij gaan stappen verder. We zoeken naar het zo veel mogelijk benutten van deskundigheid die ons door actieve, kritisch en deskundige inwoners wordt aangereikt, waardoor we snellere, betere, minder kostbare plannen krijgen met ook veel meer draagvlak. En we investeren in het aangaan van samenwerkingen met andere gemeenten en derde partijen. Dat levert wederzijds kwaliteit en capaciteit, we delen de lasten en maken meer cofinanciering vaak ook nog mogelijk.

Onze partij heeft naast wetenschappers, onderwijzers en handwerkers ook diverse ondernemers in haar midden. Heldere keuzes en winst maken is belangrijk voor een goede toekomst. Verlies moet je op alle fronten voorkomen!

Dit was de inhoud. Als GroenLinks willen wij graag met alle inwoners en alle progressieve partijen in deze Gemeenteraad praten over een duurzame toekomst. Wij zien daarvoor op allerlei punten kansen.

  • Duurzaamheid is er een die veel van onze partijen kan binden. Aandacht voor groen, leefkwaliteit, omgeving, energiebesparing, voor fair trade en duurzaam inkopen en investeren.

  • Doelgroepenbeleid is ook een bindende factor. Het individu verdient onze aandacht zeker, en wij willen dat wel efficiënt en effectief op gaan pakken, zonder dat de kosten en de zwakkeren worden vergeten.

  • Veiligheid in woonomgeving en verkeer is er ook een die diverse partijen kan binden.

Wij zien het liefst dat alle partijen tot komende maandag aan de hand van hun verkiezingsprogramma en andere beschikbare documenten zorgen voor 2 A4 met belangrijke punten voor een collegeakkoord. Daarnaast ook 2 A4 met kort uitgewerkte mogelijkheden voor bezuinigen en ombuigen. 23 raadsleden van gezamenlijk 6 partijen hebben een grote verantwoordelijkheid in onze rol als gemeentebestuur, naar alle inwoners en extra in tijden van zwaar weer. Wij stellen ons voor dat we na het weekeinde met alle 6 de partijen samen en bij voorkeur in de raadzaal doorpraten over belangrijke punten voor en financiële uitwerking van een collegeakkoord."

Dhr. Verstand (D66) geeft de visie van D66 op de verkiezingsuitslag en het proces om te komen tot een coalitie.

"3 Maart heeft de kiezer gesproken! D66 is in de gemeente Renkum de grote winnaar geworden. Een lange lokale campagneperiode met een start op 18 januari en een zeer grote zichtbaarheid en vele gesprekken met de inwoners van Renkum heeft geleid tot dit voor ons prachtige resultaat

Deze verkiezingsuitslag stelt ons allen voor een uitdaging. We zien hierin een trend die zich in heel Nederland aan het voltrekken is; steeds meer partijen worden even groot en het vormen van een coalitie wordt steeds ingewikkelder. De huidige politieke spelregels voldoen niet meer.

Wij hier hebben met zijn allen de verantwoordelijkheid om een coalitie te vormen die berust op degelijke afspraken en een breed draagvlak in samenleving en gemeenteraad.

D66 hecht aan een eerlijk proces. Van de verkiezingen tot installatie van een nieuw college.

Dat proces is wat ons betreft open, transparant en waar mogelijk openbaar. Hiermee voorkom je dat op basis van vooringenomenheid partijen met elkaar gaan samenwerken en afspraken worden gemaakt. Een aantal uitspraken en andere signalen die tot ons zijn gekomen lijken een rechtvaardige procesgang niet te bevorderen.

We zijn als gemeenteraad en ambtelijke organisatie op de goede weg als het gaat om het verbeteren van inspraak en het betrekken van de inwoners bij de politiek. Graag zouden wij zien dat dat wordt doorgetrokken nu wij nog aan het begin van het coalitieproces staan

In onze ogen kan je een open en transparant het beste vormgeven met behulp van een externe en onafhankelijke formateur, die verschillende collegesamenstellingen onderzoekt op haalbaarheid, draagvlak en wil.

Het proces begint wat ons betreft met een openbare bijeenkomst waarin partijen de verkiezingsuitslag bespreken, hun speerpunten herhalen en aangeven welke partijen het voortouw moeten nemen.

Wij begrijpen dat niet elk onderdeel van het proces in de openbaarheid kan. Maar het heeft onze voorkeur om dat zoveel als mogelijk wel te doen.

Het proces moet omlijst worden met een open en eerlijke communicatie op vooraf vastgestelde momenten.

D66 zal zich in het coalitieproces (dat wat ons betreft nog moet beginnen) constructief en open opstellen. Wij staan open voor elke denkbare samenstelling van een coalitie. Voorwaarde is wel dat recht moet worden gedaan aan de uitslag van de verkiezingen!

Mw. Pols reageert op de opmerking van dhr. Verstand over signalen die een rechtvaardige procesgang niet bevorderen. Ze vraagt om uitleg.

Dhr. Verstand geeft aan dat de coalitiegesprekken wat betreft D66 in de openbaarheid gevoerd hadden mogen worden en verder wijst hij op uitlatingen in de krant die wat D66 betreft een rechtvaardige procesgang niet bevorderen.

Dhr. Leeuwis geeft de visie van het CDA op de verkiezingsuitslag, mogelijke coalities en benoemt hun speerpunten.

"Wat betreft de verkiezingsuitslag had het CDA uiteraard gehoopt de grootste te zijn. Het is echter anders gelopen. VVD neemt de plaats in van CDA . CDA kent zijn plek en respecteert het dat de aansturing van het coalitieproces door de VVD ter hand is genomen.
Het CDA wil een stevig en gedegen college. Dat is nodig vanwege het zware weer dat verwacht wordt. Wat er ook uit de onderhandelingen komt, hij hoopt dat er een raad komt te zitten, die in gezamenlijkheid, als team, de dienstverlening aan de burger zo goed mogelijk vorm gaat geven.
Wat betreft de programma’s van de diverse partijen zijn er uiteraard accentverschillen, maar ook zeker veel overeenkomsten.
Hij doet een greep uit het programma van het CDA.
De uitgangspunten van het CDA voor wat betreft het komende beleid zijn:

  • eigen verantwoordelijkheid van mensen en organisaties door ondermeer burgers te betrekken bij het maken van keuzes;
  • zorg voor mensen die het moeilijk hebben;
  • zorg voor het milieu;
  • eerlijke en rechtvaardige, transparante wijze van besturen in goede communicatie met de burgers;
  • tering naar de nering zetten, minder geld, minder te besteden.


Hoe?

  1. Door de formatieomvang van de ambtelijke organisatie stapsgewijs te reduceren naar het niveau van gelijkwaardige gemeenten en kwaliteit verhoging door her-allocatie, natuurlijk verloop, outplacement trajecten en inschakelen van burgerexpertise.
  2. Nieuw beleid door oud beleid in te leveren. Niet er bovenop, maar door kostenneutraliteit na te streven.
  3. Zorgen dat nieuwe taken/ontwikkelingen betaald kunnen worden uit het beschikbare budget.
  4. In principe allen belastingverhoging met maximaal het inflatiepercentage.
  5. Binnen het voorzieningenniveau gebruik gaan maken van burgerexpertise in het kader van het vrijwilligersbeleid.

Voorzieningenniveau handhaven door bijvoorbeeld vrijwilligers in te zetten en hiermee tekorten oplossen.

Daarnaast geeft het CDA prioriteit aan onder meer de volgende zaken:

  1. De 50/50 norm bij bouwlocaties loslaten en per locatie gaan bekijken. Maatwerk leveren. De Renkumse leefkwaliteit is daarbij het uitgangspunt.
    Daar hecht het CDA heel sterk aan.
  2. Projectontwikkelaars maken niet de dienst uit. De gemeente moet zelf een eigen visie ontwikkelen op locaties. Dat is een vereiste.
  3. Versterken van de lokale bedrijvigheid en werkgelegenheid is ook erg belangrijk.
    Er moet eindelijk een Nota lokaal economisch beleid komen!
  4. Continuering van het vrijwilligersbeleid. De kurk waarop we drijven, zijn immers de vrijwilligers.
  5. Oppakken en daadwerkelijke ontwikkeling/uitvoering van de Talsmalaan, Café van de Born, Terrein Kranen, Locatie Mooiland, Westerbouwing, Van Dugteren panden, Dorpsplein Wolfheze etc.
  6. Handhaving van de huidige ondersteunende diensten aan het basisonderwijs en w.o. (logopodie, schoolzwemmen, godsdienst, levensbeschouwelijk onderwijs).
  7. Centra voor Jeugd en Gezin handhaven, laagdrempelig en toegankelijk.
  8. Het financieel beleid moet gericht zijn op een duurzaam begrotingsevenwicht en het op peil houden van het weerstandsvermogen. Het beleid moet transparant zijn en burgers moeten zo kunnen zien waar het geld aan wordt besteed. Begroting en rekening moeten echte instrumenten worden voor de raad om te kunnen sturen. Onderzoek naar en aanpassing van een reële kostentoerekening is noodzakelijk."

 

Dhr. T. Erkens (PvdA) geeft de visie van de PvdA op de verkiezingsuitslag, mogelijke coalities en benoemt hun speerpunten.

"In onze bijdrage zal ik eerst ingaan op de uitkomst van de afgelopen verkiezingen. Vervolgens zal ik aangeven welke consequenties deze uitslag zou moeten/kunnen hebben voor de samenstelling van het college. Daarna zal ik de voor- en nadelen van mogelijke coalities schetsen en ik zal afronden met een lijst van aandachtspunten (wensen zoals u wilt) die wij een volgend college mee willen geven.

Allereerst de uitslag.

D66 wint PvdA en CDA verliezen. VVD, Gl en GB blijven constant. Dat is wel erg kort door de bocht. Vergelijk je de uitslag in Renkum met die van andere gemeenten en houd je, daar ontkom je niet aan, rekening met het gegeven dat de gemeenteraadsverkiezingen in ieder geval voor een deel beïnvloed zijn door de landelijke situatie,kom ik op de volgende analyse:

Het verlies van de PvdA in Renkum is minder dan dat van omliggende gemeenten (Arnhem, Wageningen, Ede) Het verlies van de PvdA was voor een deel ingecalculeerd (de superuitslag van 2006). In onze ogen heeft de PvdA het in onze gemeente niet slecht gedaan. We zijn in grootte de tweede partij geworden. In het dorp Renkum zijn we zelfs de grootste partij gebleven. Een positieve uitspraak van de kiezer over het door de Renkumse PvdA in de afgelopen periode gevoerde beleid.

Het verlies van het CDA is net als in andere gemeentes beïnvloed door de landelijke ontwikkeling. Daarmee heeft de kiezer eerder zijn ongenoegen geuit over de landelijke kandidaat lijsttrekker van het CDA dan over het functioneren van het Renkumse CDA.

GL, VVD en GB zijn stabiel gebleven. De kiezers zijn blijkbaar tevreden over deze partijen.Ik sluit echter niet uit dat de voor deze partijen relatief gunstige uitslag beïnvloed is door de landelijke situatie. En voor GL geldt dat hun resultaat mede is beïnvloed door de prominente positie van de heer Van Uitert op de lijst.(Ik begreep overigens dat hij met voorkeurstemmen in de raad is gekozen maar zijn benoeming niet accepteert…. Over transparantie naar de kiezer gesproken.)

En tenslotte D66. Met alle respect voor de uitslag, ik kan niet om de conclusie heen dat het resultaat van deze partij sterk is beïnvloed is door landelijke ontwikkelingen. Als ik kijk naar het resultaat van deze partij in een aantal gemeentes dan constateer ik o.a. dat alleen al een achternaam van een kandidaat die met een P begint goed is voor een zetel in de raad. In mijn optiek is de winst van D66 zeker geen beloning voor het de afgelopen vier jaar door deze partij in deze gemeente gevoerde beleid! De geschiedenis van deze partij leert ons overigens dat ook in Renkum de D66-verkiezingsresultaten behoorlijke ups en downs vertonen. Vooralsnog ga ik ervan uit dat er bij deze uitslag sprake is van een incidentele uitschieter naar boven.

Welke consequenties moet je aan deze uitslag verbinden?

Ik concludeer dat de kiezer in Renkum zich zeker niet negatief heeft uitgesproken over het door het College de afgelopen vier jaar gevoerde beleid. Er is m.i. geen behoefte aan een geheel ‘ander’ college. Een voortzetting van de huidige coalitie, in ieder geval van het gevoerde beleid, ligt dus voor de hand. Getalsmatig kan dat. Of een voortzetting mogelijk is, valt nog te bezien. Ik kom daar op terug bij punt 3.

Welke coalities zijn mogelijk, welke zijn de voor- en nadelen van die coalities?

In dit deel van mijn beschouwing houd ik rekening met de economische vooruitzichten voor de komende vier jaar en de inhoud van de programma’s van de diverse politiek partijen.

Allereerst een opmerking over het programma van GB. Dit programma is wat lastig te vergelijken met dat van de andere partijen. Veel onderwerpen sluiten aan bij die van de andere partijen. Met uitzondering van de Sport in Renkum, zoals u weet voor ons erg belangrijk. Getalsmatig is GB echter minder interessant als collegepartij.

En dan de economische vooruitzichten voor de komende vier jaar. Ik ga er niet al te uitgebreid op in: het item wordt zo langzamerhand een stuk gedraaide grammofoonplaat.

Welk kabinet er na 9 juni ook komt. Voor de gemeentes worden het vier magere jaren. Bezuinigingen op de algemene uitkering en bezuinigingen op de doeluitkeringen. In 2011 redden we het nog, dankzij de vooruitziende blik van de vorige gemeenteraad, daarna wordt het buffelen. Wij zijn de campagne ingegaan met dat verhaal. We hebben de kiezer dat verhaal ook voortdurend voorgehouden. Ik vind het ook terug in de programma’s van CDA en VVD.

Ik vind dit verhaal aanzienlijk minder prominent terug in de programma’s van D66 en GL. De toon en de inhoud van de programma’s van deze beide partijen zijn, als het gaat om het oplossen van de mega problemen waar we als gemeente voor staan, anders dan die van de andere partijen. D66 heeft bij monde van de heer Verstand onlangs nog gemeld dat we niet moeten doemdenken en dat de bezuinigingen wel zullen meevallen. Dat eerste onderschrijf ik, met dat tweede ben ik het in het geheel niet eens. Er speelt nog een ander punt: waarin is D66 nu echt ‘anders’ dan andere partijen in haar programma (afgezien dus van het financiële deel)? En is er wel behoefte aan wat ‘anders’? (zie hiervoor)

De toon van het programma van GL is ‘blij’. Op zich is dit te waarderen. We onderschrijven ook veel punten in dat programma. Natuurlijk moeten we vooruit kijken en natuurlijk moeten we onze gemeente nog mooier en fijner maken. Wie kan daar op tegen zijn? Maar er moeten wel wat vuiltjes worden weg gewerkt de komende vier jaar. En over dat vergroenen van het systeem van gemeentelijke belastingen moet, vrees ik voor GL, toch in den Haag besloten worden. Laat staan dat we de hondenbelasting kunnen afschaffen.

Heel concreet: de programma’s van GL en D66 wijken op een essentieel punt af van die van de andere partijen. Zeker waar het gaat om wezenlijke zaken, zal het knap lastig worden om met deze partijen tot inhoudelijke overeenstemming te komen.

Daar staan echter twee punten tegenover. De kiezer heeft gesproken. Het lijkt me naar de kiezer toe niet correct niets te doen met haar uitspraak. Dat pleit voor een college met D66! Vanuit onze verwantschap met GL zouden we ook graag met deze partij deel uitmaken van een college. Dat pleit voor een college met GL! Een duivels dilemma.

Op grond van de hiervoor genoemde overwegingen kiest de PvdA er voor om college- verantwoordelijkheid te dragen In onze optiek zou het college dienen te bestaan uit vier partijen. In ieder geval VVD, PvdA en CDA en… D66 of GL. Zo’n college kan steunen op een aanzienlijke meerderheid in de Raad en heeft daarmee een zekere stabiliteit in zich. Wat erg belangrijk is voor de komende vier jaar. Aan zo’n college zitten wel enkele bezwaren. Consequentie van dit voorstel is dat er in Renkum vier wethouders aan de slag gaan. De extra lasten daarvan zijn aan de burger moeilijk te verkopen daar waar de burger de komende jaren zelf zal moeten inleveren.

Dat pleit voor een construct van parttime wethouders. Met alle nadelen van dien. Houden we vast aan drie full time wethouders dan betekent dat een college van drie partijen. Ook op dat moment willen wij om eerder genoemde redenen collegeverantwoordelijkheid dragen. D66 en GL vallen in deze variant af. Die mogelijkheid is overigens ook aanwezig als blijkt dat de onderlinge inhoudelijke verschillen te groot zijn om in de onderhandelingen te worden overbrugd, dan wel dat er onvoldoende chemie blijkt te ontstaan tussen de beoogde coalitiepartijen. Ik sluit ook niet uit dat GL en D66 voor zichzelf geen plaats zien in het door ons voorgestelde college.

Aandachtspunten

Voorzitter: tenslotte de aandachtspunten die wij een nieuw college mee willen geven. Ik beperk me daarvoor gemakshalve tot onze tien speerpunten:

Minder geld dus……kiezen: Beleid komt tot stand in samenspraak met burgers. Duidelijke keuzes voor de burger maar de gemeenteraad beslist. Geen loze beloften maar een reëel beeld van wat we in de raad willen en kunnen bereiken.

Eerlijk delen: Zo veel mogelijk in stand houden van de voorzieningen voor kwetsbaren. De sterkste schouders dragen de zwaarste lasten.

Niemand komt aan de kant te staan. Iedereen doet mee: Verzachten van de nadelige gevolgen van de crisis. Vooral voor mensen die daar de meeste last van hebben. Inzetten op behoud van werk in onze gemeente. Kansen geven aan de lokale economie op het terrein van toerisme, recreatie, cultuur en sport

Goede en betaalbare zorg voor wie die dat nodig heeft: Sociaal vangnet voor kwetsbaren. Mensen die hulp nodig hebben, mogen niet vast komen te zitten in procedures. Ondersteuning van verenigingen en organisaties die activiteiten voor kwetsbare jongeren en ouderen aanbieden.

Speciale aandacht voor mensen die het moeilijk hebben op de woningmarkt: Ouderen en jongeren moeten in de gemeente kunnen blijven wonen. Voldoende sociale woningbouw. Woningen voor ouderen moeten dicht bij de voorzieningen in de dorpen worden gebouwd.

Financiële degelijkheid en een slagvaardige organisatie: De gemeente stemt haar uitgaven af op de inkomsten. Een sluitende en stormvaste begroting is uitgangspunt. De gemeentelijke organisatie is er voor de burgers.

Prettig en veilig wonen: Een fijne en veilige buurt om in te wonen voor iedereen. Bouwplannen moeten passen bij het karakter van het dorp/directe omgeving. Sluipverkeer door de dorpen beperken. Zo veel mogelijk autoluw maken van de gebieden rond de scholen.

Jeugd, onze toekomst: Jongeren kunnen op een positieve manier deelnemen aan het dorpsleven. Steun aan initiatieven voor een huiskamerprojecten voor naschoolse opvang voor jongens en meiden van 12-19 jaar.

Renkum duurzaam en groen: Het beleid en de uitvoering zijn duurzaam. Ondersteuning van het proces dat leidt tot erkenning van Renkum als fairtrade gemeente.Behoud en versterken van de landschappelijke en culturele waarden van onze landgoederen. Actief betrekken van inwoners bij het groen in hun wijk.

Kunst en cultuur: een bron van inspiratie: Een gevarieerd kunst- en cultuuraanbod waarvan alle inwoners gebruik kunnen maken. In alle dorpen dorpshuizen die bijdragen aan ontmoeting en culturele ontplooiing van de inwoners. Bibliotheekvoorzieningen blijven voor iedereen toegankelijk.

En daar voegen we nog enkele meer procesmatige punten aan toe. Het college moet slagvaardig, deskundig en homogeen zijn. Bestuurlijk ervaren en krachtig. Goede onderlinge verhoudingen zijn uitermate belangrijk Niet weglopen voor verantwoordelijkheden. En mutatis mutandis geldt dit ook voor de coalitiepartijen die het college gaan vormen!

Tot zover.

Dhr. Schoevaars geeft de visie van de VVD op de verkiezingsuitslag, mogelijke coalities en geeft hun speerpunten aan.

Voorzitter,

Ook in de komende jaren wil de VVD de kwetsbare burgers zoveel mogelijk ontzien als het gaat om bezuinigingen. En, waar nodig, hen een steuntje in de rug geven. Echter, dit is alleen mogelijk indien de gemeente financieel gezond is.

Het gemeentelijke huishoudboekje is op orde en de VVD wil dit ook zo houden. Dat zal niet meevallen: pijnlijke keuzes zullen gemaakt moeten worden. Probleem daarbij is dat door de val van het kabinet op korte termijn niet exact bekend wordt in welke mate wij gekort zullen worden. Maar zeker is dat van dit uitstel geen afstel komt.

Vast staat ook dat het Rijksbeleid voor veel burgers een verslechtering van hun inkomenspositie met zich mee zal brengen, òf door een lastenverzwaring, òf door een versobering van het voorzieningenniveau. Of door beide. Daarop hebben wij als gemeente geen invloed maar wij zullen hier wel rekening mee moeten houden bij het maken van onze eigen keuzes.

Het is onze vaste overtuiging dat wij de komende jaren grote soberheid moeten betrachten indien wij in de dagelijkse praktijk in het belang van de burgers willen handelen.

Dus geen utopistische vergezichten over wat wij allemaal wel zouden willen, maar met de nodige stuurmanskunst het gemeentelijke scheepje door de storm lozen. En daarbij iedereen aan boord houden.

Wat betekent dit voor de komende periode?

In de eerste plaats dienen de toegestane budgetten voor 2010 voordat het tot feitelijke besteding komt, nog eens kritisch door de budgethouders te worden getoetst op het aspect noodzakelijkheid. Ik noem dat de stofkammethode.

Naar het oordeel van de VVD zou een mogelijk overschot op de jaarrekening 2010 volledig in een recessiefonds gestort moeten worden. Om zodoende de gevolgen van de bezuinigingen vanaf 2012 wat te kunnen temporiseren.

Naar ons oordeel zou ook afgesproken moeten worden dat nieuwe beleidsuitgaven in 2011, die structureel doorwerken naar de volgende jaren, zoveel als mogelijk moeten worden vermeden. In elk geval zolang wij niet weten hoe groot de bezuinigingen zijn die de Rijksoverheid ons oplegt.

Ook een overschot op de jaarrekening 2011 zou in het zoëven door mij genoemde recessiefonds gestort moeten worden. Voor alle duidelijkheid: het gaat niet om een Algemene Reserve onder een andere naam maar om gelden die voor 100% uitgegeven zullen worden om de bezuinigingen vanaf 2012 beter verteerbaar te maken.

Het wordt dan ook wat gemakkelijker om de bezuinigingen in een aantal jaren structureel in te bedden.

Voorzitter,

Zodra de omvang van de bezuinigingen bekend is, dient de Raad zijn verantwoordelijkheid op te pakken. Ingrijpende besluiten zullen nodig zijn. Van belang is dat wij niet vanuit een nul-situatie vertrekken. Wij hebben de operatie Wagenaar/Hoes gehad en daarbij de nodige besluiten genomen. Voorts hebben wij nog maar een aantal maanden geleden ons uitgesproken over maatregelen in het verlengde van de Begrotingsscan. Hierbij was sprake van een minimum- en maximumscenario: de laatste variant ligt nu meer voor de hand dan de eerste.

Op korte termijn ontvangen wij van het College de gevraagde notitie met betrekking tot mogelijke zoekrichtingen indien de korting uit het Gemeentefonds 3, 4 danwel 5 miljoen euro bedraagt.

Dit zijn alle even zovele bouwstenen bij het maken van afwegingen over wat ons te doen staat. Maar hoe we het ook wenden of keren:

òf de gemeentelijke organisatie moet afgeslankt worden;

òf subsidies naar derden moeten worden afgebouwd;

òf de lokale belastingdruk moet aanzienlijk verhoogd.

Het zal hoogstwaarschijnlijk een mix moeten worden.

Voor wat betreft de omvang van de gemeentelijke organisatie gaat het de VVD er niet om zo maar formatieplaatsen te schrappen. Wel vinden wij dat heel kritisch gekeken moet worden wat de gemeente echt moet doen aan basistaken, en, zo ja, in welke omvang.

Wat mag je van de burgers zelf verwachten en wat van maatschappelijke organisaties, of van verenigingen van vrijwilligers? Bij de beoordeling van de komende rapportages van de Visser & Geelkerken, zal dit onze invalshoek zijn.

Beperking van het aantal ambtenaren tot het nivo bij vergelijkbare gemeenten is voor de VVD een optie, evenals efficiënter werken en een intensievere samenwerking met andere gemeenten.

In afwachting van meer definitieve besluiten komt het de VVD verstandig voor in de jaren 2010 en 2011 slechts 1 op de 4 vacatures in te vullen.

Voorzitter,

Ook de subsidietoedeling aan derden dient nog eens kritisch te worden doorgelicht in de komende maanden. Wat moet echt door de professionele instellingen worden uitgevoerd en wat kan door andere instellingen worden overgenomen, zonodig onder supervisie van professionals. Hier ligt een uitdaging.

En dan de lokale belastingen.

De VVD staat niet op voorhand afwijzend tegen een zekere verhoging van de belastingdruk, in casu de OZB. Maar wij willen wel geleidelijk af van de toppositie die wij nu al jaren in de provincie innemen.

Dus niet de gemakkelijkste weg kiezen van elke bezuiniging door het Rijk op te vangen door desnoods de OZB te verdubbelen.

Daar komt nog wat bij.

In het idee dat de sterkste schouders de zwaarste lasten bij de lokale belastingen moeten dragen, kan de VVD zich vinden. Echter, de huidige OZB zit zo in elkaar dat elke verhoging alleen bij de huiseigenaren terecht komt en in geen enkel opzicht bij de huurders.

Zitten daar geen sterke schouders onder?

Een rechtvaardige lastenverdeling vraagt om een benadering waarbij alle sterke schouders een bijdrage leveren.

Voorzitter,

Ik heb nogal lang stilgestaan bij de noodzaak de financiële problematiek op een verstandige manier op te lossen.

Anders raakt de gemeentelijke huishouding structureel in het ongerede en zullen de meest kwetsbaren uiteindelijk de gevolgen hiervan dragen.

Voorzitter,

Het is verleidelijk per beleidsprogramma de belangrijkste standpunten van de VVD aan te geven. Ik wil echter volstaan met een algemene opmerking.

Natuurlijk zullen wij onze opvattingen bij de coalitiebesprekingen naar voren brengen. Wij hebben het gevoel dat veel van onze standpunten in meer, en soms in wat mindere, mate gedeeld worden door de andere partijen hier aan tafel (in zonderheid door het CDA en de PvdA).

Waar sprake is van verschillen, zijn die naar ons oordeel niet zo groot dat compromissen hierover onmogelijk zijn.

Voorzitter,

Ik wil afronden met een enkele opmerking over de aard en omvang van het tot stand te brengen coalitieakkoord en over het aantal wethouders.

De VVD acht het gewenst dat een akkoord zich beperkt tot een aantal richtinggevende uitspraken over de bekende beleidsterreinen en met betrekking tot het financiële kader.

Dit maakt het mogelijk enerzijds met voortvarendheid te werken aan de begroting 2011 en de meerjarenbegroting, terwijl tevens een voldoende basis wordt gelegd over hoe wij de bezuinigingen op wat langere termijn structureel kunnen verwerken.

Ten aanzien van de omvang van het College achten wij handhaving van het huidige aantal wethouders meer dan gewenst.

3.

Mogelijkheid om te reageren op elkaars inbreng

Mw. Van Gerwen (GroenLinks) vraagt aan dhr. Erkens wat hij bedoelt wanneer hij spreekt over te weinig chemie tussen bepaalde partijen.
Dhr. Erkens (PvdA) geeft aan dat een coalitie niet alleen bestaat bij de gratie van de afspraken die gemaakt zijn, maar ook mede gebaseerd is op de chemie die er is tussen personen in een coalitie, een college en de verhoudingen tussen de verschillende personen en gremia.

Dhr. Beurskens (GL) heeft de programma’s gelezen en het viel hem op dat bij de VVD en het CDA niet of nauwelijks concrete bezuinigingsaspecten worden benoemd, behalve dan snijden in de ambtelijke organisatie. Bij de PvdA vindt hij wel concrete maatregelen terug. In dit licht kan hij de opmerkingen van de VVD in een eerdere perspublikatie wat betreft het programma van GroenLinks niet geheel plaatsen ("feestpakket").
Hij merkt verder op dat de afgelopen vier jaar op prettige wijze is samengewerkt in de coalitie en in dat licht begrijpt hij de opmerkingen van de PvdA niet wat betreft het ontbreken van chemie.
Dhr. Erkens (PvdA) geeft aan dat programma’s lezen niet slechts een ‘wetenschappelijke’ aangelegenheid is. Er spelen ook minder objectieve zaken een rol. En het is zijn subjectieve gevoel, gebaseerd op zijn interpretatie van de programma’s en op opmerkingen uit de gesprekken die hij gevoerd heeft met de diverse betrokken personen, die hem de uitspraak over de chemie hebben doen plaatsen.
Hij heeft eenvoudigweg het gevoel dat de drie partijen CDA, VVD en PvdA beter bij elkaar passen.

Dhr. Schoevaars (VVD) voegt hieraan toe dat hem is opgevallen dat in het verhaal van GL niet één keer het woord VVD is gevallen. Dat duidt er toch op dat er van die kant ook sprake is van een gevoeld gebrek aan chemie. De VVD voelt meer voor de degelijkheid van CDA en PvdA en evt. GB.
Dhr. Leeuwis (CDA) sluit aan bij de woorden van dhr. Schoevaars en citeert mw. Van Gerwen die gezegd heeft "een progressief college" te willen. Daar hoort dus het CDA niet bij.
Hij geeft aan dat het CDA verwantschap voelt met en de afgelopen periode positieve ervaringen heeft gehad met de VVD en de PvdA. Die heeft hij niet ondervonden bij GL en D66. Het CDA heeft eerder een starre attitude geconstateerd bij GL.

Dhr. van den Elst (D66) heeft zich vanavond enigszins verbaasd. Hij had, gezien de verkiezingsuitslag, een andere toonzetting richting D66 verwacht. Zijn analyse van de verkiezingsuitslag is dat D66 het in Renkum veel beter heeft gedaan dan in de rest van Nederland. In de analyses van de andere partijen ziet hij dit niet terug. Op grond van de uitslagen, is duidelijk dat D66 het in de gemeente Renkum het beste heeft gedaan.
Dhr. Erkens (PvdA) zegt dit ook niet te bestrijden. Hij erkent de winst van D66.
Maar hij interpreteert deze anders. De geschiedenis van de verkiezingsuitslagen voor D66 in deze gemeente leert dat deze een nogal grillig verloop laat zien. D66 heeft weinig ervaring en volgens dhr. Erkens zijn ervaring en een gedegen bestuur hard nodig voor deze gemeente om door deze tijd heen te komen.

Dhr. van den Elst (D66) geeft aan dat hij ervan was uitgegaan dat dit de eerste stappen waren in de onderhandelingen. Het frappeert hem dat er door de andere partijen nu al zo duidelijk wordt uitgesproken welke coalitie de voorkeur heeft.
Dhr. Beekhuizen (PvdA) reageert hierop en geeft aan dat de verkiezingsuitslag vier partijen rechtvaardigt. PvdA wil daarbij zitten, dat is duidelijk.
Hij vraagt de VVD en CDA wat de bezwaren zijn tegen vier parttime wethouders.
Dhr. Leeuwis (CDA) zegt dat parttime kandidaten wellicht andere werkzaamheden zouden kunnen gaan doen, naast het wethouderschap. Dat is gezien de aard van de functie ongewenst. Een wethouderschap is geen baan is van 9 tot 5. Je moet ook in de weekenden beschikbaar zijn.
Dhr. Schoevaars (VVD) voegt hieraan toe dat parttime werken voor mensen die een eind verantwoordelijkheid dragen niet voor de hand ligt. De inzetbaarheid van parttimers is beperkter. We moeten kwalitatief sterke wethouders hebben. Het leidt geen twijfel dat wanneer je driekwart functies aanbiedt, dit sterke kandidaten minder aantrekt.
Bovendien is er geen noodzaak om over te gaan op vier parttime wethouders. Met drie fulltimers kan het werk hier gedaan worden.
Dhr. Verstand (D66) vraagt zich af waarom deze discussie nu gevoerd moet worden. Hij is overigens van mening dat wanneer je met vier partijen in de coalitie gaat zitten, je wel met vier wethouders verder kunt. Dat komt de stabiliteit alleen maar ten goede.
Dhr. van den Elst (D66) voegt hieraan toe dat parttimers ook kwaliteit kunnen leveren. Hij is het wel met dhr. Schoevaars eens dat er draagvlak moet zijn voor het aanstellen van vier wethouders, anders moet je het niet doen.
Dhr. Beurkens (GroenLinks) is voorstander van vier parttimers, dan kun je de portefeuilles beter verdelen. De breedte van de portefeuilles is in deze gemeente behoorlijk.
Dhr. Schoevaars (VVD) merkt op dat het een kwestie is van efficiënt werken.

Dhr. Beurkens (GroenLinks) vraagt aan GB welke "vrijage" zij het meest interessant is, nu blijkt dat GB voor meerdere partijen een interessante partner is.
Mw. Van den Berg (GemeenteBelangen) geeft aan verheugd te zijn dat GB een interessante partner is. GB is niet in een positie om een grote broek aan te trekken.

Dhr. Erkens (PvdA) vraagt naar de wensen van D66 en GL wat betreft een coalitie.
Dhr. Van den Elst (D66) constateert dat de verkiezingen een verschuiving te weeg heeft gebracht. Hij leest heel veel zinnige dingen in de programma’s en denkt dat het allemaal heel dichtbij elkaar zit. D66 wil daarom een informateur zetten op het proces om deze de mogelijke coalities te laten onderzoeken.
Dhr. Erkens (PvdA) geeft aan dat dit meer iets zegt over de procedure en niet over de visie van D66 op een coalitie.
Dhr. Van den Elst (D66) geeft aan dat D66 wil insteken op basis van de verkiezingsuitslag. Wat betreft D66 zijn alle combinaties mogelijk. VVD is de grootste en D66 is de winnaar. Op basis daarvan heeft de VVD het voortouw genomen.
D66 vraagt echter om een andere procedure aanpak.
Mw. Van Gerwen (GroenLinks) reageert op de vraag van de PvdA en merkt op dat het belangrijk is om rustig de tijd te nemen en zolang als nodig is met 6 partijen te praten. En dan ook te praten over de inhoud en de financiële onderbouwing daarvan. Ze kiest voor deze insteek juist omdat er een grote verantwoordelijkheid rust bij de partijen en vanwege het verwachte zware weer dat opkomst is.
Mw. Pols (VVD) gaat in op de wens van D66 om een formateur aan te stellen. Dat is in deze gemeente slechts één keer gebeurd en dat was in oktober 2004 nadat het college zijn ontslag had ingediend. Dat is de enige keer dat dit hier gebeurd is. Na de verkiezingen is het altijd de usance geweest dat de grootste partij het voortouw neemt in de coalitieonderhandelingen.
Dhr. Schoevaars (VVD) geeft aan dat het van belang is om te komen met een sterk college en tot heldere uitspraken over de te maken keuzes. Lang aan tafel zitten is niet in het belang van de burger. Hij heeft geen behoefte aan een formateur. Het zou een brevet van onvermogen zijn, als we er zelf niet uit kunnen komen. Er zijn geen uitzonderlijke of moeilijke omstandigheden die ertoe nopen een formateur aan te stellen.

Dhr. Van den Elst (D66) merkt op dat dhr. Erkens in zijn betoog eerst aangaf dat D66 of GL een mogelijke vierde partij zouden kunnen zijn. VVD noemde D66 niet als mogelijke coalitiepartner, hoe moet hij dit duiden.
Dhr. Schoevaars (VVD) zegt dat hij meer overeenkomsten ziet met PvdA en CDA. Bovendien blijft hij erbij dat een stem van D66 niet zwaarder weegt dan een stem van één van de andere partijen, enkel omdat D66 de winnende partij is.
Dhr. Beekhuizen (PvdA) vraagt waarom er door D66 niet over PvdA wordt gesproken als mogelijke coalitiepartner.
Dhr. Van den Elst (D66) geeft aan dat dit niet bewust is gebeurd, ook met de PvdA ziet D66 raakvlakken. Juist doordat alle partijen wat betreft programma’s zo dichtbij elkaar liggen, is het van belang om een formateur aan te stellen om mogelijke combinaties te onderzoeken.

Afspraken

Mw. Pols
(VVD) geeft aan te voelen voor de suggestie van mw. Van Gerwen om rustig de tijd te nemen voor de vervolg stappen. Morgen of overmorgen zal zij contact opnemen met de fractievoorzitters om haar interpretatie van dit plenaire gesprek met hen te delen en de vervolgstappen aan te geven.

De suggestie van GL om speerpunten en bezuinigingspunten op een A4 te zetten en naast elkaar te leggen met een financiële onderbouwing, vindt geen steun bij de VVD, GB, PvdA en CDA.
Dhr. Schoevaars (VVD) merkt op dat het een illusie is om te denken dat je dit goed kunt opzetten. Dat is werk voor het college. Daarom is het een onmogelijke exercitie.
Dhr. Leeuw (CDA) is het daarmee eens en heeft voldoende info uit de programma’s kunnen halen om een inhoudelijke discussie te kunnen voeren. Het college rekent de uitkomsten dan later door.
Dhr. Erkens (PvdA) merkt op dat hij geen centraal planbureau achter zich heeft staan en het dus een onmogelijke opgave is om dit verantwoord te doen. Hij kan wel programma’s hergroeperen en nogmaals de speerpunten aangeven.
Mw. Van den Berg (GemeenteBelangen) geeft aan dat ze er eveneens niet toe in staat zijn, zeker niet op zo korte termijn.

Mw. Pols (VVD) merkt op dat alles wat hier gezegd is, openbaar is en dat het partijen vrij staat hierover op hun website te berichten. Het verslag zal eveneens openbaar zijn.

6.

Sluiting.

Mw. Pols sluit de vergadering om 21.40 uur en dankt een ieder voor zijn inbreng.

Ga terug naar de nieuwspagina


 

De toespraak van Marleen Meertens tjidens ingebruikname stemhulp

"Mevrouw de Staatssecretaris, mijnheer de Burgemeester, geachte aanwezigen.

Laat ik beginnen met te zeggen dat een zeer tevreden en blij mens voor U staat. En daar is alle reden toe.

Tevreden dat vandaag de Staatssecretaris hier is om de eerste stemhulp voor blinden en slechtzienden te presenteren, terwijl ik enige weken geleden de kans nog niet erg hoog inschatte dat dit zou gebeuren. En vooral blij omdat voor mij weer duidelijk is geworden dat het ergens voor gaan en staan in deze samenleving echt tot mooie resultaten kan leiden!
De oorsprong ligt een paar maanden terug: Mevrouw Bijleveld was hier voor een heel ander onderwerp te weten: het bevorderen van een regelarme overheid, waarvoor onze Burgemeester ambassadeur is. En dan heeft de Gemeente Renkum een Raadslid, dat het bevorderen van een regelarme overheid wel heel letterlijk neemt, en voorbijgaand aan alle protocol, de Staatssecretaris, als zij over de gang richting de persruimte wandelt, aanschiet. Door ons beider aanwezigheid ziet U wel dat U dat "aanschieten"niet te letterlijk hoeft te nemen.Ik vroeg de staatssecretaris of ik haar één minuut mocht spreken over een probleem voor velen, dat mij zeer na aan het hart ligt. Dames en heren, ik kan U vertellen, dat zowel de reactie van de Staatssecretaris als van de Burgemeester hartverwarmend was: Ik kreeg alle gelegenheid om mijn verhaal te doen.

Ik vroeg haar aandacht voor het feit dat met de beslissing om op 3 maart wederom met het rode potlood te gaan stemmen, de zelfstandigheid van blinden en slechtzienden ernstig zou worden aangetast bij het uitbrengen van hun stem.
Buitenstaanders tillen hier misschien niet zo zwaar aan. Er zijn toch immers genoeg mensen die best bereid zijn om een blinde behulpzaam te zijn? Maar dat miskent, met alle goede bedoelingen van die buitenstaanders, het feit dat een volwaardig burgerschap met zich meebrengt dat zo min mogelijk sprake moet zijn van afhankelijkheid.

Het is dat volwaardig burgerschap waarvoor ik probeer als Raadslid op te komen: het is de leidraad van mijn politiek denken en handelen.

Volwaardig Burgerschap:
Het is de toverformule om niet ongewild achter de geraniums te verdwijnen. Het is de toverformule om het effect van Sociale Uitsluiting tegen te gaan. Want volwaardig burgerschap schept mogelijkheden tot volledige participatie in de samenleving- wie we ook zijn, waar we ook vandaan komen en waar we ook naar toe op weg zijn.
Let wel: sociale uitsluiting van mensen, om wat voor reden dan ook, maakt dat wij als maatschappij ook hun input en talenten moeten missen, hun creativiteit om met de problemen om te gaan. De maatschappij verarmt als zij niet ook volwaardig mee kunnen doen.

Volwaardig burgerschap: betekent dat iedereen die mogelijkheden krijgt aangeboden om zo goed mogelijk mee te doen in de maatschappij. Dat wij kunnen kiezen uit een verschillende mogelijkheden. Maar die keuzes moeten we wel zelfstandig en onafhankelijk kunnen maken....

Dat geldt uiteraard ook voor blinden en slechtzienden. En het geldt wel heel letterlijk voor het zelfstandig kunnen aangeven van de keuze voor een partij en persoon op je eigen stembiljet.

Met deze stemhulp, mevrouw de Staatssecretaris, geeft U deze groep mensen terug wat zij dachten alweer verloren te hebben toen het rode potlood het elektronisch stemmen verving. U biedt hen opnieuw de mogelijkheid onafhankelijk en met bewaren van het stemgeheim te kunnen stemmen. Dit is, denk ik, niet alleen een beslissing die genomen is met het verstand, maar wellicht ook vanuit het hart. En als U ‘aanschieten' in de wandelgangen daar een kleine rol in heeft meegespeeld, dan ben ik daar zeer dankbaar voor.

Mevrouw Bijleveld, 3 maart 2010 zal zeker in Het Schild, dit centrum, onthouden worden als een dag waarin volwaardig burgerschap leidend is geweest. En dan leidend met een korte ei. Ik wil afronden met één zin, en wel de volgende : Ik hoop van ganser harte dat uw volgende stap zal zijn dat in 2011 bij de landelijke verkiezingen, alle visueel gehandicapten ditzelfde voorrecht zullen genieten.

Dank U wel."

Ga terug naar de nieuwspagina


Motie 'Aanpassing tarieven WMO'

VVD Fractie Hageman

De raad van de gemeente Renkum, in vergadering bijeen op 27 januari 2010:

Overwegende :
dat personen met zwaardere beperkingen in de gemeente Renkum de kans moeten behouden om de benodigde zorg zoveel mogelijk conform de eigen wensen in te vullen;
dat in het "Besluit Voorzieningen Maatschappelijke Ondersteuning Gemeente Renkum 2010" een tarief wordt voorgesteld van € 15.- per één uur per week huishoudelijke hulp bij toepassing van het persoonsgebonden budget.
dat dit tarief geen rekening houdt met mensen met een relatief zware handicap die meer nodig hebben dan puur hulp bij het schoonhouden van het huis, de zogenoemde poets hulp.
dat hierdoor het risico aanwezig is dat een deel van deze gehandicapten louter vanwege financiële redenen afzien van een PGB en overgaan tot zorg in natura.
dat dit de keuzevrijheid, zo essentieel voor de Wmo, te zeer aantast.
dat het Zorgloket in staat geacht moet worden die gehandicapten te indiceren die extra zorg behoeven

Draagt het college op:
artikel 8 lid 2 onder 3 zodanig te redigeren dat, naast een algemeen tarief van € 15.- voor 1 uur/week huishoudelijke hulp, er een tarief van € 17,20, voor 1 uur per week huishoudelijk hulp wordt vastgesteld voor degenen die door het Zorgloket als zwaarder gehandicapt worden geïndiceerd.

En gaat over tot de orde van de dag,

Mevrouw M. Pols- Houpt (VVD fractie)
De heer H.Hageman (fractie Hageman)

Ga terug naar de nieuwspagina


Motie aanpassing amendement eindejaarsuitkering minima 2010

VVD CDA D66 Fractie Hageman

Motie : rechtsgeldige uitvoering aangenomen amendement "eindejaarsuitkering 2010"

De Raad van de gemeente Renkum, in vergadering bijeen op 27 januari 2010.

Overwegende:
dat de Raad op 4 november 2009 unaniem een door de VVD en de Fractie Hageman ingediend amendement heeft aangenomen waarbij aan de categorie inwoners, die in 2008 een eindejaarsuitkering van € 50.- ontvingen, eveneens in 2010 eenzelfde eindejaarsuitkering wordt toegekend, dat de eindejaarsuitkering in 2008 was gebaseerd op een regeling "eindejaarsuitkering voor alle gemeenten"; voor de uitkering 2010 is dit niet het geval, dat gebleken is dat onverkorte toepassing van het amendement niet mogelijk is omdat inkomensbeleid voorbehouden is aan het Rijk, dat het gewenst en mogelijk is aan de intentie van het amendement tegemoet te komen met toepassing van een wijziging van de "Verordening bijdrageregeling sociale en  culturele en maatschappelijke activiteiten en gemeentelijk inkomensondersteunend beleid", hierna te noemen: "Verordening Bijdrageregeling", dat een zodanige wijziging moet worden vastgesteld door de Raad.

Draagt het College op:
1.aan de Raad een wijzigingsvoorstel van de "Verordening Bijdrageregeling" voor te leggen, en dit op een zodanig tijdstip dat behandeling van dit voorstel door de Raad op 17 februari 2010 kan plaatsvinden,
2.het wijzigingsvoorstel dient te voorzien in een extra lid 1a van artikel 5, in welk lid wordt bepaald dat eenmalig, en beperkt tot het jaar 2010, de hoogte van de bijdrage, als vermeld in lid 1 van artikel 5, wordt vastgesteld op maximaal € 192.- per persoon.
3. het in de vastgestelde Begroting 2010 beschikbare bedrag voor de eindejaarsuitkering aan te wenden voor de uitgaven die voortvloeien uit de toepassing van artikel 5 lid 1a.

En gaat over tot de orde van de dag

Handtekeningen:

Mevrouw M.Pols Houpt (VVD)
De heer B. Leeuwis (CDA)
De heer P. Minderhoud ( D66)
De heer H. Hageman ( Fractie Hageman).

Ga terug naar de nieuwspagina


Over de stemhulp

Het ministerie van BZK heeft in overleg met de belangenorganisatie Visiris opdracht gegeven tot het ontwikkelen van een middel waarmee blinden en slechtzienden zelfstandig hun stem kunnen uitbrengen. Het ontwerpbureau Indes heeft daarvoor meerdere prototypen ontwikkeld die de afgelopen periode zijn getest. Enerzijds betrof dit een universeel toepasbare mal (een telhulp die bij alle verkiezingen kan worden toegepast) waarin het stembiljet wordt gelegd en waarbij de kiezer door het tellen van de kolommen en de rijen de kandidaat van zijn voorkeur kan lokaliseren. Anderzijds een mal die specifiek voor elke verkiezing wordt ontwikkeld maar die verder op vergelijkbare wijze werkt. Van beide mallen vindt u plaatjes in bijgevoegd document. Uit de testen is gebleken dat de doelgroep het best overweg kan met het universele model.

Het prototype dat recent is getest moet echter nog wel worden aangepast met een aantal bevindingen uit de testen om de gebruiksvriendelijkheid ervan te verbeteren. Toepassing van het universele model vergt een speciale opmaak van het stembiljet. Met name dienen hokjes met namen van kandidaten dezelfde hoogte te hebben en is het niet mogelijk om de lijsten om en om te laten inspringen. Dit laatste punt in vanuit het op basis van de wetgeving voorgeschreven model een probleem maar het ministerie van BZK heeft hierover overleg gepleegd met de Kiesraad en deze heeft er geen problemen mee als er bij de komende gemeenteraadsverkiezingen in de gemeenten waar de stemhulp beschikbaar wordt gesteld met een aangepast stembiljet wordt gestemd.

In overleg met de belangenorganisatie Visiris is besloten de gemeenten Ermelo en Renkum te benaderen met de vraag of zij bereid zijn mee te werken in het kader van de komende gemeenteraadsverkiezingen. Dit vanwege de woonvoorzieningen voor blinden die in deze gemeenten zijn. De stemhulp zou idealiter in een stemlokaal in of dichtbij deze voorziening beschikbaar moeten zijn.

Het gebruik van de stemvoorziening vereist dat de kiezer op de hoogte is van de kolom en plaats op de lijst van de kandidaat van zijn voorkeur.

Uiteraard kan de (blinde) kiezer dit vooraf aan een vertrouwenspersoon vragen maar met het oog op het stemgeheim is het wenselijk dat de kiezer zich hierover zelfstandig kan informeren. Het ministerie van BZK wil hierin voorzien door de kandidatenlijsten van de betreffende gemeenten via de zogenaamde Kiestelefoon afluisterbaar te maken. De Kiestelefoon is ook bij de afgelopen Europese Parlementsverkiezingen beschikbaar geweest. Visiris zal als belangenorganisatie via haar eigen leden en via andere geschikt kanalen kenbaarheid geven aan de Kiestelefoon.

Aan de inzet van de stemhulp zijn in dit stadium voor de gemeente in principe geen kosten verbonden. Wel zal de gemeente bij de opmaak van het stembiljet zich aan bepaalde richtlijnen moeten houden die met name betrekking zullen hebben op de breedte van de kolommen voor de verschillende lijsten en de hoogte van de vakjes van de kandidaten.

Ga terug naar de nieuwspagina


Voorzitter,

Ondanks het feit dat ik een beknotten van de spreektijd niet aanvaardbaar vind, moet ik constateren dat zelfs op basis van 30 minuten per woordvoerder met 7 fracties plus reacties, en daarbij opgeteld een tweede termijn, dat tijdstip van 19 uur einde verhaal een utopie is.
Gelukkig verkeer ik in de prettige omstandigheid dat ik niet alleen namens de VVD fractie het woord voer, maar ook namens fractie Hageman en dat ik de daarvoor beschikbare spreektijd van 2 x 30 minuten niet zal volmaken. Daar hebt U dan weer een meevaller aan.

Ik heb mijn vorige teksten nog eens nagekeken en gezien dat ik telkens ben begonnen met de woorden: Ergens in de lucht tussen X en Y.....,

Wel ook deze keer was dit weer het geval maar dan op een virtueel scherm in een virtuele lucht, namelijk op Buienradar. Dan valt het op dat je je vaak rijk rekent omdat de bui nog boven Engeland ligt en je dan denkt dat die daar wel lekker lang zal blijven liggen, maar de realiteit is dat die bui razendsnel op je afkomt. Daar moet je terdege rekening mee houden.
En zo is het met de begroting en de meerjarenbegroting ook.

Voorzitter, alvorens enige specifieke punten uit najaarsnota en begroting te bespreken een kleine tussenstap. De huidige begrotingsvergadering is toch een wat bijzondere.

We hebben bijna het einde bereikt van deze raadsperiode. De VVD acht het dan ook zinvol zich niet alleen te beperken tot de najaarsnota 2009 maar tevens in het kort enige opmerkingen te maken over de raadsperiode als geheel. Deze summiere terugblik is ook zinvol met het oog op de komende jaren.

Gezegd zou kunnen worden dat het coalitie akkoord op hoofdlijnen is gerealiseerd en dat kan niet alleen worden gezegd, maar ook worden verdedigd. Echter, dit mag allemaal waar zijn, er zijn ook de nodige kanttekeningen bij te plaatsen.
In de eerste plaats zijn er nog te veel nota's geproduceerd die wijdlopig van aard zijn, die een heldere analyse van de problematiek ontberen, en evenmin alternatieven aangeven. Om nog maar te zwijgen over de niet al te professionele uitvoering van dat beleid in de dagelijkse praktijk.

Het ontbrak nogal eens aan de noodzakelijke zakelijkheid, één van de vier kernbegrippen uit het coalitieakkoord.
Het is niet voor niets dat onder leiding van de Burgemeester het verbetertraject is opgepakt genaamd "Samenwerking in dualiteit in een slanke en slagvaardige organisatie."
De VVD wil nog eens herhalen: een ingrijpende verandering ten aanzien van procedures, processen en protocollen is nodig. Wij verwachten dan ook veel van het verbetertraject.

Ook begrijpen wij dat doorvoering van dit traject in de organisatie als geheel tijd vergt, zeker twee tot drie jaar.

Wel wil de VVD heel nadrukkelijk opmerken dat in dit traject het aspect cultuuromslag als zelfstandig gegeven niet in de verdrukking mag komen. Bij cultuuromslag gaat het om een houding, om een gedrag, waarvan de verandering geen uitstel duldt maar bij wijze van spreken morgen moet of kan beginnen.

Ik zeg dit zo nadrukkelijk omdat in de laatste raadsvergadering opnieuw bleek dat het onderscheid tussen beide begrippen onvoldoende over het voetlicht kwam.

Waar de VVD een zekere teleurstelling uitsprak over het feit dat in de reactie van het College op het BOL rapport, te weinig de cultuuromslag aan bod kwam, had het er alle schijn van dat de voorzitter dit ervoer als onterechte kritiek op het verbetertraject.

Dat laatste is onjuist.

De VVD blijft er echter bij dat, wil de cultuuromslag op gang komen dit ook tot uitdrukking moet komen in het personeelsbeleid. Met name die medewerkers die menen geen boodschap te hebben aan de noodzakelijke gedragsverandering, dient de wacht aangezegd te worden.
In het coalitieakkoord is ook de opdracht opgenomen om actief naar onze inwoners te luisteren. Het is ontegenzeggelijk waar dat door het college veel inspraak mogelijk wordt gemaakt. Maar de VVD wil hier toch twee kanttekeningen bij plaatsen.
Het gebruik maken van de deskundigheid van individuele burgers bij de voorbereiding van beleidsvoorstellen is niet van de grond gekomen en dat betreurt de VVD ten zeerste.
En vanwege de kosten en vanwege het feit dat de kans daardoor gemist wordt burgers te betrekken bij de publieke zaak.

Overigens heeft de VVD gemerkt dat niet alle fracties aan het horen van burgers de hoogste prioriteit geven. Ik wijs hierbij op de behandeling van het initiatiefvoorstel van de VVD, waarbij werd voorgesteld alle burgers te raadplegen over de vraag of de duobak al dan niet gehandhaafd moest worden.

Voorzitter, een ander aspect van belang bij de beoordeling van de afgelopen jaren vormt het duale stelsel.
Tot op de dag van vandaag wordt het duale stelsel door de fracties uit deze raad niet in gelijke mate gepraktiseerd. Ontegenzeggelijk hebben de PVDA en GL een nauwere relatie met hun wethouders dan de VVD die heeft. De fractievergaderingen van de VVD vinden zonder uitzondering plaats zonder wethouder. Immers, een fractieberaad waar de wethouders bijzitten riekt nog naar het verleden en is alles behalve duaal. En het is ook niet voor niets dat van het begin af aan door mijn partij is aangedrongen op het niet vermelden van de politieke achtergrond van de wethouders.

Voorzitter, de betekenis die de VVD hecht aan het duale stelsel is ook in de afgelopen maanden nadrukkelijk tot uiting gekomen.
Laat ik vooropstellen dat de VVD geen enkele afspraak met de coalitiegenoten heeft geschonden.
Echter juist vanwege een goede doorvoering van het duale stelsel beoordeelt de VVD de inbreng van de partijen die geen wethouder hebben geleverd op hun inhoud en dus niet aan de hand van de vraag of zij al dan niet coalitiepartner zijn. Dit is ook in 2009 meerdere malen gebleken. Ook op dit punt heeft de VVD zich politiek volwassen getoond

Voorzitter, een ander onderwerp dat van jaar tot jaar door de VVD aan de orde is gesteld, en dit zal ongetwijfeld ook in de komende jaren het geval zijn, is de noodzaak te komen tot een ranke en slanke organisatie. Op dit terrein is nagenoeg niets bereikt. Bij de behandeling van de begroting 2010 kom ik daar nog op terug.

Ik wil hier aan toevoegen dat met alle waardering voor het ingezette verbetertraject, hieraan geen excuus ontleend mag worden om afslanking uit te stellen.

Onze coalitiegenoten gaan op dit punt minder ver dan de VVD.
Dit geldt zeker voor GL, hetgeen wordt onderschreven door de opmerking van deze fractie dat de aanvaarding van het amendement over de voorjaarsnota niet alleen spijtig was, maar eigenlijk ook schandalig (bladzijde 194 van het goedgekeurde verslag)

Deze term acht de VVD volstrekt ongepast want men gaat volledig voorbij aan het feit dat de indieners van het amendement geen tegenstander waren van het uitbreiden van de formatie bij bepaalde afdelingen, als dit maar elders gecompenseerd werd.

Voorzitter, uit de behandeling van dit amendement op de voorjaarsnota bleek overduidelijk dat niet alleen het college maar ook de Raad vanuit haar budgetverantwoordelijkheid, nadrukkelijk een rol heeft gespeeld als het ging om niet noodzakelijke uitgaven of herschikkingen binnen de begroting.
Met betrekking tot het onderwerp welzijn zijn er vorderingen gemaakt, die tot tevredenheid stemmen. Met name het afleggen van huisbezoeken vóórdat een beslissing wordt genomen over de mate van huishoudelijke hulpverlening achten wij een belangrijke verbetering.
Minder tevreden zijn wij over de aanbesteding die dit jaar heeft plaatsgevonden en het effect hiervan op de kwaliteit van de dienstverlening.

Samenvattend: Vele dingen zijn redelijk goed gegaan.
Maar er is ook sprake van onvolkomenheden: de VVD fractie zou dan ook willen volstaan deze raadsperiode met een kleine voldoende te belonen.


Voorzitter, een aantal specifieke opmerkingen over de najaarsnota. In de eerste plaats wordt het jaar 2009 naar het zich laat aanzien met een positief saldo van bijna 3 miljoen € afgesloten.
Dit mede door het in september dit jaar door de meerderheid van de raad aanvaarde amendement voorjaarsnota. Evenzeer valt te waarderen dat de voorgenomen bezuiniging ad 1,2 miljoen € over 2009 zal worden gehaald. Dit betekent dat in 2009 de positieve lijn van de afgelopen jaren wordt doorgezet.

Ten aanzien van de afzonderlijk posten wil mijn fractie het volgende opmerken:
In de eerste plaats betreft dat de post WMO. De reserve WMO omvat op dit moment € 225000 en de stelpost WMO 2009 laat op dit moment een bedrag zien van € 480000. Op grond van de nota reserves en voorzieningen wordt een bovengrens gehanteerd van € 500000, hetgeen er op neer zou komen dat € 205000 vrijvalt tgv de algemene middelen.

De VVD dient, samen met D66 en de fractie Hageman zal een amendement in om deze € 205000 toch toe te voegen aan de WMO reserve. En de VVD meent hier een heel goede reden voor te hebben. Wij willen uitdrukkelijk van de WMO geen 'open eind' regeling maken zoals de WAO vele jaren is geweest. Met andere woorden: Wij steunen de idee van een WMO fonds gevoed door de rijksmiddelen, waaraan geen euro extra wordt toegevoegd maar dan ook geen euro in mindering wordt gebracht. Dat vindt VVD verantwoord sociaal beleid en daar staan we voor.

De VVD wordt in deze opvatting nog versterkt door de gevolgen van het schrappen van de grondslag psycho sociaal in de AWBZ (zie pagina 19 begroting) Wil voor de burgers een zachte landing mogelijk worden gemaakt, dan zal in het overgangsjaar 2010 een beroep op WMO gelden noodzakelijk zijn en daarvoor is inzet van een deel van de WMO reserve onontbeerlijk.

Ter zake van de panden aan de Weverstraat 20/24 wil de VVD graag geïnformeerd worden over de laatste stand van zaken Ten aanzien van overdracht van de eigendom aan Vivare en wellicht kan het college nav de conferentie van afgelopen donderdag in de Rijnkom iets mededelen over de mogelijkheid het cultuur en ontmoetingscentrum Oosterbeek vanaf 2011 als Oosterbeeks steunpunt voor dit beleid een rol te laten spelen, b.v. via de activiteiten van de Bries. Immers, het Cultuur en ontmoetings centrum Oosterbeek kan bijdragen aan de realisering van Kulturhus concept dmv ontmoeting, recreatieve en culturele activiteiten met hierin een goed aanbod aan service ondersteuning en diensten dichtbij huis. Het College stelt ook voor het bedrag beschikbaar voor de derde fase afkoppelen hemelwater Bramstreeflandweg beschikbaar te houden. Er zijn regelmatig problemen gesignaleerd en het College wordt gevraagd ook op dit punt aan te geven of de oplossing voor dit probleem al naderbij is gekomen.

Voorzitter,

De VVD is van oordeel dat het overschot op de jaarrekening volledig gestort moet worden in een egalisatiefonds algemene uitkering. Hiertoe dient de VVD met het CDA, D66 en de Fractie Hageman een amendement in. Waarom dit amendement? Dat is heel simpel uit te leggen. Vanaf 2012, en waarschijnlijk al vanaf 2011, zal de gemeente te maken krijgen met een fikse korting van de algemene uitkering. Wij zullen alle zeilen bij moeten zetten om de gevolgen hiervan op een verantwoorde wijze op te vangen en dat is de grondslag van het amendement.

Wellicht zal de één of ander opmerken dat hiermee in strijd wordt gehandeld met de afspraak dat overschotten voor max 50% alsnog kunnen worden uitgegeven. Mijn fractie is van oordeel dat er in het geheel niet strijdig met die afspraak wordt gehandeld. Integendeel, de reservering in het fonds is uitdrukkelijk bedoeld voor het doen van uitgaven en wel voor 100%, maar dan in de jaren vanaf 2012.

Dit houdt tevens in dat in de maanden november en december zuinig moet worden omgesprongen met de financiële middelen en dat er geen onnodige overloopposten worden gecreëerd. Dit alles met het oog op een zo groot mogelijke storting in het egalisatiefonds algemene uitkering.

Voorzitter, ten aanzien van projecten grondexploitatie 2010. Hiermee gaan wij akkoord.

Voorzitter, Met betrekking tot de begroting 2010 en het meerjarenbeleid nadien, kan ik volstaan met een beperkt aantal opmerkingen en reeds nu aankondigen dat de VVD, met steun van andere fracties, een aantal amendementen ,alsmede een motie zal indienen, respectievelijk zal ondersteunen. We hebben het reeds gehad over een positieve uitkomst 2009. Ook de geprognosticeerde uitkomsten t/m 2013 laten positieve saldi zien.

Dit in het verlengde van de bestaande bezuinigingen uit de taken discussie, de maatregelen met betrekking tot de begrotingsscan, alsmede vanwege de taakstelling "trap-op-trap-af" vanaf 2011.

Het college geeft aan niet gekomen te zijn met voorstellen voor nieuw beleid 2010. Dit vinden wij een goed uitgangspunt, maar het betekent tevens dat ook enige terughoudendheid geboden is met het doen van beleidsvoorstellen in de komende maanden waarvan de gevolgen veel verder reiken dan maart 2010.

Voorzitter, Met betrekking tot de beleidsbegroting zoals verwoord in de pag. 9 t/m 104 wil de VVD een aantal kanttekeningen plaatsen. Ten eerste het voornemen van het college om onderzoek te doen naar de gevolgen van het schrappen van de grondslag psychosociaal probleem in de AWBZ.

Voorzitter, de VVD is met dit voorstel buitengewoon ontevreden. Al twee jaar staat vast dat het schrappen van deze grondslag grote gevolgen kan hebben voor de dagbesteding van groepen ouderen. De VVD had verwacht dat het College met panklare oplossingen zou zijn gekomen voor de situatie na 1 1 2010. Onderzoek is ons te traag en te weinig. De VVD zal dan ook binnen twee maanden met een initiatiefvoorstel op dit terrein komen.

Ten aanzien van de Ruimtelijke ontwikkeling zijn wij ter zake van het tempo, waarin bestemmingsplannen worden afgerond, tevreden.

Met betrekking tot de woningbouw wil de VVD nu reeds aankondigen zich in 2010 sterk te zullen maken voor in elk geval een minder rigide regeling dan de bekende 50/50, die op dit moment zeker voor wat betreft kleine bouwprojecten als een handicap gevoeld wordt.

Ten aanzien van de milieuvraagstukken is terughoudendheid geboden. Daar het hier veelal om vraagstukken gaat voor de wat langere termijn en het dus aan een nieuw College en een nieuwe raad is om zich daarover uit te spreken.

Ten aanzien van het programma veiligheid en leefbaarheid is reeds ingestemd met een overdracht van de brandweertaken. Het punt van de veiligheid en de verloedering baart de VVD nog altijd zorg. Veiligheid wordt door veel burgers ervaren indien het blauw in onze dorpen zichtbaar is. Dit is nu veelal niet het geval. De VVD vindt dan ook dat overleg moet plaatsvinden met de korpsbeheerder om hem in staat te stellen gedurende een aantal jaren een drietal extra agenten in onze gemeente te doen functioneren. Let op: hier gaat het niet om een formatie uitbreiding maar om een gedurende een aantal jaren beschikbaar stellen van budget. Op dit punt zullen wij met het CDA, D66 en de Fractie Hageman een amendement indienen.

Ten aanzien van de verloedering lijdt het geen twijfel dat menige burger zich buitengewoon ergert aan bv de rotzooi die zomaar op straat wordt gegooid. De VVD zal binnen enkele maanden een notitie locale boetes ter bestrijding van de verloedering aan de Raad aanbieden.

Met betrekking tot het verkeer wil het College extra geld ter beschikking stellen voor het onderhoud Benedendorpsweg. En, teneinde hierin te voorzien het onderhoud aan andere wegen in de tijd te verschuiven. Valt niet te verwachten dat de bewoners van die andere wegen hiertegen een fel protest zullen aantekenen en wat zegt U dan als College?

Voorzitter, als we praten over cultuur hebben we het ook over het behoud van cultuurhistorische waarden. De VVD hecht zeer veel belang aan het behoud van het gebied Zuiderbeek van de oude Oosterbeekse kerk. En wij gaan er zonder meer van uit dat het College onze opvatting deelt dat bijvoorbeeld verbouwingsplannen met betrekking tot het oude kerkje met de grootst mogelijke zorgvuldigheid moeten worden beoordeeld.

Een onderwerp van voortdurend gekrakeel vormt de renovatie van de Concertzaal. Het komt bij ons wel eens over alsof het College het nooit leert. Wij vinden dat in 2010 geen uitvoering gegeven kan worden aan de 2e fase indien het geluid en verkeersprobleem niet na overleg met de omwonenden tot oplossing is gebracht. Ten aanzien van het programma bedrijvigheid is de VVD verheugd over de voorgenomen herontwikkeling van industrieterreinen. Wel moet ons van het hart dat dit programma bij voortduring wel erg weinig aandacht krijgt. Om met een reclameboodschap van Gemser te zeggen: "Dat kan beter!!"

Voorzitter, over het onderwerp bestuur en organisatie heb ik reeds in begin van het betoog aandacht geschonken.

Ik wil hier dan ook volstaan met op te merken dat de ontwikkeling van de personeelsformatie in 2009 ronduit teleurstellend is. Immers per 1 jan 2009 bestaat de formatie uit 241 fte, per 31 december is deze 250, dus 9 fte er bij. Er is dus volstrekt geen sprake van welke afslanking dan ook. In onze ogen is dit volstrekt onacceptabel. Nogmaals: de VVD is tegen een formatie uitbreiding en wil, gezien de onvermijdelijke teruggang in de algemene, uitkering de volgende jaren komen tot een geleidelijke afslanking van de formatie maar wel op een zodanige manier dat gedwongen ontslagen vermeden kunnen worden.

De VVD dient dan ook mede namens D66 en de fractie Hageman een amendement in om het P- budget met € 300.000,- te verminderen.

Voorzitter, de belastingdruk is uiteraard ook van grote betekenis. Voor de VVD is een belangrijk uitgangspunt dat de in de begrotingsscan geconstateerde hogere belastingdruk in onze gemeente tov de vergelijkbare gemeenten, omgebogen dient te worden. De huidige financiële positie van onze burgers vormt voor ons een extra reden om uitermate voorzichtig met verhogingen om te gaan.

De VVD heeft kennis genomen van een verlaging van de afvalstoffenheffing en stijging van het rioolrecht. Met deze veranderingen kunnen wij instemmen.

Heel anders ligt dat voor wat betreft de OZB heffing. Voorgesteld wordt om deze met 4,37% te verhogen, waarmee de bevriezing in 2009 alsnog ongedaan wordt gemaakt. Dit laatste achten wij om de eerder twee genoemde redenen niet acceptabel en zijn mede-indieners van het door het CDA amendement de verhoging van de OZB tot 1,75% te beperken.

Vz de financiële positie van de gemeente wordt toegelicht op de pag 112-116.

Zoals reeds eerder aangegeven laten de jaren 2010 t/m 2013 een positief saldo zien. Daarin zijn wel begrepen de gevolgen van de maatregelen in het verlengde van de begrotingsscan.
Het College stelt voor vanaf 2010 voor 400,000 euro te bezuinigen en van af 2011 voor 800.000.
Zoals reeds bij eerdere gelegenheden aangegeven achten wij deze taakstelling niet erg ambitieus.

De VVD kan zich vinden in het voorstel van het College voor 2010, met dien verstande dat wij de reductie van de subsidie van de Bibliotheek niet gewenst vinden.
Wij zullen op dit punt een amendement indienen.
In hetzelfde amendement zal ter compensatie worden voorgesteld de taakstelling met betrekking tot de posten "openbaar groen, gemeentelijke begraafplaatsen plus aula's alsmede beheer en onderhoud sport"in totaal met € 50.000,- te doen vervallen.

Tenslotte acht de VVD het gewenst in 2010 wederom een eindejaarsuitkering van € 50.- voor de minima te doen plaatsvinden. De VVD dient hiertoe een amendement in.

Voorzitter,
Het College en in elk geval de meerderheid van de Raad verdient waardering voor het tot nu toe gevoerde financiële beleid.

Als je de begroting 2010 en die voor de volgende jaren leest is er niets aan de hand. Niets is echter minder waar.
Hoewel het exacte bedrag uiteraard nog niet bekend is en wij hiervoor minstens tot mei 2010 zullen moeten wachten, zal de algemene uitkering hopelijk eerst vanaf 2012 maar waarschijnlijk al vanaf 2011 drastisch worden verminderd.

Ik heb reeds aangegeven dat dit voor ons een reden is om tot een egalisatiefonds algemene uitkering te komen.

De VVD vindt bovendien dat op korte termijn nagedacht zal moeten worden hoe wij grote bezuinigingen moeten kunnen opvangen.
Wij vinden dat dit college voorbereidend werk daartoe zal moeten verrichten en wij zijn niet voor niets mede indiener van de door het CDA ingediende motie waarin het College wordt opgedragen te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om in een aantal jaren bezuinigingen van 3 tot 5 miljoen € op te vangen.

Op die manier wordt vermeden dat het College zich gedraagt als die heer die 's morgens bij een fraaie ochtendzon gaat wandelen en bewust zijn paraplu thuislaat ondanks het feit dat hij weet dat over enkele uren een hoosbui zal losbarsten en dus duidelijk niet naar buienradar had gekeken.

Wij achten het raadzaam dat in mei a.s. een eindrapportage voorligt.
Die eindrapportage zal uiteraard voor de verantwoording komen van het nieuwe college maar dat zal hiertoe slechts in staat zijn indien het huidige college in hoge mate het voorbereidende werk heeft verricht.

En ik eindig met een uitspraak van Sulla een Romeins staatsman gewijd aan het College:
"Welke groot man wil er nu echt een gebaand pad?
Hoe ruwer het pad, hoe meer obstakels er liggen, des te meer satisfactie."

Tot zover in eerste termijn.

Terug naar de vorige pagina.


Voorzitter,

De agendapunten 6 a en 6 b liggen zodanig in elkaars verlengde dat naar mijn oordeel een afzonderlijke bespreking niet zinvol is. De notitie van het College bevat op een aantal punten van belang zijnde informatie maar is als geheel toch wat teleurstellend.

Vanwaar deze teleurstelling?

Naar het oordeel van de VVD wordt toch weer te veel vooruit geschoven naar de operatie de Visser en Geelkerken en dat terwijl ons inziens het College toch heel eenvoudig, helder en concreet, intussen had kunnen insteken op de aanbevelingen die in het BOL rapport zijn gedaan. Ten aanzien van het voorliggende commentaar zijn wij dan ook teleurgesteld over het gemis aan concrete oplossingen. Er zijn zes maanden voorbij gegaan sinds 18 maart en wij hadden gehoopt op een tussenstand met wat meer gerealiseerde veranderingen in het verlengde van de aanbevelingen.

De kern van onze teleurstelling is echter gelegen in de grote mate van vrijblijvendheid met betrekking tot de vereiste cultuuromslag. De reactie van het College is in hoge mate technisch van aard en het aspect "Cultuuromslag" komt maar heel magertjes aan de beurt.

En om die cultuuromslag ging het nu net.

Op 18 maart jl. ben ik nogal diepgaand ingegaan op de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de Raad en het College, en in het verlengde van het College: de gemeentelijke organisatie. Ik wil nogmaals onderstrepen dat er bij mijn fractie geen enkele behoefte bestaat aan rituele bezweringsformules in de zin van "we zijn al zo goed bezig" OF "als we maar respect voor elkaar hebben", enz. Ik gaf daarbij aan dat de Raad het hoogste orgaan van de gemeente is, belast met de kaderstelling en de controle.
Voorts is de Raad volksvertegenwoordiger. De Raad dient in een zo vroeg mogelijk stadium betrokken te worden bij het formuleren van de hoofdlijnen van beleid. De voorbereiding ligt bij het College, maar een betrokkenheid van de Raad in de beginfase is noodzakelijk om te voorkomen dat de Raad in het overgrote deel van de gevallen geconfronteerd wordt met panklare voorstellen die veel verder reiken dan de uitgangspunten. Dit tast in wezen het primaat van de Raad bij de kaderstelling aan. Dit lijkt een overbodige opmerking maar ook uit het onderzoeksrapport blijkt dat niet een ieder daar echt van overtuigd is. De VVD had gaarne gezien dat in uw reactie op dit belangrijke aspect was ingegaan.
Tevens heb ik op 18 maart een aantal opmerkingen gemaakt over het College. Met name wil ik nog eens wijzen op de inbreng van waarnemend burgemeester Eppie Klein, die naar ons oordeel uiterst verstandige opmerkingen maakte over hoe een College als geheel dient te functioneren. Ik zei in dit verband dat juist vanwege deze collegiale verantwoordelijkheid, het College het motto van de Musketiers, " een voor allen, allen voor één" in de praktijk moet brengen.

Voorzitter,
In maart jl. gaf ik eveneens aan dat de portefeuilleverdeling met zich meebrengt dat de wethouders als eerste verantwoordelijke zich in eerste instantie richten op hun eigen portefeuille, maar dat het van het grootste belang is dat zij, voordat er sprake is van een nadere uitwerking in beleids- of uitvoeringsnotities, er inhoudelijk een discussie plaatsvindt binnen het College over de daarbij te hanteren uitgangspunten. Daar wordt de eerste kwaliteitsslag gemaakt.
Ik stelde dat de leden van het College niet de gemakkelijkste weg moeten kiezen in de zin van: "Ik bemoei me niet inhoudelijk met het grootste deel van de voorstellen van de collega's, dit zeker niet zolang zij mij in hoge mate mijn gang laten gaan." De VVD had in de context van de cultuuromslag hier graag een reactie op gezien in de notitie van het College.

Voorzitter,
Het leidt voor mijn fractie geen twijfel, dat voor een goed functioneren van de gemeentelijke dienstverlening ook de gehele ambtelijke organisatie doortrokken dient te zijn van respect voor de functies van Raad en College. Laat ik het recht voor zijn raap zeggen: ambtenaren mogen zo nodig individuele raadsleden sufferds vinden maar dienen nooit in hun werkzaamheden te kort te schieten als het gaat om respect voor het instituut Raad. En het College heeft hierop dagelijks toe te zien. Wederom: ook met betrekking tot dit aspect had ik graag wat anders gelezen in de notitie van het College.

Voorzitter,
Uit mijn bijdrage mag U concluderen dat ik op hetgeen het College in de notitie heeft verwoord eigenlijk niet zoveel commentaar heb. Dit met één uitzondering : reeds enige malen heeft de Raad aangedrongen op de aanstelling van een "Juridische Controller" vergelijkbaar met de functie van een Concern Controller. Ook de VVD heeft geen behoefte naar nader onderzoek op dit punt we willen gewoon dat deze functionaris op korte termijn wordt aangesteld.

De teleurstelling van mijn fractie is, zoals U zult hebben begrepen veel meer gelegen in de terughoudende wijze waarop in de notitie is ingegaan op de noodzakelijke cultuuromslag, waarbij naar ons oordeel een aantal belangrijke veranderingen op dit punt bij wijze van spreken morgen kunnen worden ingevoerd.

Klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


a name="5">Geachte mevrouw Meertens,

In uw e-mail van 15 september 2009 informeert u mij over de wijze waarop kiezers met een visuele beperking in Duitsland zelfstandig kunnen stemmen bij verkiezingen. Ik dank u voor het toezenden van de informatie.

Tijdens mijn bezoek aan de gemeente Renkum op 9 september 2009 hebben wij gesproken over het stemmen door kiezers met een visuele beperking. Het stemmen met papieren stembiljetten is voor deze kiezers minder toegankelijk. Zij zijn aangewezen op het verlenen van een volmacht of het vragen om bijstand bij het uitbrengen van de stem. Hierdoor is het stemgeheim niet langer gewaarborgd. Daarvan ben ik mij bewust. Daarom onderzoek ik momenteel, in overleg met belangenorganisaties, of het mogelijk is om kiezers met een visuele beperking bij verkiezingen toch zelfstandig hun stem uit te laten brengen op een (aangepast) stembiljet. De oplossing die in Duitsland wordt gebruikt is mij bekend en wordt bij dit onderzoek betrokken.
De Tweede Kamer heeft recent een wetsvoorstel (Kamerstukken 2008-2009, 30569, nr. 8) aangenomen waarmee het mogelijk wordt gemaakt dat er meerdere typen stembiljetten zijn. Voordat de aangepaste wijze van stemmen door visueel gehandicapten zal kunnen worden toegepast bij verkiezingen, zal eerst een proef worden uitgevoerd. Ik kan u niet garanderen dat het al bij de komende gemeenteraadsverkiezingen mogelijk zal zijn voor kiezers met een visuele beperking om zelfstandig hun stem uit te brengen.

De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties
Drs. A. Th. B. Bijleveld-Schouten

Klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


Vooruit met die economie!<

Alain van de Haar van de Kamer van Koophandel, spreekt zich uit over het Nederlands ondernemersklimaat anno 2009.

Een jaar geleden, zelfs een half jaar geleden spraken we in Nederland van een voorspoedige economische groei. Met een lage werkloosheid, goede groeicijfers, een overschot op de rijksbalans en zeker op de middellange termijn van belang: een goed systeem van pensioenfondsen. Nederland stond internationaal te boek als één van de sterkste economieën. De financiële markt in Amerika werd weliswaar ook toen al hard getroffen, maar de verwachting was dat dit relatief eenvoudig langs ons af zou glijden. Dat denken we inmiddels niet meer.
Huidige crisis vergelijkbaar met de jaren 30?Sterker nog, er is sprake van een economische recessie die zich zo snel verdiept dat de premier van ons land deze al vergelijkt met die van de jaren dertig van de vorige eeuw, beter bekend als ‘de grote depressie'. He?? Anno 2009 verdienen we in Nederland met elkaar zo'n 200 keer meer dan in de jaren dertig! Dus, nu vergelijken met de jaren dertig? We kenden toen nog nauwelijks sociale voorzieningen en in ieder geval nog geen pensioenstelsel! Een andere relativering: in de werkloosheidsprognoses van het CPB is geen rekening gehouden met het feit dat de afgelopen jaren zeer veel Oost-Europeanen in Nederland zijn komen werken. Actuele cijfers zijn er niet, maar in 2007 waren dit er al ruim 100.000. Uiteraard worden tijdelijke dienstverbanden met buitenlandse werknemers het eerst ontbonden. Hoe triest voor deze mensen ook; zij zullen als eerste worden ontslagen en zullen terugkeren naar hun eigen land. Dat leidt weliswaar wel tot minder omzet, maar zal niet leiden tot de werkloosheidsexplosie waar het
CPB voor waarschuwt. Stel dat we twee jaar achter elkaar een krimp meemaken die het CPB voorspelt. Dan zijn we straks weer net zo arm als we in, zeg maar, 2003 waren. Kunt u zich dat jaar herinneren als een jaar waarin we het zo slecht hadden?
De winsten van de grote bedrijven staan onder druk. Zo wordt gemeld dat ook Heineken last heeft van de crisis, bijna 10% minder winst. Deze bedraagt nu slechts ruim een miljard... Op dezelfde dag meldt DSM ook een forse krimp van de winst in het laatste kwartaal. Over het gehele jaar is er echter niet alleen sprake van de winst, maar zelfs van een groei daarvan.


Het werkelijke beeld.
Is er dan niets aan de hand? Natuurlijk wel. De werkloosheid loopt licht op, de winsten staan in verschillende sectoren zwaar onder druk en er zijn vele bedrijven die het op dit moment heel moeilijk hebben. Maar deze worden niet geholpen door de constante stroom van onheilspellende berichtgeving in de media. Hierdoor verdiepen we de crisis in plaats van deze te verminderen. Want wat we in ieder geval van de huidige crisis hebben geleerd, is dat economie voor een belangrijk deel is gebaseerd op vertrouwen. En vertrouwen verhoog je niet door de hele dag door slecht nieuws verhalen te vertellen.
Welk verhaal moeten we dan vertellen? Vanuit de Kamer van Koophandel vinden we dat we Uw verhaal moeten vertellen. En om die reden voeren we elk kwartaal een onderzoek uit naar de mening van ondernemers. Dit onderzoek doen we onder andere met het CBS en VNO-NCW.
Het onderzoek gaat relatief eenvoudig: via een enquête worden landelijk 4.000 ondernemers naar hun toekomstverwachtingen gevraagd. In maart kwamen de resultaten daarvan naar buiten. Verwachtingen economisch klimaat Dit plaatje dat U nu ziet laat dus zien wat de ondernemers verwachten. En wat ziet u hier? De ondernemers zijn pessimistisch over de nabije toekomst. Er zijn ruim 50% meer bedrijven die een Ook hier weer: het zegt niets over het percentage
daling of stijging, maar alleen iets over het aantal bedrijven dat iets verwacht. U ziet hier dat de ondernemers voor het komende kwartaal relatief negatief zijn, met uitzondering van de dienstensector en de agrarische sector. Overigens: Nederland is vooral een dienstenland, de meeste werkgelegenheid zit daar. Hierbij is de vraag aan de bedrijven geweest of zij verwachten het komende kwartaal mensen aan te zullen nemen of af te laten vloeien. En ook hier weer het beeld: men is in het algemeen voor de komende drie maanden niet positief. Met een bijzondere uitschieter in de detailhandel, die we niet echt kunnen plaatsen. Maar is dit het volledige verhaal? Het is overduidelijk dat we nu in een recessie zitten, en ook al weten we niet hoe lang die gaat duren, één ding weten we zeker: hij zal weer overgaan. En ik weet niet of Bernankie gelijk krijgt dat de VS al voor het einde van dit jaar de weg omhoog zal vinden. Wat ik wel weet is dat de langste recessie ooit in Nederland 18 maanden was, waarvan er al 7 om zijn. Dus hoe dan ook: het is reëel om te verwachten dat deze niet langer dan nog circa een jaar zal duren. Dus, nee, dit is niet het volledige verhaal. Want alleen dit verhaal vertellen verdiept de crisis, drukt het vertrouwen nog verder weg. Daarom moeten we een toekomstgericht verhaal vertellen. Een verhaal met het aanpakken van de problemen van nu, voorsorterend op de kansen die nu al bestaan, en de komende jaren weer zullen groeien. Want die landen die het beste voorsorteren op komende ontwikkelingen zullen als eerste weer aanhaken bij het aantrekken van de economie.

Investeer!
Pak het eerst die sectoren aan die het op dit moment echt moeilijk hebben. Dat zijn op de eerste plaats die bedrijven die voor hun opdrachten afhankelijk zijn van kredieten: de bouwsector en daaraan gerelateerde sectoren. De publieke sector kan deze sectoren ondersteunen door opdrachten naar voren te halen. Dat geldt niet alleen voor gemeenten, provincies of Rijk, maar ook voor woningcorporaties die over het algemeen in een relatief luxe situatie zitten. In Rotterdam financiert bijvoorbeeld het  ontwikkelingsbedrijf (OBR) inmiddels de meeste grote bouwprojecten in de stad, omdat private financiering nauwelijks meer lukt.

Kansen op allerlei fronten!
We weten nu al dat energie de komende jaren fors duurder zal worden. Realiseer dan versneld de windparken, zorg dat op alle daken zonnepanelen komen te liggen. Zorg dat verouderde woningen versneld worden geïsoleerd. Realiseer vernieuwende energiecentrales. Dat helpt de economie nu op gang en zorgt dat op het moment van stijgende prijzen de mensen er minder last van hebben en daarmee op termijn meer besteedbaar inkomen hebben. Dat helpt ook om Nederland een innovatievoorsprong te geven in een sector waarvan we nu al zeker zijn dat dit één van de grote groeisectoren van de nabije toekomst kan zijn. Met andere woorden; investeren nu, levert een langdurige voorsprong op waar we op allerlei mogelijke manieren van zullen profiteren.

Nederland distributieland.
Wat we ook zeker weten is dat transport en logistiek voor Nederland als doorvoerland altijd belangrijk zal blijven. We weten ook dat als de economie ook maar een beetje aantrekt de files direct weer fors zullen groeien. Prima dat we allerlei afspraken maken over mobiliteits-management, maar elke verkeerskundige weet dat uiteindelijk de grote verkeersknooppunten alleen opgelost worden door forse investeringen zowel in rail, water, maar zeker ook op de weg. De knelpunten zijn allang bekend: laten we juist nu deze eens voortvarend oplossen. Dit levert nu meer werkgelegenheid op en bespaart bij een aantrekkende economie.
En als regelgeving ons daarbij in de weg staat, pas die aan: regels zijn bedoeld om ons het leven te veraangenamen en niet om ontwikkelingen waarvan we donders goed weten dat die noodzakelijk zijn, jarenlang te vertragen.

Kredietverstrekking
Nog steeds wordt gesteld dat er nog voldoende kredieten worden verstrekt. Dit is niet waar. Er zijn door centrale directies van banken opdrachten verstrekt om afscheid te nemen van klanten omdat die te weinig rendement opleveren. Vaak trouwe klanten die jarenlang netjes aan hun verplichtingen hebben voldaan. Er zijn volledig gezonde bedrijven die geen krediet krijgen om een benodigde investering te doen. Er zijn bedrijven die door veranderende betalingstermijnen in de problemen komen. Zo maar een voorbeeld: een toeleverancier krijgt per brief de melding dat de betalingstermijn per direct wordt opgerekt van 60 naar 90 dagen. Dat betekent concreet dat dit bedrijf twee ton extra overbruggingskrediet nodig heeft. Een krediet dat hij vervolgens niet bij zijn bank krijgt ...
Hier ligt een opdracht voor de overheid die, nu ze weer een staatsbank hebben, zelf kredieten kunnen verstrekken. Die juist door de zwakte van de banken, afspraken met de banken kunnen maken, ze kunnen dwingen tot kredietverstrekking. Maar ook een fatsoenlijk betaalgedrag zou al helpen. Nederlandse overheden horen in Europa tot de slechtst betalende klanten. Binnen twee weken een factuur voldoen, zou het normale gedrag moeten zijn. Hier ligt overigens niet alleen een opdracht voor de overheid, maar zeker ook voor de bedrijven. Er zijn inmiddels te veel voorbeelden van grote afnemers die hun betalingstermijnen oprekken en daarmee hun toeleveranciers in problemen brengen. Laten we ook als bedrijfsleven afspreken dat we onze eigen problemen niet doorschuiven naar de collega-bedrijven. Laten we fatsoenlijke betalingstermijnen hanteren, in plaats van toeleveranciers in onmogelijke problemen te brengen.

Duurzame consumptiegoederen
De automotive-sector heeft het moeilijk. In de hele wereld is de productie sterk gedaald. En denk niet dat dit alleen een Duits probleem is. Ook in Nederland wordt een fors deel van onze industrie hierdoor geraakt. En daarnaast is Duitsland als onze grootste exportmarkt van zeer groot belang voor onze economie. De oude uitdrukking van ‘als het regent in Duitsland, druppelt het in Nederland' is nog steeds zeer waar.
Het idee om oude auto's met een bonus in te mogen ruilen voor nieuwe(re) auto's zou daarbij omarmd moeten worden. Dit versterkt immers de vraag en helpt gelijk om extra vervuilende auto's snel van de weg te krijgen. In Duitsland heeft dit geleid tot 20% meer autoverkoop terwijl in de rest van Europa sprake was van een sterke daling. Help daarnaast de sector in de omschakeling naar schonere motoren. De tweede grote markt van duurzame consumentengoederen waarin het echt sappelen is, is de huizenmarkt. Daarbij zijn overigens wel enkele kanttekeningen te maken. Ten eerste is er in Nederland nog steeds, in tegenstelling tot veel buitenlanden een woningschaarste. De kans dat huizen in Nederland sterk in prijs zullen dalen, is dan ook relatief klein. We kunnen dan ook zomaar de komende jaren verwachten dat de hypotheekrente fors zal zakken, omdat buitenlandse financiële instellingen de veiligheid van onze markt zullen herkennen en hun geld juist in zo'n markt zullen willen onderbrengen. Het Rijk beschikt door de bijzondere financiële situatie over een uitstekende uitgangspositie om hier versneld afspraken over te maken. Dit zal de markt weer in beweging brengen.
En als we dan die volstrekt scheefgegroeide overdrachtsbelasting afschaffen, of in ieder geval fors verlagen, zal dit een extra slinger geven.
Naast deze maatregelen om de sectoren te steunen die op dit moment het hardst worden getroffen, is ook een lange termijn visie op de economische toekomst van Nederland nodig.
Een visie met een juiste mix tussen oplossen van de problemen van nu, gebruik makend van onze sterkten, aanpakkend van die zaken waarop we minder scoren en wetende wat de komende problemen zullen zijn. En die grote problemen kennen we. We wachten er dan ook eigenlijk alleen nog maar op dat
dit verhaal door de politiek wordt verteld. En niet alleen met een juiste analyse, maar ook met een juiste aanpak.


Demografische ontwikkelingen in de toekomst.
De komende decennia zal de beroepsbevolking krimpen. Hoe gek dat indeze tijden ook klinkt, er zullen grote tekorten op de arbeidsmarkt ontstaan. En dat
is geen aanname maar een wiskundige zekerheid: met de vergrijzing en ontgroening zal de potentiële beroepsbevolking gaan dalen. De technische sectoren hebben hier al lange tijd last van. Zorg zal daar in zeer stevige mate bij komen. Om met onze minister Klink te spreken: zelfs als iedereen die nu afstudeert tot 2020 zou kiezen voor de Zorg, zelfs dan zal er in 2020 in de Zorg nog steeds een tekort zijn aan arbeidskrachten.
En als we dat weten, waar blijven de plannen om dit de komende decennia het hoofd te bieden? Verhoging van de pensioenleeftijd: hou er maar rekening mee, die komt er. Maar hoe eerder we er mee beginnen, hoe meer we de effecten over de mensen spreiden.
Discussies over open grenzen voor buitenlandse werknemers? Over een tijdje zijn we dolblij als buitenlandse werknemers hier willen werken! Parttime werken? We zullen met elkaar de discussie aan moeten gaan over al die hoog opgeleide vrouwen die maar ten dele de in hun gedane investering weer in de maatschappij steken. Mijn inschatting is dat, zelfs als we dit allemaal tegelijk doen, dan nog steeds zal het een grote uitdaging vormen om dit probleem te ondervangen. Er is dus alle reden voor haast.

Innovatie, innovatie, innovatie.
Nederland scoort beroerd op de innovatiekaarten van Europa. En dat is erg, omdat door onder andere het verkorten van de productlifecycles en internationale concurrentie op prijs, dit alleen nog maar belangrijker zal worden. Innovatie zal ook nodig zijn om de hiervoor geschetste arbeidsmarktproblematiek het hoofd te bieden. Indien we immers de arbeidsproductiviteit fors kunnen laten stijgen, kunnen we met een kleinere beroepsbevolking toch een stijgende nationale omzet hebben. Overigens hebben we het dan niet alleen over innovatie in het bedrijfsleven, maar ook in de zorg, waar we het systeem volledig op z'n kop moeten gooien. Niet alleen om het systeem betaalbaar te houden, maar ook simpelweg omdat we, wat we ook zullen doen, als gevolg van de demografische ontwikkelingen nooit voldoende handen aan het bed zullen kunnen krijgen. Het toenemend belang van innovatie kan alleen worden ingevuld met goed opgeleide mensen.

Investeer in het onderwijs, maak harde afspraken met bedrijven over scholing. Zorg dat het beroepsonderwijs meer middelen krijgt om de samenwerking met het bedrijfsleven verder in te vullen. Eigenlijk is het te zot voor woorden dat er nu pas een stevige regeling komt om werknemers om- of bij te scholen.

Pak die kansen!
Sorteer daarbij voor op ontwikkelingen die de komende jaren kansen gaan bieden. Het milieuprobleem staat definitief op de agenda en zal direct weer urgenter worden als de economie aantrekt. Nederland is nu al goed in waterstof en zonnecellen. Het is niet voor niets dat we al een aantal jaren achter elkaar de zonnerace (World Solar Challenge) winnen in Australië. Maar waar is de afgeleide grootschalige industrie die hiervan gebruik maakt? Dat is overigens niet alleen het gevolg van gebrek aan lef bij de overheid, maar zeker ook bij het bedrijfsleven.
Watermanagement is iets waar Nederland al eeuwen goed in is. Maak samen met de sector een agenda om dit nog meer wereldwijd uit te rollen.
We weten ook dat wereldwijd de voedseltekorten fors zullen stijgen als het economisch straks weer beter gaat. Op dit moment is er even sprake van dalingen van de voedselprijzen, maar zodra de ontwikkelende landen weer hun groeipercentages van de afgelopen jaren zullen gaan laten zien, zal dit
leiden tot hogere salarissen in die landen en daarmee een sterk stijgende vraag naar (luxer) voedsel, met naar verwachting grote schaarste en sterk stijgende voedselprijzen. Nederland heeft een zeer innovatieve agro-sector en in de WUR (Wageningen Universiteit) één van de meest toonaangevende
universiteit van de wereld. Daarop verder investeren is een geheid succes in de komende jaren.

Werk aan de winkel.
Politici, beleidsmakers, ondernemers. Het is nu niet de tijd om allerlei doemscenario's te schetsen en elkaar de put in te praten. Juist nu moeten we met elkaar aan de slag. In nieuwe coalities waarbij ook publieke middelen worden gebruikt voor private initiatieven. Waarbij tijdelijk R&D afdelingen
ondergebracht worden bij Universiteiten. Waar we niet lopen te klagen over de investeringsplannen van provincies, regio's en grote gemeenten, maar dit als handreikingen zien om de economie draaiende te houden. Waar niemand werkloos thuis komt te zitten, maar direct naar ander werk wordt geleid of
geschoold wordt zodat die zo snel mogelijk weer elders aan de gang kan gaan.


Dames en heren, we moeten aan de slag en ik wens ons daar veel succes mee!
Alain van de Haar
Kamer van Koophandel

klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen die zijn gesteld door het lid Griffith (VVD) over het stemrecht van mensen met visuele en/of andere beperkingen. Deze vragen werden ingezonden op 24 april 2009 met kenmerk 2009Z08043.

DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES, drs. A.Th.B. Bijleveld-Schouten Vragen van het lid Griffith (VVD) aan de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het stemrecht van mensen met visuele en/of andere beperkingen. (Ingezonden 24 april 2009)

1. Op welke wijze worden mensen met een visuele- en andere beperking geattendeerd op de aanstaande Europese- en gemeenteraadsverkiezingen?

Antwoord:In de opkomstbevorderende campagne die door het ministerie van BZK zal worden gevoerd bij de verkiezing van de leden van het Europees Parlement wordt dit keer specifieke aandacht besteed aan kiezers met een visuele beperking. De algemene (Postbus 51) campagne is gericht op alle kiezers in Nederland, waaronder kiezers met een beperking. De campagne-uitingen bestaan uit televisie- en radiospots en advertenties in de geschreven media. Door het ministerie van BZK wordt daarnaast, in samenwerking met Viziris, de belangenbehartigingsorganisatie voor mensen met een visuele beperking, de zogeheten Kieslijsttelefoon opgezet. Via deze gratis telefoonlijn kunnen kiezers met een visuele beperking gedurende een periode van circa 2 weken voor de verkiezing tot en met verkiezingsdag de kandidatenlijsten voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement beluisteren en kosteloos bestellen in aangepaste leesvormen. De kiezers met een visuele beperking worden hierover geïnformeerd via hun belangenorganisaties. Zo worden er advertenties geplaatst in ledenbladen en op websites gericht op de doelgroep. De gemeenten wordt gevraagd hun inwoners over deze service te informeren. Op basis van de ervaringen bij de Europese verkiezing zal worden bezien of en zo ja hoe deze voorziening bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2010 kan worden ingezet.

2. Op welke manier worden Nederlanders met een visuele en of andere beperking in het buitenland expliciet geïnformeerd over het feit dat, willen zij gebruik maken van hun stemrecht, zij zich eerst moeten laten registreren bij de Nederlandse ambassades en consulaten dan wel rechtstreeks bij de gemeente Den Haag?

Antwoord: Kiezers met een visuele en of andere beperking zijn op zelfde wijze geïnformeerd als andere kiezers in het buitenland over de verkiezingen, dus via de website, webbanners, advertenties in de buitenland editie van de NRC en de Telegraaf, de Wereldomroep en BVN-tv.

3. Deelt u de mening dat de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl integraal toegankelijk moet zijn voor alle Nederlanders die woonachtig zijn in het buitenland, dus ook voor mensen met een visuele en/of andere beperking?

Antwoord: Wanneer een website onder ministeriële verantwoordelijkheid valt, is het Besluit Kwaliteit Rijksoverheidwebsites (30 juni 2006) van toepassing. In de bijlage van het Besluit is aangegeven aan welke eisen nieuwe websites van de rijksoverheid bij oplevering dienen te voldoen. Deze eisen zijn gelijk aan alle huidige Webrichtlijnen. De webrichtlijnen zijn, gebaseerd op internationale normen en afspraken. Nederland behoort tot de landen welke deze normen naar de letter wil voeren. Een correcte toepassing van de Webrichtlijnen leidt ertoe dat websites beter en duurzaam toegankelijk zijn voor alle bezoekers, toepassingen en browsers.

4. Heeft u reeds stappen ondernomen om de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl op korte termijn integraal toegankelijk te maken voor mensen met een functiebeperking? Zo ja, welke maatregelen?

Antwoord: Het bureau dat de website realiseert, dient zorg te dragen dat, vóór publicatie, de opgeleverde website bewezen voldoet aan de Webrichtlijnen. Als bewijs hiervoor wordt een 100% testscore op Drempelvrij Prioriteit 1 + Prioriteit 2 plus een 100% testscore op Webrichtlijnen van de Overheid aanvaard. Uit de toetsing op de Webrichtlijnen, uitgevoerd op 6 april 2009 door Stichting Bartiméus Accessibility, is gebleken dat het publieke gedeelte van de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl volledig voldoet aan de Webrichtlijnen en daarmee toegankelijk is voor mensen met een functiebeperking.

5. Bent u bereid in de toekomst alle soortgelijke informatieve overheidswebsites over verkiezingen integraal toegankelijk te maken voor kiesgerechtigden met een visuele en/of andere beperking?

Antwoord: Het Besluit Kwaliteit Rijksoverheidwebsites schrijft voor dat alle nieuwe websites van de rijksoverheid bij oplevering dienen te voldoen aan de Webrichtlijnen, en daarmee toegankelijk moeten zijn voor alle bezoekers met een visuele en/of andere beperking.

6. Hoe wilt u ervoor zorgen dat mensen met een visuele dan wel andere beperking zoveel mogelijk zelfstandig gebruik kunnen maken van hun stemrecht, waarbij hun stemvrijheid en stemgeheim zoveel mogelijk gewaarborgd blijft?

Antwoord: In overleg met de belangenorganisaties wordt momenteel onderzocht of het mogelijk is binnen de huidige kaders (stemmen in een stemlokaal met potlood en papier) personen met een visuele handicap zelf hun stem te laten uitbrengen. Ik heb u hierover ingelicht bij de nota naar aanleiding van het verslag en de bijbehorende nota van wijziging bij het wetsvoorstel 30 569 (Wijz. Kieswet; invoering van het stemmen met een stempas in een stembureau naar keuze binnen de eigen gemeente) Kamerstukken 2008-2009, 30569, nr 7 en 8. Ik zie hiervoor mogelijkheden doch deze vergen wel dat er voor deze groep een aangepast stembiljet beschikbaar komt. Om de ontwikkeling van een dergelijk stembiljet mogelijk te maken, stel ik voor de huidige bepaling over de inrichting van het stembiljet enigszins aan te passen. En marge van de verkiezing voor de Nederlandse leden van het Europees Parlement verwacht ik samen met de gehandicaptenorganisaties een proef te kunnen doen met een aangepast biljet. Daarnaast zullen de kandidatenlijsten in braille en grootlettertype beschikbaar worden gesteld en zullen deze eveneens via internet en mogelijk ook via de telefoon te beluisteren zijn.

Ga terug naar de nieuwspagina


VVD voor een werkend Europa

De Europese integratie heeft Nederland veel voordelen gebracht. Om dat zo te houden moet de EU haar prioriteiten bijstellen en zich beperken tot haar kerntaken. In dit programma geeft de VVD haar ideeën om Europa beter te laten werken. Zo wil de VVD: het nutteloos rondpompen van geld tegengaan, de lastendruk verlagen, kopgroepen vormen voor een vrije dienstenmarkt en de EU meer mogelijkheden geven om terroristen, criminelen en fraudeurs te bestrijden. Verder pleit de VVD voor investeringen in duurzame energie en kernenergie, een Europese blauwe migratiekaart, Europese solidariteit bij het verdedigen van Europese waarden en terughoudendheid met verdere uitbreiding. De VVD wil een Europa waar ondernemers, werknemers en studenten zich vrij kunnen bewegen en het beste uit zichzelf kunnen halen. De VVD gaat voor een werkend Europa.

1. Nederlanders hebben veel baat bij een Europese Unie van kerntaken. Het staat buiten kijf dat de Europese Unie van groot belang is voor Nederland, voor Europa en voor de wereld om ons heen. Zij is bij uitstek een liberaal project: een ruimte van democratie en stabiliteit met een gemeenschappelijke markt vrij van belemmeringen voor burgers en bedrijven. De Nederlander kan vrij reizen, heeft een sterke munt tot zijn beschikking, verdient door de economische integratie gemiddeld duizenden euro’s per jaar meer en geniet van een groot scala aan producten. De oorspronkelijke doelen: nooit meer oorlog tussen lidstaten, economische welvaart en bescherming van de democratie zijn ruimschoots gehaald. Al 2 meer dan 60 jaar vrede, we zijn rijk als nooit tevoren en de Sovjet-Unie bestaat niet meer. De balans van de Europese integratie is kortom zeer positief. Maar behaalde successen mogen ons niet gemakzuchtig maken. De negatieve uitslag van het referendum geeft aan dat veel Nederlanders ontevreden zijn. De EU wordt gezien als een elite-project voor Eurocraten die ver weg staan van de problemen van alledag. Europa bemoeit zich met teveel zaken, de uitbreidingen zijn te snel gegaan, afspraken worden niet nagekomen en hebben voor de grote landen niet dezelfde betekenis als voor de kleine. Het terugwinnen van het vertrouwen moet prioriteit hebben. Hierin past ook het streven om met het Europees Parlement op één in plaats van twee locaties te vergaderen. Het vertrouwen wordt niet teruggewonnen door glanzende brochures, grote beloftes en ronkende persverklaringen. De VVD vindt dat de EU haar prioriteiten moet bijstellen, de dingen moet doen die het aankan en de rest aan nationale of regionale overheden moet overlaten. De EU moet zich richten op de uitdagingen van de 21ste eeuw zoals globalisering, veiligheid, klimaatverandering, immigratie, vergrijzing, terrorismebestrijding, energie en water. Omdat iets belangrijk is, hoeft het niet noodzakelijk door de Europese Unie gedaan te worden. Alleen als er belemmeringen voor het onderlinge economische verkeer zijn, grensoverschrijdende problemen in het geding zijn en er schaalvoordelen kunnen worden benut moet de EU er met volle kracht voor gaan. Zo niet, dan blijft het een nationale aangelegenheid. Dit maakt de VVD realistisch, kritisch en ambitieus. De VVD kiest voor een krachtig Europa van kerntaken.

2. Geen federaal Europa, wel meer samenwerking Europa is een verzameling van staten die bepaalde taken gezamenlijk willen uitvoeren en daarvoor gemeenschappelijke regels opstellen. Een federaal Europa met een centrale regering in Brussel zal er niet komen en de idee dat Europa zich naar een superstaat ontwikkelt is niet aan de orde. De 3 Nederlandse staat en de Nederlandse identiteit zullen behouden blijven. Europa´s kracht ligt in haar verscheidenheid. Dit betekent niet dat de lidstaten geen dingen gezamenlijk mogen doen. Maar alleen als die voor de Europese burgers een meerwaarde hebben. Het is goed dat het Europees Parlement in het nieuwe verdrag meer bevoegdheden krijgt. Maar Nederland mag niet achterover leunen want Europees beleid is binnenlands beleid. Dus Europese ontwikkelingen moeten in Nederland serieuzer worden gevolgd. Ons parlement moet zich niet voor voldongen feiten laten plaatsen en beter controleren wat Nederlandse ministers in ‘Brussel’ besluiten. Ministers moeten met duidelijke richtlijnen op pad worden gestuurd en indien nodig moet er aan de handrem worden getrokken wanneer de Europese Commissie al te activistisch wordt. De VVD heeft er voor gezorgd dat de Europese Commissie haar plannen moet herzien als de helft van de nationale parlementen tegen een voorstel is. Maar de Europese bemoeizucht komt niet alleen uit Brussel. Nederland maakt het zichzelf vaak onnodig moeilijk door Europese wetten strenger in te voeren dan nodig is. Zo maakte de toenmalige minister van VROM een directe koppeling tussen de Europese wetgeving over fijnstofnormen en de ruimtelijke ordening in Nederland. De Europese wet verplichtte dit niet. Resultaat is dat veel bouwprojecten stil zijn komen te liggen. Fouten uit het verleden moeten worden hersteld. De Nederlandse overheid moet alsnog de extra nationale wetgeving op bestaande Europese richtlijnen als de fijnstofrichtlijn, de Vogel- en Habitatrichtlijn en Natura 2000 terugdraaien. De VVD blijft er op toezien dat ministers geen extra wetgeving bovenop de Europese plaatsen.

3. Een betere Europese markt. De Europese gemeenschappelijke markt is de belangrijkste pijler van de Europese welvaart. De Nederlandse thuismarkt is niet groot en Nederlandse ondernemers moeten het daarom hebben van de export naar de Europese markt met bijna 500 miljoen consumenten. De toegenomen handel heeft de welvaart in de EU verhoogd met 10 procent van het nationaal inkomen. Dit 4 komt overeen met 60 miljard euro of ruim achtduizend euro per huishouden per jaar. Het productaanbod is aanzienlijk gegroeid en de kwaliteit van de producten wordt beter gecontroleerd. De Europese markt vergt voortdurend onderhoud en de Europese Commissie moet er dus op toezien dat landen die de regels aan hun laars lappen harder worden aangepakt. Ter bevordering van het internationale handelsverkeer dringt de VVD er nadrukkelijk op aan verdere belemmeringen terug te dringen door een succesvolle afronding van de DOHA-ronde. Juist in tijden van economische tegenwind is het van belang protectionisme te bestrijden met bindende regels in het kader van de Wereldhandelsorganisatie. Om nog beter te profiteren van de gemeenschappelijke markt is de VVD van mening dat Nederland, eventueel in kopgroepen per onderwerp met gelijkgezinde Europese landen, dient te streven naar: • een volledig vrije dienstenmarkt, inclusief gezondheidsdiensten en een vrije postmarkt; • een vrije transportmarkt door het verder ontwikkelen van trans-Europese netwerken over weg, water en spoor; • bevordering van de administratieve lastenverlichting voor burgers en bedrijven en bestrijding van fraude, onder meer door drastische vereenvoudiging van het BTW-systeem; • de invoering van een gezamenlijk en betaalbaar Gemeenschapsoctrooi; • de invoering van een gemeenschappelijke grondslag voor de vennootschapsbelasting, ter vereenvoudiging van lasten voor het bedrijfsleven en ter verbetering van de openheid en het investeringsklimaat. Andere landen kunnen zich later bij deze kopgroepen aansluiten. De samenleving internationaliseert in hoog tempo. Internationalisering van het onderwijs is daarom van groot sociaal-cultureel en economisch belang. De Unie moet hierbij meer dan nu een stimulerende rol spelen. Studenten moeten meer mogelijkheden krijgen in het buitenland te studeren en toptalent uit het buitenland moet actief worden aangetrokken. De euro is belangrijk voor het functioneren van de gemeenschappelijke 5 markt. De gezamenlijke munt biedt burgers en bedrijven gemak, kansen en stabiliteit. Dankzij de euro zijn de deelnemende landen beduidend minder kwetsbaar voor financiële crises. Om ook in de toekomst de stabiliteit van de euro, onze koopkracht en onze pensioenen te garanderen moeten de gezamenlijke regels door alle landen nauwgezet worden nageleefd en het financiële toezicht waar nodig worden verbeterd. Regels mogen niet door grote lidstaten worden overtreden zonder dat dit tot sancties leidt. Afspraak moet weer afspraak zijn.

4. Terughoudendheid met verdere uitbreiding van de EU. De uitbreidingen hebben de EU tot de grootste economische markt van de wereld gemaakt en stabiliteit en democratie in voormalige dictaturen gebracht. Nederland heeft hier volop van geprofiteerd. De VVD is voorstander van de uitbreiding geweest maar wil nu een pas op de plaats. De EU is de uitbreidingsrondes met twaalf nieuwe lidstaten nog aan het verwerken. Toezeggingen moeten worden nagekomen. Maar voor de VVD staat vast dat de EU tot 2014, op eventueel Kroatië na, geen nieuwe lidstaten kan opnemen. Voor de toekomst houdt de VVD onverkort aan de toetredingscriteria vast en wil zij dat deze strenger dan in het verleden worden toegepast. Toetreders moeten daadwerkelijk aan alle voorwaarden voldoen. Want als een land eenmaal lid is, blijkt het moeilijk corrigerend op te treden. Ook is de wil om problemen als corruptie aan te pakken dan vaak gering. Voor de VVD is van groot belang dat een uitbreiding in de maatschappij steun ondervindt. Het draagvlak voor de Europese samenwerking mag niet in gevaar worden gebracht. Turkije neemt een bijzondere positie in. Het toetredingsperspectief heeft daar politieke en economische hervormingen gestimuleerd. Het is aan Turkije om te laten zien dat het zich daadwerkelijk tot een democratische rechtsstaat ontwikkelt die alle Europese regels toepast. Voor de toetreding van Turkije wordt strikt de hand gehouden aan de geldende eisen. De VVD zal zich er niet bij neerleggen dat hiermee wordt gesjoemeld.

5. Democratie, mensenrechten en vrijhandel hoekstenen buitenlands beleid. De Europese Unie is een economische reus maar een politieke dwerg. De VVD ziet in dat dit niet zal veranderen zolang de grote lidstaten over zaken als de oorlog in Irak van mening verschillen. Gelukkig heeft Europa tot nu toe altijd kunnen terugvallen op de militaire steun van de VS. Maar het wordt tijd dat Europa meer verantwoordelijkheid neemt bij het voorkomen en oplossen van internationale conflicten. Het buitenlands en defensiebeleid blijven in nauwe samenwerking met de NAVO-partners plaatshebben. Bij het gemeenschappelijke buitenlands beleid van de Unie moeten de bevordering van democratie, mensenrechten en vrijhandel voorop staan. Hoewel de EU geen militaire macht is, kan zij wel degelijk invloed in de wereld uitoefenen via niet-militaire middelen. Zo is de EU de grootste ontwikkelingsdonor van de wereld en moet zij dit middel beter gebruiken om deugdelijk bestuur en goed beleid te bevorderen. Wanneer ontwikkelingsgeld door de leiders van ontvangende landen niet rechtmatig wordt besteed moet dit diplomatieke en financiële consequenties hebben.

6. Europese samenwerking voor onze veiligheid. De globalisering brengt grote voordelen met zich mee waarvan Nederland en de EU profiteren. Maar doordat grenzen vervagen wordt het voor terroristen, producenten van kinderporno, mensenhandelaren, de maffia en andere criminelen gemakkelijker hun misdaden te plegen zonder gepakt te worden. De EU moet daarom meer middelen vrijmaken voor een Europese grens- en kustwacht om criminele activiteiten te voorkomen en ongewenste invoer en immigratie tegen te gaan. Ook werken nationale politiekorpsen en inlichtingendiensten in de EU-landen tot nu toe onvoldoende samen. Intensievere politiesamenwerking is dringend gewenst, zeker als het gaat om de bestrijding van de zware georganiseerde misdaad en terreur. Daarom moet Europol eigen opsporingsbevoegdheden krijgen en een systeem van gekoppelde, nationale DNA-banken met DNAgegevens van criminelen tot haar beschikking hebben. Vervolging blijft wel een nationale zaak. De VVD aanvaardt dat inbreuken op de privacy soms 7 helaas noodzakelijk zijn om de veiligheid effectief te beschermen. Maar de VVD is tegen privacybeperkingen die alleen maar leiden tot duurbetaalde schijnveiligheid. De EU moet haar waarden als godsdienstvrijheid, de scheiding tussen kerk en staat en de vrijheid van meningsuiting met trots verdedigen. De EU en haar Lidstaten lieten Denemarken in de kou staan tijdens de cartooncrisis. In dit soort gevallen moet de Unie zich onvoorwaardelijk achter haar lidstaten scharen. Eén voor allen, allen voor één! Maar bedreigingen uiten zich niet alleen in terroristische en criminele activiteiten. Ook met gevaren als een grieppandemie moet rekening worden gehouden. Bij een uitbraak van een pandemie moet de Europese Commissie binnen 24 uur crisismaatregelen kunnen nemen.

7. Europees landbouw- en regionaal beleid op de schop. De VVD vindt dat het landbouwbeleid drastisch moet worden hervormd. In een tijd dat de vraag naar voedsel overweldigend is, is het niet nodig de voedselproductie te subsidiëren. De nadruk van de Europese subsidies ligt nu op directe inkomenssteun aan boeren en plattelandsontwikkeling. Deze subsidies bedragen momenteel 40 procent van het Europese budget. Dit moet bij de eerstvolgende mogelijkheid, in 2013, gewijzigd worden. Boeren moeten weer kunnen ondernemen en tegen wereldmarktprijzen concurreren, zodat consumenten goedkopere producten kunnen kopen en producenten in ontwikkelingslanden niet tegen hoge Europese tariefmuren oplopen. Daarnaast moeten zij worden beloond voor een duurzaam landschap. Maar we moeten af van het systeem waarin Nederlanders via Europa mee moeten betalen aan de financiering van een kinderboerderij in Duitsland, een golfbaan in Ierland of een fietspad in Frankrijk. De VVD pleit er voor de financiering van het Europees landbouw- en plattelandsbeleid te decentraliseren en nationale of regionale overheden zelf te laten bepalen waar en hoeveel zij in plattelandsontwikkeling willen investeren. Het Europees landbouwbeleid zal dus drastisch moeten wijzigen, maar kan 8 niet geheel verdwijnen. De EU moet er wel op toezien dat er geen marktverstoringen tussen de lidstaten plaatshebben. De Europese Commissie blijft namens de EU de onderhandelingen bij de Wereld Handels Organisatie voeren en bij extreme gevallen moet de EU weer gemeenschappelijke prijzen kunnen afdwingen om de voedselzekerheid te garanderen. Ook vindt de VVD dat het regionaal beleid drastisch moet worden hervormd. De rijke Europese landen moeten solidair zijn met de armere lidstaten. Deze landen moeten aansluiting vinden bij het Europese welvaartspeil. Maar Europese subsidies moeten effectief worden besteed. De rijkere Europese landen kunnen zelf hun broek ophouden en het rondpompen van Europese subsidies werkt fraude in de hand. Dus geen Europees regionaal beleid voor de rijkere lidstaten. Nederland zal minder regionale steun uit Brussel krijgen maar zelf ook minder afdragen. Op basis van duidelijke nationale plannen kunnen Europese subsidies direct naar de arme regio´s gaan. De nationale autoriteiten van de ontvangende lidstaten zijn verantwoordelijk voor de besteding van het geld. Wanneer dit niet rechtmatig gebeurt en de doelstellingen niet worden verwerkelijkt moeten landen het geld terugbetalen en stopt de financiële steun. Het Centraal Plan Bureau heeft uitgerekend dat deze hervormingen van het landbouwbeleid en het regionale beleid de helft van de Europese begroting vrijspeelt. Het vrijgekomen geld kan door de lidstaten gerichter worden besteed, terwijl de Nederlandse boeren en de arme regio’s in Europa er financieel niet op achteruit gaan.

8. Strengere controle op besteding. Europese gelden Een betrouwbaar Europa kan zich niet veroorloven dat de Europese Rekenkamer geen goedkeurende verklaring geeft. 'Brussel' krijgt dan de schuld maar vaak wordt vergeten dat de lidstaten zelf 80 procent van de Europese begroting beheren. Lidstaten moeten het initiatief van Nederland volgen en politieke verantwoordelijkheid nemen voor de bestede Europese gelden. 9 Uit angst voor reputatieschade ondernemen de Openbaar Ministeries van lidstaten te weinig actie tegen het onjuiste gebruik van Europese subsidies. De VVD vindt dat wanneer lidstaten, individuen of (nationale of Europese) instellingen fraude plegen met Europese gelden, een onafhankelijke Europese instantie een procedure moet kunnen starten om gelden terug te vorderen indien de betrokken nationale instanties hierin tekort schieten.

9. Verminderen energieafhankelijkheid. De klimaatverandering is een stimulans voor Europa om het energieverbruik te matigen en de afhankelijkheid van instabiele regimes te verkleinen. Vooral de afhankelijkheid van olie en gas is zorgwekkend. Europa is verslaafd aan olie als de junkie aan de naald. Zij voert 50 procent van haar energiebehoefte in: 45 procent van de olie komt uit het Midden-Oosten en 40 procent van het gas uit Rusland. Als er niets wordt gedaan, stijgt de afhankelijkheid van buiten de EU in 2030 tot 70 procent. Onze buitenlandse politiek zal daardoor onder grote druk komen te staan. Nu al speelt Rusland de lidstaten uit elkaar door de energiebevoorrading in te zetten als politiek onderhandelingsinstrument. Een gemeenschappelijk energiebeleid met een betere aansluiting van elkaars elektriciteitsnetten en gas- en oliepijpleidingen is dan ook noodzakelijk. De EU moet onderzoek en ontwikkeling stimuleren en de opbouw van trans- Europese energie- en infrastructuurnetwerken helpen financieren. De VVD is voor duurzame energie. Het gebruik van kolen, olie en gas moet worden afgebouwd vanwege de vervuiling en de beperkte beschikbaarheid op langere termijn. Omdat er voorlopig geen uitzicht is op voldoende capaciteit met alleen zonne-, wind-, water- en bio-energie, moeten deze bronnen aangevuld worden met kernenergie. Kernenergie is duurzamer dan fossiele brandstoffen en de vervuilingsproblematiek wordt steeds beheersbaarder. Ook Nederland moet zijn steentje bijdragen aan een duurzaam Europa maar de VVD is tegen eenzijdige Nederlandse maatregelen zoals de vliegbelasting en de verpakkingsbelasting. Die zorgen voor een ongelijk speelveld in Europa waardoor vliegmaatschappijen liever over de grens landen en opstijgen en 10 diensten en producten onnodig in prijs omhoog gaan zonder enig merkbaar milieuvoordeel. Met dit soort maatregelen prijst Nederland zich uit de markt. De VVD pleit voor een Europese aanpak, waardoor bedrijven niet geconfronteerd worden door oneerlijke concurrentie uit de andere lidstaten.

10. Eén Europees asiel- en immigratiebeleid. Elk jaar spoelen duizenden migranten in gammele bootjes aan op de kusten van Spanje, Italië en Malta. Europa kan deze toenemende stroom niet opvangen, waardoor velen in de illegaliteit verdwijnen met alle sociale gevolgen van dien. Het is tijd dat aan deze ongewenste situatie een einde wordt gemaakt door gezamenlijk optreden van de Europese Unie. De EU moet de immigratie beperken, waar mogelijk helpen de integratie te bevorderen en de discriminatie bestrijden. Een land als Nederland of Spanje mag niet meer eenzijdig een generaal pardon afkondigen. Want in een gemeenschappelijke markt waar personen vrij kunnen reizen heeft dit voor heel Europa gevolgen. Europa moet openstaan voor politieke vluchtelingen en mensen die extra kennis brengen. Maar voor grootschalige migratie is geen plaats. De VVD wil niet dat de EU en Nederland immigratiegebied zijn. Om de migrantenstromen beter te beheersen moet, naast een strengere grensbewaking en opvang in de regio, een Europese blauwe kaart met een puntensysteem worden geïntroduceerd. Deze kaart volgt het Canadese voorbeeld waarin het puntensysteem is gebaseerd op de vraag of de migrant een economische meerwaarde vormt. De lidstaten van de EU bepalen samen welke mensen ze nodig hebben om vacatures op te vullen. De lidstaten moeten natuurlijk wel zelf kunnen blijven bepalen of en hoeveel arbeidsmigranten ze op willen nemen. Met deze prioriteiten wil de VVD de komende vijf jaar in het Europees Parlement bijdragen aan een werkend Europa. Een Europa dat zich voortvarend concentreert op zijn kerntaken, zodat Nederland en Europa ook in de toekomst sterk, veilig en welvarend blijven.

********************************

Frits Bolkestein (voorzitter) Pim van Ballekom Ingrid de Caluwé Wirt Groen Ingrid Kloosterman Melvin Könings Jan-Meinte Postma Dick Sluimers Jeroen Reijnen (penvoerder) Lucie Wigboldus (secretaris)

klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


REACTIE OP DE BRIEF VAN STAATSSECRETARIS BIJLEVELD OVER HET ZELSTANDIG STEMMEN VAN MENSEN MET EEN VISUELE BEPERKING.

De VVD in Renkum is zeer ontstemd over de weigering van de Staatssecretaris gehoor te geven aan de oproep van alle gemeenten om de visueel gehandicapten de mogelijkheid te geven zelfstandig te stemmen. Ze is met de wet omgegaan als de Griek Procrustes met zijn bed: ze heeft de wet niet toegepast ten gunste van de mens, maar heeft de mens, in dit geval de blinde mens, passend gemaakt aan haar wet. En is blind voor argumenten die enig soelaas kunnen bieden aan het "volwaardig burgerschap"voor deze doelgroep.

De VVD is stomverbaasd over het duidelijk gebrek aan specifieke kennis bij de Staatssecretaris van deze doelgroep.

Blijkbaar is haar niet bekend dat maar 10% van deze doelgroep Braille beheerst, namelijk voornamelijk de blindgeborenen. Met een formulier in braille ben je er dus niet. En...hoe wil je dat invullen- privé met een rood potlood? Braille is niet rood, en een potlood bij braille bestaat ook al niet. En blinden kunnen niet ZIEN waar ze dat rode kruisje dan neer moeten zetten.....alweer, gebrek aan kennis, maar ook gebrek aan invoel vermogen.

Het is toch niet te geloven dat de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl , ja dat er een überhaupt nog een officiële website bestaat vanuit de overheid die niet integraal toegankelijk is? Op het moment van dit schrijven is dat nog niet geregeld.
En dat schrijft de staatssecretaris met droge ogen? En in de brief die als antwoord moet gelden voor deze doelgroep? Haar salaris wordt ook mede opgebracht door die doelgroep via de belastingen.

Iedere informatie moet voor alle burgers integraal toegankelijk zijn. Daar zijn zelfs Internationale Normen voor. Hoe rijmt U dat met een officiële website van de overheid die niet integraal toegankelijk is?? Ik haal aan wat ik op de website van "Drempelvrij" daarover heb gevonden:

Waarom een website toegankelijk maken?
Door een website volgens (internationale) normen te bouwen is de site ook bruikbaar voor mensen met een functiebeperking. Motorisch gehandicapten die geen muis vast kunnen houden kunnen een website dan met het toetsenbord bedienen. Blinden kunnen werken met apparatuur, die de tekst op het scherm voorleest. Er zijn braille leesregels die de informatie in braille weergeven. Er is software die zowel tekst als afbeeldingen kan vergroten tot zelfs 32 keer van de originele grootte. Ook is de software die spraak herkent ver gevorderd. Er zijn browsers ontwikkeld die volledig spraak-gestuurd zijn.
Daarnaast zijn er ook tal van economische redenen om een website toegankelijk te maken, bijvoorbeeld het feit dat een website zonder meer (en dus zonder extra kosten) zichtbaar is op alle browsers, telefoons en andere platformen. Daarnaast heeft een toegankelijke site doorgaans kortere laadtijden en minder serverbelasting.
Tot zover het eerste gedeelte, maar het kan nog pikanter: diezelfde Staatssecretaris heeft het NUP ondertekend, die dit garandeert! En wel nog geen vier maanden geleden. Het NUP, dat een gezamenlijk initiatief is van het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen, gebaseerd op een advies van de commissie Postma/Wallage. Het uitvoeringsprogramma richt zich met name op die dienstverlening waar meer dan één overheidsorganisatie bij is betrokken.
De regie op de uitvoering van het NUP is in handen van de Regiegroep Dienstverlening en E-overheid, onder VOORZITTERSCHAP VAN STAATSSECRETARIS ANK BIJLEVELD.....
I rest my case.....
Alle overheden moeten voldoen aan de Webrichtlijnen (NUP) (02-12-2008)
Op 1 december hebben, Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen het Nationaal Uitvoeringsprogramma dienstverlening en e-overheid (NUP) getekend. In het NUP staat hoe de infrastructuur van de e-overheid gericht kan worden benut voor betere dienstverlening door de overheden aan burgers en bedrijven.
Met de ondertekening van het Nationaal Uitvoeringsprogramma moeten Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen uiterlijk 31-10-2010 voldoen aan de Webrichtlijnen en daarmee aan de internationale richtlijnen voor toegankelijkheid en het Waarmerk drempelvrij.nl. De Webrichtlijnen en het daarbij behorende normdocument Webrichtlijnen van de Stichting Waarmerk drempelvrij.nl zullen binnenkort aangepast moeten worden in verband met de nieuwe versie van de internationale richtlijnen voor toegankelijkheid. Deze zal, net als de oude versie, integraal in de Webrichtlijnen worden opgenomen.
De verbetering is gevonden in de samenwerking over de grenzen van overheidsorganisaties heen. Goed gebruik van ICT en vermindering van administratieve lasten voor burgers en bedrijven zijn hierbij kernelementen. Het oplossen van ervaren knelpunten van burgers en bedrijven staat voorop.
Het NUP is een gezamenlijk initiatief van het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen, gebaseerd op een advies van de commissie Postma/Wallage. Het uitvoeringsprogramma richt zich met name op die dienstverlening waar meer dan één overheidsorganisatie bij is betrokken.

De regie op de uitvoering van het NUP is in handen van de Regiegroep Dienstverlening en E-overheid, onder voorzitterschap van Staatssecretaris Ank Bijleveld. En dit gaat dan nog alleen over blinden die met de pc kunnen omgaan. Lang niet alle blinden kunnen dat en er zijn nogal wat compenserende maatregelen nodig voor dit wel lukt.
Het tweede grote punt wat de Staatssecretaris gewoon niet kan of wil zien is, dat toch in de wet staat dat participatie aan de samenleving en de eigen regie voorop staan (WMO), met de kiesmachine kon dat. En die onafhankelijkheid wordt ze weer afgenomen!!!
Het was een prachtig stuk ingevulde Compensatieplicht. Wat zegt de ICF over het stemmen? ( blz 207) Ik haal hier aan:
"e 595 : Voorzieningen ,systemen en beleid met betrekking tot politieke zaken
Voorzieningen, systemen en beleid met betrekking tot stemmen, verkiezingen en bestuur in landen, regio's, gemeenten en in Internationale organisaties : die systemen moeten in orde zijn om de grondrechten van de mens met een functiebeperking te beschermen. "

Het is het laatste hoofdstuk van de ICF: ik raad de Staatssecretaris aan de ICF eens te lezen en toe te passen.

En Nederland heeft zowel het VN verdrag over De Rechten van de Mens en dit ICF ondertekend. Dan houden we ons daar toch aan? Nog sterker : dit is het persbericht dat BZ uitgaf op 30 maart 2007:
Ministerie van Buitenlandse Zaken
Persbericht ministerraad van het Koninkrijk
30 maart 2007
Nederland ondertekent VN gehandicaptenverdrag
De Rijksministerraad heeft op voorstel van minister Verhagen van Buitenlandse Zaken ingestemd met de ondertekening van het VN Verdrag inzake de rechten van mensen met een handicap. Het verdrag wordt door de Nederlandse ambassadeur bij de Verenigde Naties in New York ondertekend.
Het verdrag beoogt dat wereldwijd de circa 650 miljoen mensen met een handicap op dezelfde wijze als anderen kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven en de universele rechten van de mens kunnen genieten. Het verdrag verplicht de lidstaten om sociale en fysieke belemmeringen weg te nemen die gehandicapten dagelijks ervaren. Een VN Comité zal toezicht houden op naleving van het verdrag. Na bekrachtiging door twintig landen treedt het verdrag in werking.
RVD, 30.03.2007
Haar Collega Jet Bussemaker zegt toe op 7 april van dat jaar alle Nederlandse wet en regelgeving op dit verdrag te zullen gaan toetsen.
En zou daar dan het Kiesbesluit niet onder vallen?
De VVD vraagt zich af of de Staatssecretarissen over het Kiesbesluit dan wel overleg hebben gehad in verband met de rechten van de doelgroep Visueel gehandicapten en hun recht zelfstandig te stemmen, getoetst aan dit verdrag.
Dan, een punt wat de Staatssecretaris ook niet wil "inzien" maar wat door de doelgroep terecht naar voren is gebracht : deze machines zijn afgevoerd omdat ze fraudegevoelig zouden zijn.
En hoe zit dat dan met deze doelgroep? Wat is fraude gevoeliger dan iemand anders vragen je stem uit te brengen, waarbij je geen enkele controle hebt op wat er gebeurt?
Audiomachines zouden dan toch minstens ingezet kunnen worden om de blinde terug te laten luisteren wat er voor hem gestemd is. Dan hef je die fraudegevoeligheid ( en misschien de pijn wat) op. Maar alleen op goed vertrouwen.....

En dan is alles wat ze te bieden heeft dat blinden zich mogen laten bijstaan door een ziende.
Bovendien moeten ze iemand regelen: gewoon afgaan op een wildvreemde die toevallig bij het stembureau zit....
Want een grondrecht is ook het stemgeheim, het recht op privacy : en als men een volmacht moet geven, dan is dat niet gewaarborgd. Extra zuur is dit als dit dan zo moet vanwege een handicap. Dit treedt de wet op gelijke behandeling met voeten. Dan zou iedere Nederlander een volmacht moeten afgeven om een ander voor hem/haar te laten stemmen. Maar dat "ziet"niemand zitten natuurlijk, maar dat is wel gelijke behandeling.

Dan wordt de keuze zwaar: de gewone burger kan gebruik maken van dit recht. De blinde is gedwongen het verdwijnen van zijn stemgeheim te accepteren door een volmacht uit te geven, dan wel niet te stemmen omdat hij dit geheim niet wil prijsgeven.
Het compensatiebeginsel wordt hier met voeten getreden door een prachtige compenserende maatregel gewoon tegen de wet te verklaren. En de Grondwet wordt ook buiten spel gezet( artikel 1). Wat dan weer maakt dat ze niet zullen gaan stemmen. En dat stemmen wordt toch steeds meer een probleem: en geen wonder zo!

In haar brief wordt dan aangegeven: "Bij besluit van 4 december 2007( Staatscourant,200, 7n r 485)zijn evenwel alle artikelen die betrekking hadden op het stemmachines in het Kiesbesluit geschrapt. Dit nadat ik eerder een Regeling  Voorwaarden en goedkeuring stemmachines had ingetrokken ( Staatscourant 2007 nr 203)
Een wettelijke grondslag om bij de komende verkiezingen gebruik te maken van een stemmachine, ook voor een bijzondere doelgroep ontbreekt."

Ja daar heeft ze zelf voor gezorgd en bij het doen niet nagedacht hoe ze voor deze doelgroep een uitzondering zou kunnen maken.
Het is toch te gek voor woorden dat  toen ze aan het schrappen sloeg er niet aan bijzondere doelgroepen is gedacht? Waarom kan ze niet met een rood potlood aangeven dat er een uitzondering gemaakt wordt op die regel ?
Waarom doen al die zeer drukke volksvertegenwoordigers daar niets aan? Zij hebben toch ook instrumenten als moties en amendementen en kunnen zelfs interpelleren? En wat is er verkeerd met een hardheidsclausule?

De Staatssecretaris heeft met haar ondoordachte zet iets gedaan dat tegen de grondwet is :

Artikel 1 zegt toch letterlijk:

Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan!!!!!

Het riekt sterk naar discriminatie, dat, als zelfstandig stemmen technisch eindelijk mogelijk is, een Godgegeven recht van onze democratie, dit onmogelijk wordt gemaakt door een ondoordacht schrappen van regels. Zonder de rechten van specifieke doelgroepen te beschermen. , Door het kabinet, dat toch de bewaker bij uitstek zou moeten zijn van die grondrechten .

Het zegt "Of op welke grond dan ook"...een mooie zin, maar blijkbaar is deze groep daarvan buitengesloten. En in mijn boek heet dat discriminatie. En wie dit niet wil zien is ziende blind.....

Het was een initiatief van mijn fractie om die stemmachine aan te schaffen.
In 1997 kregen alle burgers van Zuid Afrika stemrecht. Ik was daarbij. En ook wat dit betekende voor die bevolkingsgroepen.

Die eerste keer zelfstandig stemmen door de doelgroep van visueel gehandicapten daar in Wolfheze, waar de enige woongemeenschap in Nederland voor blinde en slechtziende ouderen is gevestigd, en waar deze speciale kiesmachine was geplaatst, was een ervaring die daarmee te vergelijken is.
Waarom ontneemt het kabinet deze groep dan dat recht?
In ieder geval past deze groep burgers blijkbaar niet in de website  die het voor het zeggen heeft.

De titel van die website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl ,moet ze als een foute 1 aprilgrap in de oren klinken.


Marleen Meertens, raadslid VVD Renkum

Ga terug naar de nieuwspagina

Voorzitter,

Ondanks het feit dat ik een beknotten van de spreektijd niet aanvaardbaar vind, moet ik constateren dat zelfs op basis van 30 minuten per woordvoerder met 7 fracties plus reacties, en daarbij opgeteld een tweede termijn, dat tijdstip van 19 uur einde verhaal een utopie is.
Gelukkig verkeer ik in de prettige omstandigheid dat ik niet alleen namens de VVD fractie het woord voer, maar ook namens fractie Hageman en dat ik de daarvoor beschikbare spreektijd van 2 x 30 minuten niet zal volmaken. Daar hebt U dan weer een meevaller aan.

Ik heb mijn vorige teksten nog eens nagekeken en gezien dat ik telkens ben begonnen met de woorden: Ergens in de lucht tussen X en Y.....,

Wel ook deze keer was dit weer het geval maar dan op een virtueel scherm in een virtuele lucht, namelijk op Buienradar. Dan valt het op dat je je vaak rijk rekent omdat de bui nog boven Engeland ligt en je dan denkt dat die daar wel lekker lang zal blijven liggen, maar de realiteit is dat die bui razendsnel op je afkomt. Daar moet je terdege rekening mee houden.
En zo is het met de begroting en de meerjarenbegroting ook.

Voorzitter, alvorens enige specifieke punten uit najaarsnota en begroting te bespreken een kleine tussenstap. De huidige begrotingsvergadering is toch een wat bijzondere.

We hebben bijna het einde bereikt van deze raadsperiode. De VVD acht het dan ook zinvol zich niet alleen te beperken tot de najaarsnota 2009 maar tevens in het kort enige opmerkingen te maken over de raadsperiode als geheel. Deze summiere terugblik is ook zinvol met het oog op de komende jaren.

Gezegd zou kunnen worden dat het coalitie akkoord op hoofdlijnen is gerealiseerd en dat kan niet alleen worden gezegd, maar ook worden verdedigd. Echter, dit mag allemaal waar zijn, er zijn ook de nodige kanttekeningen bij te plaatsen.
In de eerste plaats zijn er nog te veel nota's geproduceerd die wijdlopig van aard zijn, die een heldere analyse van de problematiek ontberen, en evenmin alternatieven aangeven. Om nog maar te zwijgen over de niet al te professionele uitvoering van dat beleid in de dagelijkse praktijk.

Het ontbrak nogal eens aan de noodzakelijke zakelijkheid, één van de vier kernbegrippen uit het coalitieakkoord.
Het is niet voor niets dat onder leiding van de Burgemeester het verbetertraject is opgepakt genaamd "Samenwerking in dualiteit in een slanke en slagvaardige organisatie."
De VVD wil nog eens herhalen: een ingrijpende verandering ten aanzien van procedures, processen en protocollen is nodig. Wij verwachten dan ook veel van het verbetertraject.

Ook begrijpen wij dat doorvoering van dit traject in de organisatie als geheel tijd vergt, zeker twee tot drie jaar.

Wel wil de VVD heel nadrukkelijk opmerken dat in dit traject het aspect cultuuromslag als zelfstandig gegeven niet in de verdrukking mag komen. Bij cultuuromslag gaat het om een houding, om een gedrag, waarvan de verandering geen uitstel duldt maar bij wijze van spreken morgen moet of kan beginnen.

Ik zeg dit zo nadrukkelijk omdat in de laatste raadsvergadering opnieuw bleek dat het onderscheid tussen beide begrippen onvoldoende over het voetlicht kwam.

Waar de VVD een zekere teleurstelling uitsprak over het feit dat in de reactie van het College op het BOL rapport, te weinig de cultuuromslag aan bod kwam, had het er alle schijn van dat de voorzitter dit ervoer als onterechte kritiek op het verbetertraject.

Dat laatste is onjuist.

De VVD blijft er echter bij dat, wil de cultuuromslag op gang komen dit ook tot uitdrukking moet komen in het personeelsbeleid. Met name die medewerkers die menen geen boodschap te hebben aan de noodzakelijke gedragsverandering, dient de wacht aangezegd te worden.
In het coalitieakkoord is ook de opdracht opgenomen om actief naar onze inwoners te luisteren. Het is ontegenzeggelijk waar dat door het college veel inspraak mogelijk wordt gemaakt. Maar de VVD wil hier toch twee kanttekeningen bij plaatsen.
Het gebruik maken van de deskundigheid van individuele burgers bij de voorbereiding van beleidsvoorstellen is niet van de grond gekomen en dat betreurt de VVD ten zeerste.
En vanwege de kosten en vanwege het feit dat de kans daardoor gemist wordt burgers te betrekken bij de publieke zaak.

Overigens heeft de VVD gemerkt dat niet alle fracties aan het horen van burgers de hoogste prioriteit geven. Ik wijs hierbij op de behandeling van het initiatiefvoorstel van de VVD, waarbij werd voorgesteld alle burgers te raadplegen over de vraag of de duobak al dan niet gehandhaafd moest worden.

Voorzitter, een ander aspect van belang bij de beoordeling van de afgelopen jaren vormt het duale stelsel.
Tot op de dag van vandaag wordt het duale stelsel door de fracties uit deze raad niet in gelijke mate gepraktiseerd. Ontegenzeggelijk hebben de PVDA en GL een nauwere relatie met hun wethouders dan de VVD die heeft. De fractievergaderingen van de VVD vinden zonder uitzondering plaats zonder wethouder. Immers, een fractieberaad waar de wethouders bijzitten riekt nog naar het verleden en is alles behalve duaal. En het is ook niet voor niets dat van het begin af aan door mijn partij is aangedrongen op het niet vermelden van de politieke achtergrond van de wethouders.

Voorzitter, de betekenis die de VVD hecht aan het duale stelsel is ook in de afgelopen maanden nadrukkelijk tot uiting gekomen.
Laat ik vooropstellen dat de VVD geen enkele afspraak met de coalitiegenoten heeft geschonden.
Echter juist vanwege een goede doorvoering van het duale stelsel beoordeelt de VVD de inbreng van de partijen die geen wethouder hebben geleverd op hun inhoud en dus niet aan de hand van de vraag of zij al dan niet coalitiepartner zijn. Dit is ook in 2009 meerdere malen gebleken. Ook op dit punt heeft de VVD zich politiek volwassen getoond

Voorzitter, een ander onderwerp dat van jaar tot jaar door de VVD aan de orde is gesteld, en dit zal ongetwijfeld ook in de komende jaren het geval zijn, is de noodzaak te komen tot een ranke en slanke organisatie. Op dit terrein is nagenoeg niets bereikt. Bij de behandeling van de begroting 2010 kom ik daar nog op terug.

Ik wil hier aan toevoegen dat met alle waardering voor het ingezette verbetertraject, hieraan geen excuus ontleend mag worden om afslanking uit te stellen.

Onze coalitiegenoten gaan op dit punt minder ver dan de VVD.
Dit geldt zeker voor GL, hetgeen wordt onderschreven door de opmerking van deze fractie dat de aanvaarding van het amendement over de voorjaarsnota niet alleen spijtig was, maar eigenlijk ook schandalig (bladzijde 194 van het goedgekeurde verslag)

Deze term acht de VVD volstrekt ongepast want men gaat volledig voorbij aan het feit dat de indieners van het amendement geen tegenstander waren van het uitbreiden van de formatie bij bepaalde afdelingen, als dit maar elders gecompenseerd werd.

Voorzitter, uit de behandeling van dit amendement op de voorjaarsnota bleek overduidelijk dat niet alleen het college maar ook de Raad vanuit haar budgetverantwoordelijkheid, nadrukkelijk een rol heeft gespeeld als het ging om niet noodzakelijke uitgaven of herschikkingen binnen de begroting.
Met betrekking tot het onderwerp welzijn zijn er vorderingen gemaakt, die tot tevredenheid stemmen. Met name het afleggen van huisbezoeken vóórdat een beslissing wordt genomen over de mate van huishoudelijke hulpverlening achten wij een belangrijke verbetering.
Minder tevreden zijn wij over de aanbesteding die dit jaar heeft plaatsgevonden en het effect hiervan op de kwaliteit van de dienstverlening.

Samenvattend: Vele dingen zijn redelijk goed gegaan.
Maar er is ook sprake van onvolkomenheden: de VVD fractie zou dan ook willen volstaan deze raadsperiode met een kleine voldoende te belonen.


Voorzitter, een aantal specifieke opmerkingen over de najaarsnota. In de eerste plaats wordt het jaar 2009 naar het zich laat aanzien met een positief saldo van bijna 3 miljoen € afgesloten.
Dit mede door het in september dit jaar door de meerderheid van de raad aanvaarde amendement voorjaarsnota. Evenzeer valt te waarderen dat de voorgenomen bezuiniging ad 1,2 miljoen € over 2009 zal worden gehaald. Dit betekent dat in 2009 de positieve lijn van de afgelopen jaren wordt doorgezet.

Ten aanzien van de afzonderlijk posten wil mijn fractie het volgende opmerken:
In de eerste plaats betreft dat de post WMO. De reserve WMO omvat op dit moment € 225000 en de stelpost WMO 2009 laat op dit moment een bedrag zien van € 480000. Op grond van de nota reserves en voorzieningen wordt een bovengrens gehanteerd van € 500000, hetgeen er op neer zou komen dat € 205000 vrijvalt tgv de algemene middelen.

De VVD dient, samen met D66 en de fractie Hageman zal een amendement in om deze € 205000 toch toe te voegen aan de WMO reserve. En de VVD meent hier een heel goede reden voor te hebben. Wij willen uitdrukkelijk van de WMO geen 'open eind' regeling maken zoals de WAO vele jaren is geweest. Met andere woorden: Wij steunen de idee van een WMO fonds gevoed door de rijksmiddelen, waaraan geen euro extra wordt toegevoegd maar dan ook geen euro in mindering wordt gebracht. Dat vindt VVD verantwoord sociaal beleid en daar staan we voor.

De VVD wordt in deze opvatting nog versterkt door de gevolgen van het schrappen van de grondslag psycho sociaal in de AWBZ (zie pagina 19 begroting) Wil voor de burgers een zachte landing mogelijk worden gemaakt, dan zal in het overgangsjaar 2010 een beroep op WMO gelden noodzakelijk zijn en daarvoor is inzet van een deel van de WMO reserve onontbeerlijk.

Ter zake van de panden aan de Weverstraat 20/24 wil de VVD graag geïnformeerd worden over de laatste stand van zaken Ten aanzien van overdracht van de eigendom aan Vivare en wellicht kan het college nav de conferentie van afgelopen donderdag in de Rijnkom iets mededelen over de mogelijkheid het cultuur en ontmoetingscentrum Oosterbeek vanaf 2011 als Oosterbeeks steunpunt voor dit beleid een rol te laten spelen, b.v. via de activiteiten van de Bries. Immers, het Cultuur en ontmoetings centrum Oosterbeek kan bijdragen aan de realisering van Kulturhus concept dmv ontmoeting, recreatieve en culturele activiteiten met hierin een goed aanbod aan service ondersteuning en diensten dichtbij huis. Het College stelt ook voor het bedrag beschikbaar voor de derde fase afkoppelen hemelwater Bramstreeflandweg beschikbaar te houden. Er zijn regelmatig problemen gesignaleerd en het College wordt gevraagd ook op dit punt aan te geven of de oplossing voor dit probleem al naderbij is gekomen.

Voorzitter,

De VVD is van oordeel dat het overschot op de jaarrekening volledig gestort moet worden in een egalisatiefonds algemene uitkering. Hiertoe dient de VVD met het CDA, D66 en de Fractie Hageman een amendement in. Waarom dit amendement? Dat is heel simpel uit te leggen. Vanaf 2012, en waarschijnlijk al vanaf 2011, zal de gemeente te maken krijgen met een fikse korting van de algemene uitkering. Wij zullen alle zeilen bij moeten zetten om de gevolgen hiervan op een verantwoorde wijze op te vangen en dat is de grondslag van het amendement.

Wellicht zal de één of ander opmerken dat hiermee in strijd wordt gehandeld met de afspraak dat overschotten voor max 50% alsnog kunnen worden uitgegeven. Mijn fractie is van oordeel dat er in het geheel niet strijdig met die afspraak wordt gehandeld. Integendeel, de reservering in het fonds is uitdrukkelijk bedoeld voor het doen van uitgaven en wel voor 100%, maar dan in de jaren vanaf 2012.

Dit houdt tevens in dat in de maanden november en december zuinig moet worden omgesprongen met de financiële middelen en dat er geen onnodige overloopposten worden gecreëerd. Dit alles met het oog op een zo groot mogelijke storting in het egalisatiefonds algemene uitkering.

Voorzitter, ten aanzien van projecten grondexploitatie 2010. Hiermee gaan wij akkoord.

Voorzitter, Met betrekking tot de begroting 2010 en het meerjarenbeleid nadien, kan ik volstaan met een beperkt aantal opmerkingen en reeds nu aankondigen dat de VVD, met steun van andere fracties, een aantal amendementen ,alsmede een motie zal indienen, respectievelijk zal ondersteunen. We hebben het reeds gehad over een positieve uitkomst 2009. Ook de geprognosticeerde uitkomsten t/m 2013 laten positieve saldi zien.

Dit in het verlengde van de bestaande bezuinigingen uit de taken discussie, de maatregelen met betrekking tot de begrotingsscan, alsmede vanwege de taakstelling "trap-op-trap-af" vanaf 2011.

Het college geeft aan niet gekomen te zijn met voorstellen voor nieuw beleid 2010. Dit vinden wij een goed uitgangspunt, maar het betekent tevens dat ook enige terughoudendheid geboden is met het doen van beleidsvoorstellen in de komende maanden waarvan de gevolgen veel verder reiken dan maart 2010.

Voorzitter, Met betrekking tot de beleidsbegroting zoals verwoord in de pag. 9 t/m 104 wil de VVD een aantal kanttekeningen plaatsen. Ten eerste het voornemen van het college om onderzoek te doen naar de gevolgen van het schrappen van de grondslag psychosociaal probleem in de AWBZ.

Voorzitter, de VVD is met dit voorstel buitengewoon ontevreden. Al twee jaar staat vast dat het schrappen van deze grondslag grote gevolgen kan hebben voor de dagbesteding van groepen ouderen. De VVD had verwacht dat het College met panklare oplossingen zou zijn gekomen voor de situatie na 1 1 2010. Onderzoek is ons te traag en te weinig. De VVD zal dan ook binnen twee maanden met een initiatiefvoorstel op dit terrein komen.

Ten aanzien van de Ruimtelijke ontwikkeling zijn wij ter zake van het tempo, waarin bestemmingsplannen worden afgerond, tevreden.

Met betrekking tot de woningbouw wil de VVD nu reeds aankondigen zich in 2010 sterk te zullen maken voor in elk geval een minder rigide regeling dan de bekende 50/50, die op dit moment zeker voor wat betreft kleine bouwprojecten als een handicap gevoeld wordt.

Ten aanzien van de milieuvraagstukken is terughoudendheid geboden. Daar het hier veelal om vraagstukken gaat voor de wat langere termijn en het dus aan een nieuw College en een nieuwe raad is om zich daarover uit te spreken.

Ten aanzien van het programma veiligheid en leefbaarheid is reeds ingestemd met een overdracht van de brandweertaken. Het punt van de veiligheid en de verloedering baart de VVD nog altijd zorg. Veiligheid wordt door veel burgers ervaren indien het blauw in onze dorpen zichtbaar is. Dit is nu veelal niet het geval. De VVD vindt dan ook dat overleg moet plaatsvinden met de korpsbeheerder om hem in staat te stellen gedurende een aantal jaren een drietal extra agenten in onze gemeente te doen functioneren. Let op: hier gaat het niet om een formatie uitbreiding maar om een gedurende een aantal jaren beschikbaar stellen van budget. Op dit punt zullen wij met het CDA, D66 en de Fractie Hageman een amendement indienen.

Ten aanzien van de verloedering lijdt het geen twijfel dat menige burger zich buitengewoon ergert aan bv de rotzooi die zomaar op straat wordt gegooid. De VVD zal binnen enkele maanden een notitie locale boetes ter bestrijding van de verloedering aan de Raad aanbieden.

Met betrekking tot het verkeer wil het College extra geld ter beschikking stellen voor het onderhoud Benedendorpsweg. En, teneinde hierin te voorzien het onderhoud aan andere wegen in de tijd te verschuiven. Valt niet te verwachten dat de bewoners van die andere wegen hiertegen een fel protest zullen aantekenen en wat zegt U dan als College?

Voorzitter, als we praten over cultuur hebben we het ook over het behoud van cultuurhistorische waarden. De VVD hecht zeer veel belang aan het behoud van het gebied Zuiderbeek van de oude Oosterbeekse kerk. En wij gaan er zonder meer van uit dat het College onze opvatting deelt dat bijvoorbeeld verbouwingsplannen met betrekking tot het oude kerkje met de grootst mogelijke zorgvuldigheid moeten worden beoordeeld.

Een onderwerp van voortdurend gekrakeel vormt de renovatie van de Concertzaal. Het komt bij ons wel eens over alsof het College het nooit leert. Wij vinden dat in 2010 geen uitvoering gegeven kan worden aan de 2e fase indien het geluid en verkeersprobleem niet na overleg met de omwonenden tot oplossing is gebracht. Ten aanzien van het programma bedrijvigheid is de VVD verheugd over de voorgenomen herontwikkeling van industrieterreinen. Wel moet ons van het hart dat dit programma bij voortduring wel erg weinig aandacht krijgt. Om met een reclameboodschap van Gemser te zeggen: "Dat kan beter!!"

Voorzitter, over het onderwerp bestuur en organisatie heb ik reeds in begin van het betoog aandacht geschonken.

Ik wil hier dan ook volstaan met op te merken dat de ontwikkeling van de personeelsformatie in 2009 ronduit teleurstellend is. Immers per 1 jan 2009 bestaat de formatie uit 241 fte, per 31 december is deze 250, dus 9 fte er bij. Er is dus volstrekt geen sprake van welke afslanking dan ook. In onze ogen is dit volstrekt onacceptabel. Nogmaals: de VVD is tegen een formatie uitbreiding en wil, gezien de onvermijdelijke teruggang in de algemene, uitkering de volgende jaren komen tot een geleidelijke afslanking van de formatie maar wel op een zodanige manier dat gedwongen ontslagen vermeden kunnen worden.

De VVD dient dan ook mede namens D66 en de fractie Hageman een amendement in om het P- budget met € 300.000,- te verminderen.

Voorzitter, de belastingdruk is uiteraard ook van grote betekenis. Voor de VVD is een belangrijk uitgangspunt dat de in de begrotingsscan geconstateerde hogere belastingdruk in onze gemeente tov de vergelijkbare gemeenten, omgebogen dient te worden. De huidige financiële positie van onze burgers vormt voor ons een extra reden om uitermate voorzichtig met verhogingen om te gaan.

De VVD heeft kennis genomen van een verlaging van de afvalstoffenheffing en stijging van het rioolrecht. Met deze veranderingen kunnen wij instemmen.

Heel anders ligt dat voor wat betreft de OZB heffing. Voorgesteld wordt om deze met 4,37% te verhogen, waarmee de bevriezing in 2009 alsnog ongedaan wordt gemaakt. Dit laatste achten wij om de eerder twee genoemde redenen niet acceptabel en zijn mede-indieners van het door het CDA amendement de verhoging van de OZB tot 1,75% te beperken.

Vz de financiële positie van de gemeente wordt toegelicht op de pag 112-116.

Zoals reeds eerder aangegeven laten de jaren 2010 t/m 2013 een positief saldo zien. Daarin zijn wel begrepen de gevolgen van de maatregelen in het verlengde van de begrotingsscan.
Het College stelt voor vanaf 2010 voor 400,000 euro te bezuinigen en van af 2011 voor 800.000.
Zoals reeds bij eerdere gelegenheden aangegeven achten wij deze taakstelling niet erg ambitieus.

De VVD kan zich vinden in het voorstel van het College voor 2010, met dien verstande dat wij de reductie van de subsidie van de Bibliotheek niet gewenst vinden.
Wij zullen op dit punt een amendement indienen.
In hetzelfde amendement zal ter compensatie worden voorgesteld de taakstelling met betrekking tot de posten "openbaar groen, gemeentelijke begraafplaatsen plus aula's alsmede beheer en onderhoud sport"in totaal met € 50.000,- te doen vervallen.

Tenslotte acht de VVD het gewenst in 2010 wederom een eindejaarsuitkering van € 50.- voor de minima te doen plaatsvinden. De VVD dient hiertoe een amendement in.

Voorzitter,
Het College en in elk geval de meerderheid van de Raad verdient waardering voor het tot nu toe gevoerde financiële beleid.

Als je de begroting 2010 en die voor de volgende jaren leest is er niets aan de hand. Niets is echter minder waar.
Hoewel het exacte bedrag uiteraard nog niet bekend is en wij hiervoor minstens tot mei 2010 zullen moeten wachten, zal de algemene uitkering hopelijk eerst vanaf 2012 maar waarschijnlijk al vanaf 2011 drastisch worden verminderd.

Ik heb reeds aangegeven dat dit voor ons een reden is om tot een egalisatiefonds algemene uitkering te komen.

De VVD vindt bovendien dat op korte termijn nagedacht zal moeten worden hoe wij grote bezuinigingen moeten kunnen opvangen.
Wij vinden dat dit college voorbereidend werk daartoe zal moeten verrichten en wij zijn niet voor niets mede indiener van de door het CDA ingediende motie waarin het College wordt opgedragen te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om in een aantal jaren bezuinigingen van 3 tot 5 miljoen € op te vangen.

Op die manier wordt vermeden dat het College zich gedraagt als die heer die 's morgens bij een fraaie ochtendzon gaat wandelen en bewust zijn paraplu thuislaat ondanks het feit dat hij weet dat over enkele uren een hoosbui zal losbarsten en dus duidelijk niet naar buienradar had gekeken.

Wij achten het raadzaam dat in mei a.s. een eindrapportage voorligt.
Die eindrapportage zal uiteraard voor de verantwoording komen van het nieuwe college maar dat zal hiertoe slechts in staat zijn indien het huidige college in hoge mate het voorbereidende werk heeft verricht.

En ik eindig met een uitspraak van Sulla een Romeins staatsman gewijd aan het College:
"Welke groot man wil er nu echt een gebaand pad?
Hoe ruwer het pad, hoe meer obstakels er liggen, des te meer satisfactie."

Tot zover in eerste termijn.

Terug naar de vorige pagina.


Voorzitter,

De agendapunten 6 a en 6 b liggen zodanig in elkaars verlengde dat naar mijn oordeel een afzonderlijke bespreking niet zinvol is. De notitie van het College bevat op een aantal punten van belang zijnde informatie maar is als geheel toch wat teleurstellend.

Vanwaar deze teleurstelling?

Naar het oordeel van de VVD wordt toch weer te veel vooruit geschoven naar de operatie de Visser en Geelkerken en dat terwijl ons inziens het College toch heel eenvoudig, helder en concreet, intussen had kunnen insteken op de aanbevelingen die in het BOL rapport zijn gedaan. Ten aanzien van het voorliggende commentaar zijn wij dan ook teleurgesteld over het gemis aan concrete oplossingen. Er zijn zes maanden voorbij gegaan sinds 18 maart en wij hadden gehoopt op een tussenstand met wat meer gerealiseerde veranderingen in het verlengde van de aanbevelingen.

De kern van onze teleurstelling is echter gelegen in de grote mate van vrijblijvendheid met betrekking tot de vereiste cultuuromslag. De reactie van het College is in hoge mate technisch van aard en het aspect "Cultuuromslag" komt maar heel magertjes aan de beurt.

En om die cultuuromslag ging het nu net.

Op 18 maart jl. ben ik nogal diepgaand ingegaan op de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de Raad en het College, en in het verlengde van het College: de gemeentelijke organisatie. Ik wil nogmaals onderstrepen dat er bij mijn fractie geen enkele behoefte bestaat aan rituele bezweringsformules in de zin van "we zijn al zo goed bezig" OF "als we maar respect voor elkaar hebben", enz. Ik gaf daarbij aan dat de Raad het hoogste orgaan van de gemeente is, belast met de kaderstelling en de controle.
Voorts is de Raad volksvertegenwoordiger. De Raad dient in een zo vroeg mogelijk stadium betrokken te worden bij het formuleren van de hoofdlijnen van beleid. De voorbereiding ligt bij het College, maar een betrokkenheid van de Raad in de beginfase is noodzakelijk om te voorkomen dat de Raad in het overgrote deel van de gevallen geconfronteerd wordt met panklare voorstellen die veel verder reiken dan de uitgangspunten. Dit tast in wezen het primaat van de Raad bij de kaderstelling aan. Dit lijkt een overbodige opmerking maar ook uit het onderzoeksrapport blijkt dat niet een ieder daar echt van overtuigd is. De VVD had gaarne gezien dat in uw reactie op dit belangrijke aspect was ingegaan.
Tevens heb ik op 18 maart een aantal opmerkingen gemaakt over het College. Met name wil ik nog eens wijzen op de inbreng van waarnemend burgemeester Eppie Klein, die naar ons oordeel uiterst verstandige opmerkingen maakte over hoe een College als geheel dient te functioneren. Ik zei in dit verband dat juist vanwege deze collegiale verantwoordelijkheid, het College het motto van de Musketiers, " een voor allen, allen voor één" in de praktijk moet brengen.

Voorzitter,
In maart jl. gaf ik eveneens aan dat de portefeuilleverdeling met zich meebrengt dat de wethouders als eerste verantwoordelijke zich in eerste instantie richten op hun eigen portefeuille, maar dat het van het grootste belang is dat zij, voordat er sprake is van een nadere uitwerking in beleids- of uitvoeringsnotities, er inhoudelijk een discussie plaatsvindt binnen het College over de daarbij te hanteren uitgangspunten. Daar wordt de eerste kwaliteitsslag gemaakt.
Ik stelde dat de leden van het College niet de gemakkelijkste weg moeten kiezen in de zin van: "Ik bemoei me niet inhoudelijk met het grootste deel van de voorstellen van de collega's, dit zeker niet zolang zij mij in hoge mate mijn gang laten gaan." De VVD had in de context van de cultuuromslag hier graag een reactie op gezien in de notitie van het College.

Voorzitter,
Het leidt voor mijn fractie geen twijfel, dat voor een goed functioneren van de gemeentelijke dienstverlening ook de gehele ambtelijke organisatie doortrokken dient te zijn van respect voor de functies van Raad en College. Laat ik het recht voor zijn raap zeggen: ambtenaren mogen zo nodig individuele raadsleden sufferds vinden maar dienen nooit in hun werkzaamheden te kort te schieten als het gaat om respect voor het instituut Raad. En het College heeft hierop dagelijks toe te zien. Wederom: ook met betrekking tot dit aspect had ik graag wat anders gelezen in de notitie van het College.

Voorzitter,
Uit mijn bijdrage mag U concluderen dat ik op hetgeen het College in de notitie heeft verwoord eigenlijk niet zoveel commentaar heb. Dit met één uitzondering : reeds enige malen heeft de Raad aangedrongen op de aanstelling van een "Juridische Controller" vergelijkbaar met de functie van een Concern Controller. Ook de VVD heeft geen behoefte naar nader onderzoek op dit punt we willen gewoon dat deze functionaris op korte termijn wordt aangesteld.

De teleurstelling van mijn fractie is, zoals U zult hebben begrepen veel meer gelegen in de terughoudende wijze waarop in de notitie is ingegaan op de noodzakelijke cultuuromslag, waarbij naar ons oordeel een aantal belangrijke veranderingen op dit punt bij wijze van spreken morgen kunnen worden ingevoerd.

Klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


a name="5">Geachte mevrouw Meertens,

In uw e-mail van 15 september 2009 informeert u mij over de wijze waarop kiezers met een visuele beperking in Duitsland zelfstandig kunnen stemmen bij verkiezingen. Ik dank u voor het toezenden van de informatie.

Tijdens mijn bezoek aan de gemeente Renkum op 9 september 2009 hebben wij gesproken over het stemmen door kiezers met een visuele beperking. Het stemmen met papieren stembiljetten is voor deze kiezers minder toegankelijk. Zij zijn aangewezen op het verlenen van een volmacht of het vragen om bijstand bij het uitbrengen van de stem. Hierdoor is het stemgeheim niet langer gewaarborgd. Daarvan ben ik mij bewust. Daarom onderzoek ik momenteel, in overleg met belangenorganisaties, of het mogelijk is om kiezers met een visuele beperking bij verkiezingen toch zelfstandig hun stem uit te laten brengen op een (aangepast) stembiljet. De oplossing die in Duitsland wordt gebruikt is mij bekend en wordt bij dit onderzoek betrokken.
De Tweede Kamer heeft recent een wetsvoorstel (Kamerstukken 2008-2009, 30569, nr. 8) aangenomen waarmee het mogelijk wordt gemaakt dat er meerdere typen stembiljetten zijn. Voordat de aangepaste wijze van stemmen door visueel gehandicapten zal kunnen worden toegepast bij verkiezingen, zal eerst een proef worden uitgevoerd. Ik kan u niet garanderen dat het al bij de komende gemeenteraadsverkiezingen mogelijk zal zijn voor kiezers met een visuele beperking om zelfstandig hun stem uit te brengen.

De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties
Drs. A. Th. B. Bijleveld-Schouten

Klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


Vooruit met die economie!<

Alain van de Haar van de Kamer van Koophandel, spreekt zich uit over het Nederlands ondernemersklimaat anno 2009.

Een jaar geleden, zelfs een half jaar geleden spraken we in Nederland van een voorspoedige economische groei. Met een lage werkloosheid, goede groeicijfers, een overschot op de rijksbalans en zeker op de middellange termijn van belang: een goed systeem van pensioenfondsen. Nederland stond internationaal te boek als één van de sterkste economieën. De financiële markt in Amerika werd weliswaar ook toen al hard getroffen, maar de verwachting was dat dit relatief eenvoudig langs ons af zou glijden. Dat denken we inmiddels niet meer.
Huidige crisis vergelijkbaar met de jaren 30?Sterker nog, er is sprake van een economische recessie die zich zo snel verdiept dat de premier van ons land deze al vergelijkt met die van de jaren dertig van de vorige eeuw, beter bekend als ‘de grote depressie'. He?? Anno 2009 verdienen we in Nederland met elkaar zo'n 200 keer meer dan in de jaren dertig! Dus, nu vergelijken met de jaren dertig? We kenden toen nog nauwelijks sociale voorzieningen en in ieder geval nog geen pensioenstelsel! Een andere relativering: in de werkloosheidsprognoses van het CPB is geen rekening gehouden met het feit dat de afgelopen jaren zeer veel Oost-Europeanen in Nederland zijn komen werken. Actuele cijfers zijn er niet, maar in 2007 waren dit er al ruim 100.000. Uiteraard worden tijdelijke dienstverbanden met buitenlandse werknemers het eerst ontbonden. Hoe triest voor deze mensen ook; zij zullen als eerste worden ontslagen en zullen terugkeren naar hun eigen land. Dat leidt weliswaar wel tot minder omzet, maar zal niet leiden tot de werkloosheidsexplosie waar het
CPB voor waarschuwt. Stel dat we twee jaar achter elkaar een krimp meemaken die het CPB voorspelt. Dan zijn we straks weer net zo arm als we in, zeg maar, 2003 waren. Kunt u zich dat jaar herinneren als een jaar waarin we het zo slecht hadden?
De winsten van de grote bedrijven staan onder druk. Zo wordt gemeld dat ook Heineken last heeft van de crisis, bijna 10% minder winst. Deze bedraagt nu slechts ruim een miljard... Op dezelfde dag meldt DSM ook een forse krimp van de winst in het laatste kwartaal. Over het gehele jaar is er echter niet alleen sprake van de winst, maar zelfs van een groei daarvan.


Het werkelijke beeld.
Is er dan niets aan de hand? Natuurlijk wel. De werkloosheid loopt licht op, de winsten staan in verschillende sectoren zwaar onder druk en er zijn vele bedrijven die het op dit moment heel moeilijk hebben. Maar deze worden niet geholpen door de constante stroom van onheilspellende berichtgeving in de media. Hierdoor verdiepen we de crisis in plaats van deze te verminderen. Want wat we in ieder geval van de huidige crisis hebben geleerd, is dat economie voor een belangrijk deel is gebaseerd op vertrouwen. En vertrouwen verhoog je niet door de hele dag door slecht nieuws verhalen te vertellen.
Welk verhaal moeten we dan vertellen? Vanuit de Kamer van Koophandel vinden we dat we Uw verhaal moeten vertellen. En om die reden voeren we elk kwartaal een onderzoek uit naar de mening van ondernemers. Dit onderzoek doen we onder andere met het CBS en VNO-NCW.
Het onderzoek gaat relatief eenvoudig: via een enquête worden landelijk 4.000 ondernemers naar hun toekomstverwachtingen gevraagd. In maart kwamen de resultaten daarvan naar buiten. Verwachtingen economisch klimaat Dit plaatje dat U nu ziet laat dus zien wat de ondernemers verwachten. En wat ziet u hier? De ondernemers zijn pessimistisch over de nabije toekomst. Er zijn ruim 50% meer bedrijven die een Ook hier weer: het zegt niets over het percentage
daling of stijging, maar alleen iets over het aantal bedrijven dat iets verwacht. U ziet hier dat de ondernemers voor het komende kwartaal relatief negatief zijn, met uitzondering van de dienstensector en de agrarische sector. Overigens: Nederland is vooral een dienstenland, de meeste werkgelegenheid zit daar. Hierbij is de vraag aan de bedrijven geweest of zij verwachten het komende kwartaal mensen aan te zullen nemen of af te laten vloeien. En ook hier weer het beeld: men is in het algemeen voor de komende drie maanden niet positief. Met een bijzondere uitschieter in de detailhandel, die we niet echt kunnen plaatsen. Maar is dit het volledige verhaal? Het is overduidelijk dat we nu in een recessie zitten, en ook al weten we niet hoe lang die gaat duren, één ding weten we zeker: hij zal weer overgaan. En ik weet niet of Bernankie gelijk krijgt dat de VS al voor het einde van dit jaar de weg omhoog zal vinden. Wat ik wel weet is dat de langste recessie ooit in Nederland 18 maanden was, waarvan er al 7 om zijn. Dus hoe dan ook: het is reëel om te verwachten dat deze niet langer dan nog circa een jaar zal duren. Dus, nee, dit is niet het volledige verhaal. Want alleen dit verhaal vertellen verdiept de crisis, drukt het vertrouwen nog verder weg. Daarom moeten we een toekomstgericht verhaal vertellen. Een verhaal met het aanpakken van de problemen van nu, voorsorterend op de kansen die nu al bestaan, en de komende jaren weer zullen groeien. Want die landen die het beste voorsorteren op komende ontwikkelingen zullen als eerste weer aanhaken bij het aantrekken van de economie.

Investeer!
Pak het eerst die sectoren aan die het op dit moment echt moeilijk hebben. Dat zijn op de eerste plaats die bedrijven die voor hun opdrachten afhankelijk zijn van kredieten: de bouwsector en daaraan gerelateerde sectoren. De publieke sector kan deze sectoren ondersteunen door opdrachten naar voren te halen. Dat geldt niet alleen voor gemeenten, provincies of Rijk, maar ook voor woningcorporaties die over het algemeen in een relatief luxe situatie zitten. In Rotterdam financiert bijvoorbeeld het  ontwikkelingsbedrijf (OBR) inmiddels de meeste grote bouwprojecten in de stad, omdat private financiering nauwelijks meer lukt.

Kansen op allerlei fronten!
We weten nu al dat energie de komende jaren fors duurder zal worden. Realiseer dan versneld de windparken, zorg dat op alle daken zonnepanelen komen te liggen. Zorg dat verouderde woningen versneld worden geïsoleerd. Realiseer vernieuwende energiecentrales. Dat helpt de economie nu op gang en zorgt dat op het moment van stijgende prijzen de mensen er minder last van hebben en daarmee op termijn meer besteedbaar inkomen hebben. Dat helpt ook om Nederland een innovatievoorsprong te geven in een sector waarvan we nu al zeker zijn dat dit één van de grote groeisectoren van de nabije toekomst kan zijn. Met andere woorden; investeren nu, levert een langdurige voorsprong op waar we op allerlei mogelijke manieren van zullen profiteren.

Nederland distributieland.
Wat we ook zeker weten is dat transport en logistiek voor Nederland als doorvoerland altijd belangrijk zal blijven. We weten ook dat als de economie ook maar een beetje aantrekt de files direct weer fors zullen groeien. Prima dat we allerlei afspraken maken over mobiliteits-management, maar elke verkeerskundige weet dat uiteindelijk de grote verkeersknooppunten alleen opgelost worden door forse investeringen zowel in rail, water, maar zeker ook op de weg. De knelpunten zijn allang bekend: laten we juist nu deze eens voortvarend oplossen. Dit levert nu meer werkgelegenheid op en bespaart bij een aantrekkende economie.
En als regelgeving ons daarbij in de weg staat, pas die aan: regels zijn bedoeld om ons het leven te veraangenamen en niet om ontwikkelingen waarvan we donders goed weten dat die noodzakelijk zijn, jarenlang te vertragen.

Kredietverstrekking
Nog steeds wordt gesteld dat er nog voldoende kredieten worden verstrekt. Dit is niet waar. Er zijn door centrale directies van banken opdrachten verstrekt om afscheid te nemen van klanten omdat die te weinig rendement opleveren. Vaak trouwe klanten die jarenlang netjes aan hun verplichtingen hebben voldaan. Er zijn volledig gezonde bedrijven die geen krediet krijgen om een benodigde investering te doen. Er zijn bedrijven die door veranderende betalingstermijnen in de problemen komen. Zo maar een voorbeeld: een toeleverancier krijgt per brief de melding dat de betalingstermijn per direct wordt opgerekt van 60 naar 90 dagen. Dat betekent concreet dat dit bedrijf twee ton extra overbruggingskrediet nodig heeft. Een krediet dat hij vervolgens niet bij zijn bank krijgt ...
Hier ligt een opdracht voor de overheid die, nu ze weer een staatsbank hebben, zelf kredieten kunnen verstrekken. Die juist door de zwakte van de banken, afspraken met de banken kunnen maken, ze kunnen dwingen tot kredietverstrekking. Maar ook een fatsoenlijk betaalgedrag zou al helpen. Nederlandse overheden horen in Europa tot de slechtst betalende klanten. Binnen twee weken een factuur voldoen, zou het normale gedrag moeten zijn. Hier ligt overigens niet alleen een opdracht voor de overheid, maar zeker ook voor de bedrijven. Er zijn inmiddels te veel voorbeelden van grote afnemers die hun betalingstermijnen oprekken en daarmee hun toeleveranciers in problemen brengen. Laten we ook als bedrijfsleven afspreken dat we onze eigen problemen niet doorschuiven naar de collega-bedrijven. Laten we fatsoenlijke betalingstermijnen hanteren, in plaats van toeleveranciers in onmogelijke problemen te brengen.

Duurzame consumptiegoederen
De automotive-sector heeft het moeilijk. In de hele wereld is de productie sterk gedaald. En denk niet dat dit alleen een Duits probleem is. Ook in Nederland wordt een fors deel van onze industrie hierdoor geraakt. En daarnaast is Duitsland als onze grootste exportmarkt van zeer groot belang voor onze economie. De oude uitdrukking van ‘als het regent in Duitsland, druppelt het in Nederland' is nog steeds zeer waar.
Het idee om oude auto's met een bonus in te mogen ruilen voor nieuwe(re) auto's zou daarbij omarmd moeten worden. Dit versterkt immers de vraag en helpt gelijk om extra vervuilende auto's snel van de weg te krijgen. In Duitsland heeft dit geleid tot 20% meer autoverkoop terwijl in de rest van Europa sprake was van een sterke daling. Help daarnaast de sector in de omschakeling naar schonere motoren. De tweede grote markt van duurzame consumentengoederen waarin het echt sappelen is, is de huizenmarkt. Daarbij zijn overigens wel enkele kanttekeningen te maken. Ten eerste is er in Nederland nog steeds, in tegenstelling tot veel buitenlanden een woningschaarste. De kans dat huizen in Nederland sterk in prijs zullen dalen, is dan ook relatief klein. We kunnen dan ook zomaar de komende jaren verwachten dat de hypotheekrente fors zal zakken, omdat buitenlandse financiële instellingen de veiligheid van onze markt zullen herkennen en hun geld juist in zo'n markt zullen willen onderbrengen. Het Rijk beschikt door de bijzondere financiële situatie over een uitstekende uitgangspositie om hier versneld afspraken over te maken. Dit zal de markt weer in beweging brengen.
En als we dan die volstrekt scheefgegroeide overdrachtsbelasting afschaffen, of in ieder geval fors verlagen, zal dit een extra slinger geven.
Naast deze maatregelen om de sectoren te steunen die op dit moment het hardst worden getroffen, is ook een lange termijn visie op de economische toekomst van Nederland nodig.
Een visie met een juiste mix tussen oplossen van de problemen van nu, gebruik makend van onze sterkten, aanpakkend van die zaken waarop we minder scoren en wetende wat de komende problemen zullen zijn. En die grote problemen kennen we. We wachten er dan ook eigenlijk alleen nog maar op dat
dit verhaal door de politiek wordt verteld. En niet alleen met een juiste analyse, maar ook met een juiste aanpak.


Demografische ontwikkelingen in de toekomst.
De komende decennia zal de beroepsbevolking krimpen. Hoe gek dat indeze tijden ook klinkt, er zullen grote tekorten op de arbeidsmarkt ontstaan. En dat
is geen aanname maar een wiskundige zekerheid: met de vergrijzing en ontgroening zal de potentiële beroepsbevolking gaan dalen. De technische sectoren hebben hier al lange tijd last van. Zorg zal daar in zeer stevige mate bij komen. Om met onze minister Klink te spreken: zelfs als iedereen die nu afstudeert tot 2020 zou kiezen voor de Zorg, zelfs dan zal er in 2020 in de Zorg nog steeds een tekort zijn aan arbeidskrachten.
En als we dat weten, waar blijven de plannen om dit de komende decennia het hoofd te bieden? Verhoging van de pensioenleeftijd: hou er maar rekening mee, die komt er. Maar hoe eerder we er mee beginnen, hoe meer we de effecten over de mensen spreiden.
Discussies over open grenzen voor buitenlandse werknemers? Over een tijdje zijn we dolblij als buitenlandse werknemers hier willen werken! Parttime werken? We zullen met elkaar de discussie aan moeten gaan over al die hoog opgeleide vrouwen die maar ten dele de in hun gedane investering weer in de maatschappij steken. Mijn inschatting is dat, zelfs als we dit allemaal tegelijk doen, dan nog steeds zal het een grote uitdaging vormen om dit probleem te ondervangen. Er is dus alle reden voor haast.

Innovatie, innovatie, innovatie.
Nederland scoort beroerd op de innovatiekaarten van Europa. En dat is erg, omdat door onder andere het verkorten van de productlifecycles en internationale concurrentie op prijs, dit alleen nog maar belangrijker zal worden. Innovatie zal ook nodig zijn om de hiervoor geschetste arbeidsmarktproblematiek het hoofd te bieden. Indien we immers de arbeidsproductiviteit fors kunnen laten stijgen, kunnen we met een kleinere beroepsbevolking toch een stijgende nationale omzet hebben. Overigens hebben we het dan niet alleen over innovatie in het bedrijfsleven, maar ook in de zorg, waar we het systeem volledig op z'n kop moeten gooien. Niet alleen om het systeem betaalbaar te houden, maar ook simpelweg omdat we, wat we ook zullen doen, als gevolg van de demografische ontwikkelingen nooit voldoende handen aan het bed zullen kunnen krijgen. Het toenemend belang van innovatie kan alleen worden ingevuld met goed opgeleide mensen.

Investeer in het onderwijs, maak harde afspraken met bedrijven over scholing. Zorg dat het beroepsonderwijs meer middelen krijgt om de samenwerking met het bedrijfsleven verder in te vullen. Eigenlijk is het te zot voor woorden dat er nu pas een stevige regeling komt om werknemers om- of bij te scholen.

Pak die kansen!
Sorteer daarbij voor op ontwikkelingen die de komende jaren kansen gaan bieden. Het milieuprobleem staat definitief op de agenda en zal direct weer urgenter worden als de economie aantrekt. Nederland is nu al goed in waterstof en zonnecellen. Het is niet voor niets dat we al een aantal jaren achter elkaar de zonnerace (World Solar Challenge) winnen in Australië. Maar waar is de afgeleide grootschalige industrie die hiervan gebruik maakt? Dat is overigens niet alleen het gevolg van gebrek aan lef bij de overheid, maar zeker ook bij het bedrijfsleven.
Watermanagement is iets waar Nederland al eeuwen goed in is. Maak samen met de sector een agenda om dit nog meer wereldwijd uit te rollen.
We weten ook dat wereldwijd de voedseltekorten fors zullen stijgen als het economisch straks weer beter gaat. Op dit moment is er even sprake van dalingen van de voedselprijzen, maar zodra de ontwikkelende landen weer hun groeipercentages van de afgelopen jaren zullen gaan laten zien, zal dit
leiden tot hogere salarissen in die landen en daarmee een sterk stijgende vraag naar (luxer) voedsel, met naar verwachting grote schaarste en sterk stijgende voedselprijzen. Nederland heeft een zeer innovatieve agro-sector en in de WUR (Wageningen Universiteit) één van de meest toonaangevende
universiteit van de wereld. Daarop verder investeren is een geheid succes in de komende jaren.

Werk aan de winkel.
Politici, beleidsmakers, ondernemers. Het is nu niet de tijd om allerlei doemscenario's te schetsen en elkaar de put in te praten. Juist nu moeten we met elkaar aan de slag. In nieuwe coalities waarbij ook publieke middelen worden gebruikt voor private initiatieven. Waarbij tijdelijk R&D afdelingen
ondergebracht worden bij Universiteiten. Waar we niet lopen te klagen over de investeringsplannen van provincies, regio's en grote gemeenten, maar dit als handreikingen zien om de economie draaiende te houden. Waar niemand werkloos thuis komt te zitten, maar direct naar ander werk wordt geleid of
geschoold wordt zodat die zo snel mogelijk weer elders aan de gang kan gaan.


Dames en heren, we moeten aan de slag en ik wens ons daar veel succes mee!
Alain van de Haar
Kamer van Koophandel

klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen die zijn gesteld door het lid Griffith (VVD) over het stemrecht van mensen met visuele en/of andere beperkingen. Deze vragen werden ingezonden op 24 april 2009 met kenmerk 2009Z08043.

DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES, drs. A.Th.B. Bijleveld-Schouten Vragen van het lid Griffith (VVD) aan de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over het stemrecht van mensen met visuele en/of andere beperkingen. (Ingezonden 24 april 2009)

1. Op welke wijze worden mensen met een visuele- en andere beperking geattendeerd op de aanstaande Europese- en gemeenteraadsverkiezingen?

Antwoord:In de opkomstbevorderende campagne die door het ministerie van BZK zal worden gevoerd bij de verkiezing van de leden van het Europees Parlement wordt dit keer specifieke aandacht besteed aan kiezers met een visuele beperking. De algemene (Postbus 51) campagne is gericht op alle kiezers in Nederland, waaronder kiezers met een beperking. De campagne-uitingen bestaan uit televisie- en radiospots en advertenties in de geschreven media. Door het ministerie van BZK wordt daarnaast, in samenwerking met Viziris, de belangenbehartigingsorganisatie voor mensen met een visuele beperking, de zogeheten Kieslijsttelefoon opgezet. Via deze gratis telefoonlijn kunnen kiezers met een visuele beperking gedurende een periode van circa 2 weken voor de verkiezing tot en met verkiezingsdag de kandidatenlijsten voor de verkiezing van de leden van het Europees Parlement beluisteren en kosteloos bestellen in aangepaste leesvormen. De kiezers met een visuele beperking worden hierover geïnformeerd via hun belangenorganisaties. Zo worden er advertenties geplaatst in ledenbladen en op websites gericht op de doelgroep. De gemeenten wordt gevraagd hun inwoners over deze service te informeren. Op basis van de ervaringen bij de Europese verkiezing zal worden bezien of en zo ja hoe deze voorziening bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2010 kan worden ingezet.

2. Op welke manier worden Nederlanders met een visuele en of andere beperking in het buitenland expliciet geïnformeerd over het feit dat, willen zij gebruik maken van hun stemrecht, zij zich eerst moeten laten registreren bij de Nederlandse ambassades en consulaten dan wel rechtstreeks bij de gemeente Den Haag?

Antwoord: Kiezers met een visuele en of andere beperking zijn op zelfde wijze geïnformeerd als andere kiezers in het buitenland over de verkiezingen, dus via de website, webbanners, advertenties in de buitenland editie van de NRC en de Telegraaf, de Wereldomroep en BVN-tv.

3. Deelt u de mening dat de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl integraal toegankelijk moet zijn voor alle Nederlanders die woonachtig zijn in het buitenland, dus ook voor mensen met een visuele en/of andere beperking?

Antwoord: Wanneer een website onder ministeriële verantwoordelijkheid valt, is het Besluit Kwaliteit Rijksoverheidwebsites (30 juni 2006) van toepassing. In de bijlage van het Besluit is aangegeven aan welke eisen nieuwe websites van de rijksoverheid bij oplevering dienen te voldoen. Deze eisen zijn gelijk aan alle huidige Webrichtlijnen. De webrichtlijnen zijn, gebaseerd op internationale normen en afspraken. Nederland behoort tot de landen welke deze normen naar de letter wil voeren. Een correcte toepassing van de Webrichtlijnen leidt ertoe dat websites beter en duurzaam toegankelijk zijn voor alle bezoekers, toepassingen en browsers.

4. Heeft u reeds stappen ondernomen om de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl op korte termijn integraal toegankelijk te maken voor mensen met een functiebeperking? Zo ja, welke maatregelen?

Antwoord: Het bureau dat de website realiseert, dient zorg te dragen dat, vóór publicatie, de opgeleverde website bewezen voldoet aan de Webrichtlijnen. Als bewijs hiervoor wordt een 100% testscore op Drempelvrij Prioriteit 1 + Prioriteit 2 plus een 100% testscore op Webrichtlijnen van de Overheid aanvaard. Uit de toetsing op de Webrichtlijnen, uitgevoerd op 6 april 2009 door Stichting Bartiméus Accessibility, is gebleken dat het publieke gedeelte van de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl volledig voldoet aan de Webrichtlijnen en daarmee toegankelijk is voor mensen met een functiebeperking.

5. Bent u bereid in de toekomst alle soortgelijke informatieve overheidswebsites over verkiezingen integraal toegankelijk te maken voor kiesgerechtigden met een visuele en/of andere beperking?

Antwoord: Het Besluit Kwaliteit Rijksoverheidwebsites schrijft voor dat alle nieuwe websites van de rijksoverheid bij oplevering dienen te voldoen aan de Webrichtlijnen, en daarmee toegankelijk moeten zijn voor alle bezoekers met een visuele en/of andere beperking.

6. Hoe wilt u ervoor zorgen dat mensen met een visuele dan wel andere beperking zoveel mogelijk zelfstandig gebruik kunnen maken van hun stemrecht, waarbij hun stemvrijheid en stemgeheim zoveel mogelijk gewaarborgd blijft?

Antwoord: In overleg met de belangenorganisaties wordt momenteel onderzocht of het mogelijk is binnen de huidige kaders (stemmen in een stemlokaal met potlood en papier) personen met een visuele handicap zelf hun stem te laten uitbrengen. Ik heb u hierover ingelicht bij de nota naar aanleiding van het verslag en de bijbehorende nota van wijziging bij het wetsvoorstel 30 569 (Wijz. Kieswet; invoering van het stemmen met een stempas in een stembureau naar keuze binnen de eigen gemeente) Kamerstukken 2008-2009, 30569, nr 7 en 8. Ik zie hiervoor mogelijkheden doch deze vergen wel dat er voor deze groep een aangepast stembiljet beschikbaar komt. Om de ontwikkeling van een dergelijk stembiljet mogelijk te maken, stel ik voor de huidige bepaling over de inrichting van het stembiljet enigszins aan te passen. En marge van de verkiezing voor de Nederlandse leden van het Europees Parlement verwacht ik samen met de gehandicaptenorganisaties een proef te kunnen doen met een aangepast biljet. Daarnaast zullen de kandidatenlijsten in braille en grootlettertype beschikbaar worden gesteld en zullen deze eveneens via internet en mogelijk ook via de telefoon te beluisteren zijn.

Ga terug naar de nieuwspagina


VVD voor een werkend Europa

De Europese integratie heeft Nederland veel voordelen gebracht. Om dat zo te houden moet de EU haar prioriteiten bijstellen en zich beperken tot haar kerntaken. In dit programma geeft de VVD haar ideeën om Europa beter te laten werken. Zo wil de VVD: het nutteloos rondpompen van geld tegengaan, de lastendruk verlagen, kopgroepen vormen voor een vrije dienstenmarkt en de EU meer mogelijkheden geven om terroristen, criminelen en fraudeurs te bestrijden. Verder pleit de VVD voor investeringen in duurzame energie en kernenergie, een Europese blauwe migratiekaart, Europese solidariteit bij het verdedigen van Europese waarden en terughoudendheid met verdere uitbreiding. De VVD wil een Europa waar ondernemers, werknemers en studenten zich vrij kunnen bewegen en het beste uit zichzelf kunnen halen. De VVD gaat voor een werkend Europa.

1. Nederlanders hebben veel baat bij een Europese Unie van kerntaken. Het staat buiten kijf dat de Europese Unie van groot belang is voor Nederland, voor Europa en voor de wereld om ons heen. Zij is bij uitstek een liberaal project: een ruimte van democratie en stabiliteit met een gemeenschappelijke markt vrij van belemmeringen voor burgers en bedrijven. De Nederlander kan vrij reizen, heeft een sterke munt tot zijn beschikking, verdient door de economische integratie gemiddeld duizenden euro’s per jaar meer en geniet van een groot scala aan producten. De oorspronkelijke doelen: nooit meer oorlog tussen lidstaten, economische welvaart en bescherming van de democratie zijn ruimschoots gehaald. Al 2 meer dan 60 jaar vrede, we zijn rijk als nooit tevoren en de Sovjet-Unie bestaat niet meer. De balans van de Europese integratie is kortom zeer positief. Maar behaalde successen mogen ons niet gemakzuchtig maken. De negatieve uitslag van het referendum geeft aan dat veel Nederlanders ontevreden zijn. De EU wordt gezien als een elite-project voor Eurocraten die ver weg staan van de problemen van alledag. Europa bemoeit zich met teveel zaken, de uitbreidingen zijn te snel gegaan, afspraken worden niet nagekomen en hebben voor de grote landen niet dezelfde betekenis als voor de kleine. Het terugwinnen van het vertrouwen moet prioriteit hebben. Hierin past ook het streven om met het Europees Parlement op één in plaats van twee locaties te vergaderen. Het vertrouwen wordt niet teruggewonnen door glanzende brochures, grote beloftes en ronkende persverklaringen. De VVD vindt dat de EU haar prioriteiten moet bijstellen, de dingen moet doen die het aankan en de rest aan nationale of regionale overheden moet overlaten. De EU moet zich richten op de uitdagingen van de 21ste eeuw zoals globalisering, veiligheid, klimaatverandering, immigratie, vergrijzing, terrorismebestrijding, energie en water. Omdat iets belangrijk is, hoeft het niet noodzakelijk door de Europese Unie gedaan te worden. Alleen als er belemmeringen voor het onderlinge economische verkeer zijn, grensoverschrijdende problemen in het geding zijn en er schaalvoordelen kunnen worden benut moet de EU er met volle kracht voor gaan. Zo niet, dan blijft het een nationale aangelegenheid. Dit maakt de VVD realistisch, kritisch en ambitieus. De VVD kiest voor een krachtig Europa van kerntaken.

2. Geen federaal Europa, wel meer samenwerking Europa is een verzameling van staten die bepaalde taken gezamenlijk willen uitvoeren en daarvoor gemeenschappelijke regels opstellen. Een federaal Europa met een centrale regering in Brussel zal er niet komen en de idee dat Europa zich naar een superstaat ontwikkelt is niet aan de orde. De 3 Nederlandse staat en de Nederlandse identiteit zullen behouden blijven. Europa´s kracht ligt in haar verscheidenheid. Dit betekent niet dat de lidstaten geen dingen gezamenlijk mogen doen. Maar alleen als die voor de Europese burgers een meerwaarde hebben. Het is goed dat het Europees Parlement in het nieuwe verdrag meer bevoegdheden krijgt. Maar Nederland mag niet achterover leunen want Europees beleid is binnenlands beleid. Dus Europese ontwikkelingen moeten in Nederland serieuzer worden gevolgd. Ons parlement moet zich niet voor voldongen feiten laten plaatsen en beter controleren wat Nederlandse ministers in ‘Brussel’ besluiten. Ministers moeten met duidelijke richtlijnen op pad worden gestuurd en indien nodig moet er aan de handrem worden getrokken wanneer de Europese Commissie al te activistisch wordt. De VVD heeft er voor gezorgd dat de Europese Commissie haar plannen moet herzien als de helft van de nationale parlementen tegen een voorstel is. Maar de Europese bemoeizucht komt niet alleen uit Brussel. Nederland maakt het zichzelf vaak onnodig moeilijk door Europese wetten strenger in te voeren dan nodig is. Zo maakte de toenmalige minister van VROM een directe koppeling tussen de Europese wetgeving over fijnstofnormen en de ruimtelijke ordening in Nederland. De Europese wet verplichtte dit niet. Resultaat is dat veel bouwprojecten stil zijn komen te liggen. Fouten uit het verleden moeten worden hersteld. De Nederlandse overheid moet alsnog de extra nationale wetgeving op bestaande Europese richtlijnen als de fijnstofrichtlijn, de Vogel- en Habitatrichtlijn en Natura 2000 terugdraaien. De VVD blijft er op toezien dat ministers geen extra wetgeving bovenop de Europese plaatsen.

3. Een betere Europese markt. De Europese gemeenschappelijke markt is de belangrijkste pijler van de Europese welvaart. De Nederlandse thuismarkt is niet groot en Nederlandse ondernemers moeten het daarom hebben van de export naar de Europese markt met bijna 500 miljoen consumenten. De toegenomen handel heeft de welvaart in de EU verhoogd met 10 procent van het nationaal inkomen. Dit 4 komt overeen met 60 miljard euro of ruim achtduizend euro per huishouden per jaar. Het productaanbod is aanzienlijk gegroeid en de kwaliteit van de producten wordt beter gecontroleerd. De Europese markt vergt voortdurend onderhoud en de Europese Commissie moet er dus op toezien dat landen die de regels aan hun laars lappen harder worden aangepakt. Ter bevordering van het internationale handelsverkeer dringt de VVD er nadrukkelijk op aan verdere belemmeringen terug te dringen door een succesvolle afronding van de DOHA-ronde. Juist in tijden van economische tegenwind is het van belang protectionisme te bestrijden met bindende regels in het kader van de Wereldhandelsorganisatie. Om nog beter te profiteren van de gemeenschappelijke markt is de VVD van mening dat Nederland, eventueel in kopgroepen per onderwerp met gelijkgezinde Europese landen, dient te streven naar: • een volledig vrije dienstenmarkt, inclusief gezondheidsdiensten en een vrije postmarkt; • een vrije transportmarkt door het verder ontwikkelen van trans-Europese netwerken over weg, water en spoor; • bevordering van de administratieve lastenverlichting voor burgers en bedrijven en bestrijding van fraude, onder meer door drastische vereenvoudiging van het BTW-systeem; • de invoering van een gezamenlijk en betaalbaar Gemeenschapsoctrooi; • de invoering van een gemeenschappelijke grondslag voor de vennootschapsbelasting, ter vereenvoudiging van lasten voor het bedrijfsleven en ter verbetering van de openheid en het investeringsklimaat. Andere landen kunnen zich later bij deze kopgroepen aansluiten. De samenleving internationaliseert in hoog tempo. Internationalisering van het onderwijs is daarom van groot sociaal-cultureel en economisch belang. De Unie moet hierbij meer dan nu een stimulerende rol spelen. Studenten moeten meer mogelijkheden krijgen in het buitenland te studeren en toptalent uit het buitenland moet actief worden aangetrokken. De euro is belangrijk voor het functioneren van de gemeenschappelijke 5 markt. De gezamenlijke munt biedt burgers en bedrijven gemak, kansen en stabiliteit. Dankzij de euro zijn de deelnemende landen beduidend minder kwetsbaar voor financiële crises. Om ook in de toekomst de stabiliteit van de euro, onze koopkracht en onze pensioenen te garanderen moeten de gezamenlijke regels door alle landen nauwgezet worden nageleefd en het financiële toezicht waar nodig worden verbeterd. Regels mogen niet door grote lidstaten worden overtreden zonder dat dit tot sancties leidt. Afspraak moet weer afspraak zijn.

4. Terughoudendheid met verdere uitbreiding van de EU. De uitbreidingen hebben de EU tot de grootste economische markt van de wereld gemaakt en stabiliteit en democratie in voormalige dictaturen gebracht. Nederland heeft hier volop van geprofiteerd. De VVD is voorstander van de uitbreiding geweest maar wil nu een pas op de plaats. De EU is de uitbreidingsrondes met twaalf nieuwe lidstaten nog aan het verwerken. Toezeggingen moeten worden nagekomen. Maar voor de VVD staat vast dat de EU tot 2014, op eventueel Kroatië na, geen nieuwe lidstaten kan opnemen. Voor de toekomst houdt de VVD onverkort aan de toetredingscriteria vast en wil zij dat deze strenger dan in het verleden worden toegepast. Toetreders moeten daadwerkelijk aan alle voorwaarden voldoen. Want als een land eenmaal lid is, blijkt het moeilijk corrigerend op te treden. Ook is de wil om problemen als corruptie aan te pakken dan vaak gering. Voor de VVD is van groot belang dat een uitbreiding in de maatschappij steun ondervindt. Het draagvlak voor de Europese samenwerking mag niet in gevaar worden gebracht. Turkije neemt een bijzondere positie in. Het toetredingsperspectief heeft daar politieke en economische hervormingen gestimuleerd. Het is aan Turkije om te laten zien dat het zich daadwerkelijk tot een democratische rechtsstaat ontwikkelt die alle Europese regels toepast. Voor de toetreding van Turkije wordt strikt de hand gehouden aan de geldende eisen. De VVD zal zich er niet bij neerleggen dat hiermee wordt gesjoemeld.

5. Democratie, mensenrechten en vrijhandel hoekstenen buitenlands beleid. De Europese Unie is een economische reus maar een politieke dwerg. De VVD ziet in dat dit niet zal veranderen zolang de grote lidstaten over zaken als de oorlog in Irak van mening verschillen. Gelukkig heeft Europa tot nu toe altijd kunnen terugvallen op de militaire steun van de VS. Maar het wordt tijd dat Europa meer verantwoordelijkheid neemt bij het voorkomen en oplossen van internationale conflicten. Het buitenlands en defensiebeleid blijven in nauwe samenwerking met de NAVO-partners plaatshebben. Bij het gemeenschappelijke buitenlands beleid van de Unie moeten de bevordering van democratie, mensenrechten en vrijhandel voorop staan. Hoewel de EU geen militaire macht is, kan zij wel degelijk invloed in de wereld uitoefenen via niet-militaire middelen. Zo is de EU de grootste ontwikkelingsdonor van de wereld en moet zij dit middel beter gebruiken om deugdelijk bestuur en goed beleid te bevorderen. Wanneer ontwikkelingsgeld door de leiders van ontvangende landen niet rechtmatig wordt besteed moet dit diplomatieke en financiële consequenties hebben.

6. Europese samenwerking voor onze veiligheid. De globalisering brengt grote voordelen met zich mee waarvan Nederland en de EU profiteren. Maar doordat grenzen vervagen wordt het voor terroristen, producenten van kinderporno, mensenhandelaren, de maffia en andere criminelen gemakkelijker hun misdaden te plegen zonder gepakt te worden. De EU moet daarom meer middelen vrijmaken voor een Europese grens- en kustwacht om criminele activiteiten te voorkomen en ongewenste invoer en immigratie tegen te gaan. Ook werken nationale politiekorpsen en inlichtingendiensten in de EU-landen tot nu toe onvoldoende samen. Intensievere politiesamenwerking is dringend gewenst, zeker als het gaat om de bestrijding van de zware georganiseerde misdaad en terreur. Daarom moet Europol eigen opsporingsbevoegdheden krijgen en een systeem van gekoppelde, nationale DNA-banken met DNAgegevens van criminelen tot haar beschikking hebben. Vervolging blijft wel een nationale zaak. De VVD aanvaardt dat inbreuken op de privacy soms 7 helaas noodzakelijk zijn om de veiligheid effectief te beschermen. Maar de VVD is tegen privacybeperkingen die alleen maar leiden tot duurbetaalde schijnveiligheid. De EU moet haar waarden als godsdienstvrijheid, de scheiding tussen kerk en staat en de vrijheid van meningsuiting met trots verdedigen. De EU en haar Lidstaten lieten Denemarken in de kou staan tijdens de cartooncrisis. In dit soort gevallen moet de Unie zich onvoorwaardelijk achter haar lidstaten scharen. Eén voor allen, allen voor één! Maar bedreigingen uiten zich niet alleen in terroristische en criminele activiteiten. Ook met gevaren als een grieppandemie moet rekening worden gehouden. Bij een uitbraak van een pandemie moet de Europese Commissie binnen 24 uur crisismaatregelen kunnen nemen.

7. Europees landbouw- en regionaal beleid op de schop. De VVD vindt dat het landbouwbeleid drastisch moet worden hervormd. In een tijd dat de vraag naar voedsel overweldigend is, is het niet nodig de voedselproductie te subsidiëren. De nadruk van de Europese subsidies ligt nu op directe inkomenssteun aan boeren en plattelandsontwikkeling. Deze subsidies bedragen momenteel 40 procent van het Europese budget. Dit moet bij de eerstvolgende mogelijkheid, in 2013, gewijzigd worden. Boeren moeten weer kunnen ondernemen en tegen wereldmarktprijzen concurreren, zodat consumenten goedkopere producten kunnen kopen en producenten in ontwikkelingslanden niet tegen hoge Europese tariefmuren oplopen. Daarnaast moeten zij worden beloond voor een duurzaam landschap. Maar we moeten af van het systeem waarin Nederlanders via Europa mee moeten betalen aan de financiering van een kinderboerderij in Duitsland, een golfbaan in Ierland of een fietspad in Frankrijk. De VVD pleit er voor de financiering van het Europees landbouw- en plattelandsbeleid te decentraliseren en nationale of regionale overheden zelf te laten bepalen waar en hoeveel zij in plattelandsontwikkeling willen investeren. Het Europees landbouwbeleid zal dus drastisch moeten wijzigen, maar kan 8 niet geheel verdwijnen. De EU moet er wel op toezien dat er geen marktverstoringen tussen de lidstaten plaatshebben. De Europese Commissie blijft namens de EU de onderhandelingen bij de Wereld Handels Organisatie voeren en bij extreme gevallen moet de EU weer gemeenschappelijke prijzen kunnen afdwingen om de voedselzekerheid te garanderen. Ook vindt de VVD dat het regionaal beleid drastisch moet worden hervormd. De rijke Europese landen moeten solidair zijn met de armere lidstaten. Deze landen moeten aansluiting vinden bij het Europese welvaartspeil. Maar Europese subsidies moeten effectief worden besteed. De rijkere Europese landen kunnen zelf hun broek ophouden en het rondpompen van Europese subsidies werkt fraude in de hand. Dus geen Europees regionaal beleid voor de rijkere lidstaten. Nederland zal minder regionale steun uit Brussel krijgen maar zelf ook minder afdragen. Op basis van duidelijke nationale plannen kunnen Europese subsidies direct naar de arme regio´s gaan. De nationale autoriteiten van de ontvangende lidstaten zijn verantwoordelijk voor de besteding van het geld. Wanneer dit niet rechtmatig gebeurt en de doelstellingen niet worden verwerkelijkt moeten landen het geld terugbetalen en stopt de financiële steun. Het Centraal Plan Bureau heeft uitgerekend dat deze hervormingen van het landbouwbeleid en het regionale beleid de helft van de Europese begroting vrijspeelt. Het vrijgekomen geld kan door de lidstaten gerichter worden besteed, terwijl de Nederlandse boeren en de arme regio’s in Europa er financieel niet op achteruit gaan.

8. Strengere controle op besteding. Europese gelden Een betrouwbaar Europa kan zich niet veroorloven dat de Europese Rekenkamer geen goedkeurende verklaring geeft. 'Brussel' krijgt dan de schuld maar vaak wordt vergeten dat de lidstaten zelf 80 procent van de Europese begroting beheren. Lidstaten moeten het initiatief van Nederland volgen en politieke verantwoordelijkheid nemen voor de bestede Europese gelden. 9 Uit angst voor reputatieschade ondernemen de Openbaar Ministeries van lidstaten te weinig actie tegen het onjuiste gebruik van Europese subsidies. De VVD vindt dat wanneer lidstaten, individuen of (nationale of Europese) instellingen fraude plegen met Europese gelden, een onafhankelijke Europese instantie een procedure moet kunnen starten om gelden terug te vorderen indien de betrokken nationale instanties hierin tekort schieten.

9. Verminderen energieafhankelijkheid. De klimaatverandering is een stimulans voor Europa om het energieverbruik te matigen en de afhankelijkheid van instabiele regimes te verkleinen. Vooral de afhankelijkheid van olie en gas is zorgwekkend. Europa is verslaafd aan olie als de junkie aan de naald. Zij voert 50 procent van haar energiebehoefte in: 45 procent van de olie komt uit het Midden-Oosten en 40 procent van het gas uit Rusland. Als er niets wordt gedaan, stijgt de afhankelijkheid van buiten de EU in 2030 tot 70 procent. Onze buitenlandse politiek zal daardoor onder grote druk komen te staan. Nu al speelt Rusland de lidstaten uit elkaar door de energiebevoorrading in te zetten als politiek onderhandelingsinstrument. Een gemeenschappelijk energiebeleid met een betere aansluiting van elkaars elektriciteitsnetten en gas- en oliepijpleidingen is dan ook noodzakelijk. De EU moet onderzoek en ontwikkeling stimuleren en de opbouw van trans- Europese energie- en infrastructuurnetwerken helpen financieren. De VVD is voor duurzame energie. Het gebruik van kolen, olie en gas moet worden afgebouwd vanwege de vervuiling en de beperkte beschikbaarheid op langere termijn. Omdat er voorlopig geen uitzicht is op voldoende capaciteit met alleen zonne-, wind-, water- en bio-energie, moeten deze bronnen aangevuld worden met kernenergie. Kernenergie is duurzamer dan fossiele brandstoffen en de vervuilingsproblematiek wordt steeds beheersbaarder. Ook Nederland moet zijn steentje bijdragen aan een duurzaam Europa maar de VVD is tegen eenzijdige Nederlandse maatregelen zoals de vliegbelasting en de verpakkingsbelasting. Die zorgen voor een ongelijk speelveld in Europa waardoor vliegmaatschappijen liever over de grens landen en opstijgen en 10 diensten en producten onnodig in prijs omhoog gaan zonder enig merkbaar milieuvoordeel. Met dit soort maatregelen prijst Nederland zich uit de markt. De VVD pleit voor een Europese aanpak, waardoor bedrijven niet geconfronteerd worden door oneerlijke concurrentie uit de andere lidstaten.

10. Eén Europees asiel- en immigratiebeleid. Elk jaar spoelen duizenden migranten in gammele bootjes aan op de kusten van Spanje, Italië en Malta. Europa kan deze toenemende stroom niet opvangen, waardoor velen in de illegaliteit verdwijnen met alle sociale gevolgen van dien. Het is tijd dat aan deze ongewenste situatie een einde wordt gemaakt door gezamenlijk optreden van de Europese Unie. De EU moet de immigratie beperken, waar mogelijk helpen de integratie te bevorderen en de discriminatie bestrijden. Een land als Nederland of Spanje mag niet meer eenzijdig een generaal pardon afkondigen. Want in een gemeenschappelijke markt waar personen vrij kunnen reizen heeft dit voor heel Europa gevolgen. Europa moet openstaan voor politieke vluchtelingen en mensen die extra kennis brengen. Maar voor grootschalige migratie is geen plaats. De VVD wil niet dat de EU en Nederland immigratiegebied zijn. Om de migrantenstromen beter te beheersen moet, naast een strengere grensbewaking en opvang in de regio, een Europese blauwe kaart met een puntensysteem worden geïntroduceerd. Deze kaart volgt het Canadese voorbeeld waarin het puntensysteem is gebaseerd op de vraag of de migrant een economische meerwaarde vormt. De lidstaten van de EU bepalen samen welke mensen ze nodig hebben om vacatures op te vullen. De lidstaten moeten natuurlijk wel zelf kunnen blijven bepalen of en hoeveel arbeidsmigranten ze op willen nemen. Met deze prioriteiten wil de VVD de komende vijf jaar in het Europees Parlement bijdragen aan een werkend Europa. Een Europa dat zich voortvarend concentreert op zijn kerntaken, zodat Nederland en Europa ook in de toekomst sterk, veilig en welvarend blijven.

********************************

Frits Bolkestein (voorzitter) Pim van Ballekom Ingrid de Caluwé Wirt Groen Ingrid Kloosterman Melvin Könings Jan-Meinte Postma Dick Sluimers Jeroen Reijnen (penvoerder) Lucie Wigboldus (secretaris)

klik hier om terug te gaan naar de vorige pagina


REACTIE OP DE BRIEF VAN STAATSSECRETARIS BIJLEVELD OVER HET ZELSTANDIG STEMMEN VAN MENSEN MET EEN VISUELE BEPERKING.

De VVD in Renkum is zeer ontstemd over de weigering van de Staatssecretaris gehoor te geven aan de oproep van alle gemeenten om de visueel gehandicapten de mogelijkheid te geven zelfstandig te stemmen. Ze is met de wet omgegaan als de Griek Procrustes met zijn bed: ze heeft de wet niet toegepast ten gunste van de mens, maar heeft de mens, in dit geval de blinde mens, passend gemaakt aan haar wet. En is blind voor argumenten die enig soelaas kunnen bieden aan het "volwaardig burgerschap"voor deze doelgroep.

De VVD is stomverbaasd over het duidelijk gebrek aan specifieke kennis bij de Staatssecretaris van deze doelgroep.

Blijkbaar is haar niet bekend dat maar 10% van deze doelgroep Braille beheerst, namelijk voornamelijk de blindgeborenen. Met een formulier in braille ben je er dus niet. En...hoe wil je dat invullen- privé met een rood potlood? Braille is niet rood, en een potlood bij braille bestaat ook al niet. En blinden kunnen niet ZIEN waar ze dat rode kruisje dan neer moeten zetten.....alweer, gebrek aan kennis, maar ook gebrek aan invoel vermogen.

Het is toch niet te geloven dat de website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl , ja dat er een überhaupt nog een officiële website bestaat vanuit de overheid die niet integraal toegankelijk is? Op het moment van dit schrijven is dat nog niet geregeld.
En dat schrijft de staatssecretaris met droge ogen? En in de brief die als antwoord moet gelden voor deze doelgroep? Haar salaris wordt ook mede opgebracht door die doelgroep via de belastingen.

Iedere informatie moet voor alle burgers integraal toegankelijk zijn. Daar zijn zelfs Internationale Normen voor. Hoe rijmt U dat met een officiële website van de overheid die niet integraal toegankelijk is?? Ik haal aan wat ik op de website van "Drempelvrij" daarover heb gevonden:

Waarom een website toegankelijk maken?
Door een website volgens (internationale) normen te bouwen is de site ook bruikbaar voor mensen met een functiebeperking. Motorisch gehandicapten die geen muis vast kunnen houden kunnen een website dan met het toetsenbord bedienen. Blinden kunnen werken met apparatuur, die de tekst op het scherm voorleest. Er zijn braille leesregels die de informatie in braille weergeven. Er is software die zowel tekst als afbeeldingen kan vergroten tot zelfs 32 keer van de originele grootte. Ook is de software die spraak herkent ver gevorderd. Er zijn browsers ontwikkeld die volledig spraak-gestuurd zijn.
Daarnaast zijn er ook tal van economische redenen om een website toegankelijk te maken, bijvoorbeeld het feit dat een website zonder meer (en dus zonder extra kosten) zichtbaar is op alle browsers, telefoons en andere platformen. Daarnaast heeft een toegankelijke site doorgaans kortere laadtijden en minder serverbelasting.
Tot zover het eerste gedeelte, maar het kan nog pikanter: diezelfde Staatssecretaris heeft het NUP ondertekend, die dit garandeert! En wel nog geen vier maanden geleden. Het NUP, dat een gezamenlijk initiatief is van het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen, gebaseerd op een advies van de commissie Postma/Wallage. Het uitvoeringsprogramma richt zich met name op die dienstverlening waar meer dan één overheidsorganisatie bij is betrokken.
De regie op de uitvoering van het NUP is in handen van de Regiegroep Dienstverlening en E-overheid, onder VOORZITTERSCHAP VAN STAATSSECRETARIS ANK BIJLEVELD.....
I rest my case.....
Alle overheden moeten voldoen aan de Webrichtlijnen (NUP) (02-12-2008)
Op 1 december hebben, Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen het Nationaal Uitvoeringsprogramma dienstverlening en e-overheid (NUP) getekend. In het NUP staat hoe de infrastructuur van de e-overheid gericht kan worden benut voor betere dienstverlening door de overheden aan burgers en bedrijven.
Met de ondertekening van het Nationaal Uitvoeringsprogramma moeten Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen uiterlijk 31-10-2010 voldoen aan de Webrichtlijnen en daarmee aan de internationale richtlijnen voor toegankelijkheid en het Waarmerk drempelvrij.nl. De Webrichtlijnen en het daarbij behorende normdocument Webrichtlijnen van de Stichting Waarmerk drempelvrij.nl zullen binnenkort aangepast moeten worden in verband met de nieuwe versie van de internationale richtlijnen voor toegankelijkheid. Deze zal, net als de oude versie, integraal in de Webrichtlijnen worden opgenomen.
De verbetering is gevonden in de samenwerking over de grenzen van overheidsorganisaties heen. Goed gebruik van ICT en vermindering van administratieve lasten voor burgers en bedrijven zijn hierbij kernelementen. Het oplossen van ervaren knelpunten van burgers en bedrijven staat voorop.
Het NUP is een gezamenlijk initiatief van het Rijk, het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen, gebaseerd op een advies van de commissie Postma/Wallage. Het uitvoeringsprogramma richt zich met name op die dienstverlening waar meer dan één overheidsorganisatie bij is betrokken.

De regie op de uitvoering van het NUP is in handen van de Regiegroep Dienstverlening en E-overheid, onder voorzitterschap van Staatssecretaris Ank Bijleveld. En dit gaat dan nog alleen over blinden die met de pc kunnen omgaan. Lang niet alle blinden kunnen dat en er zijn nogal wat compenserende maatregelen nodig voor dit wel lukt.
Het tweede grote punt wat de Staatssecretaris gewoon niet kan of wil zien is, dat toch in de wet staat dat participatie aan de samenleving en de eigen regie voorop staan (WMO), met de kiesmachine kon dat. En die onafhankelijkheid wordt ze weer afgenomen!!!
Het was een prachtig stuk ingevulde Compensatieplicht. Wat zegt de ICF over het stemmen? ( blz 207) Ik haal hier aan:
"e 595 : Voorzieningen ,systemen en beleid met betrekking tot politieke zaken
Voorzieningen, systemen en beleid met betrekking tot stemmen, verkiezingen en bestuur in landen, regio's, gemeenten en in Internationale organisaties : die systemen moeten in orde zijn om de grondrechten van de mens met een functiebeperking te beschermen. "

Het is het laatste hoofdstuk van de ICF: ik raad de Staatssecretaris aan de ICF eens te lezen en toe te passen.

En Nederland heeft zowel het VN verdrag over De Rechten van de Mens en dit ICF ondertekend. Dan houden we ons daar toch aan? Nog sterker : dit is het persbericht dat BZ uitgaf op 30 maart 2007:
Ministerie van Buitenlandse Zaken
Persbericht ministerraad van het Koninkrijk
30 maart 2007
Nederland ondertekent VN gehandicaptenverdrag
De Rijksministerraad heeft op voorstel van minister Verhagen van Buitenlandse Zaken ingestemd met de ondertekening van het VN Verdrag inzake de rechten van mensen met een handicap. Het verdrag wordt door de Nederlandse ambassadeur bij de Verenigde Naties in New York ondertekend.
Het verdrag beoogt dat wereldwijd de circa 650 miljoen mensen met een handicap op dezelfde wijze als anderen kunnen deelnemen aan het maatschappelijk leven en de universele rechten van de mens kunnen genieten. Het verdrag verplicht de lidstaten om sociale en fysieke belemmeringen weg te nemen die gehandicapten dagelijks ervaren. Een VN Comité zal toezicht houden op naleving van het verdrag. Na bekrachtiging door twintig landen treedt het verdrag in werking.
RVD, 30.03.2007
Haar Collega Jet Bussemaker zegt toe op 7 april van dat jaar alle Nederlandse wet en regelgeving op dit verdrag te zullen gaan toetsen.
En zou daar dan het Kiesbesluit niet onder vallen?
De VVD vraagt zich af of de Staatssecretarissen over het Kiesbesluit dan wel overleg hebben gehad in verband met de rechten van de doelgroep Visueel gehandicapten en hun recht zelfstandig te stemmen, getoetst aan dit verdrag.
Dan, een punt wat de Staatssecretaris ook niet wil "inzien" maar wat door de doelgroep terecht naar voren is gebracht : deze machines zijn afgevoerd omdat ze fraudegevoelig zouden zijn.
En hoe zit dat dan met deze doelgroep? Wat is fraude gevoeliger dan iemand anders vragen je stem uit te brengen, waarbij je geen enkele controle hebt op wat er gebeurt?
Audiomachines zouden dan toch minstens ingezet kunnen worden om de blinde terug te laten luisteren wat er voor hem gestemd is. Dan hef je die fraudegevoeligheid ( en misschien de pijn wat) op. Maar alleen op goed vertrouwen.....

En dan is alles wat ze te bieden heeft dat blinden zich mogen laten bijstaan door een ziende.
Bovendien moeten ze iemand regelen: gewoon afgaan op een wildvreemde die toevallig bij het stembureau zit....
Want een grondrecht is ook het stemgeheim, het recht op privacy : en als men een volmacht moet geven, dan is dat niet gewaarborgd. Extra zuur is dit als dit dan zo moet vanwege een handicap. Dit treedt de wet op gelijke behandeling met voeten. Dan zou iedere Nederlander een volmacht moeten afgeven om een ander voor hem/haar te laten stemmen. Maar dat "ziet"niemand zitten natuurlijk, maar dat is wel gelijke behandeling.

Dan wordt de keuze zwaar: de gewone burger kan gebruik maken van dit recht. De blinde is gedwongen het verdwijnen van zijn stemgeheim te accepteren door een volmacht uit te geven, dan wel niet te stemmen omdat hij dit geheim niet wil prijsgeven.
Het compensatiebeginsel wordt hier met voeten getreden door een prachtige compenserende maatregel gewoon tegen de wet te verklaren. En de Grondwet wordt ook buiten spel gezet( artikel 1). Wat dan weer maakt dat ze niet zullen gaan stemmen. En dat stemmen wordt toch steeds meer een probleem: en geen wonder zo!

In haar brief wordt dan aangegeven: "Bij besluit van 4 december 2007( Staatscourant,200, 7n r 485)zijn evenwel alle artikelen die betrekking hadden op het stemmachines in het Kiesbesluit geschrapt. Dit nadat ik eerder een Regeling  Voorwaarden en goedkeuring stemmachines had ingetrokken ( Staatscourant 2007 nr 203)
Een wettelijke grondslag om bij de komende verkiezingen gebruik te maken van een stemmachine, ook voor een bijzondere doelgroep ontbreekt."

Ja daar heeft ze zelf voor gezorgd en bij het doen niet nagedacht hoe ze voor deze doelgroep een uitzondering zou kunnen maken.
Het is toch te gek voor woorden dat  toen ze aan het schrappen sloeg er niet aan bijzondere doelgroepen is gedacht? Waarom kan ze niet met een rood potlood aangeven dat er een uitzondering gemaakt wordt op die regel ?
Waarom doen al die zeer drukke volksvertegenwoordigers daar niets aan? Zij hebben toch ook instrumenten als moties en amendementen en kunnen zelfs interpelleren? En wat is er verkeerd met een hardheidsclausule?

De Staatssecretaris heeft met haar ondoordachte zet iets gedaan dat tegen de grondwet is :

Artikel 1 zegt toch letterlijk:

Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan!!!!!

Het riekt sterk naar discriminatie, dat, als zelfstandig stemmen technisch eindelijk mogelijk is, een Godgegeven recht van onze democratie, dit onmogelijk wordt gemaakt door een ondoordacht schrappen van regels. Zonder de rechten van specifieke doelgroepen te beschermen. , Door het kabinet, dat toch de bewaker bij uitstek zou moeten zijn van die grondrechten .

Het zegt "Of op welke grond dan ook"...een mooie zin, maar blijkbaar is deze groep daarvan buitengesloten. En in mijn boek heet dat discriminatie. En wie dit niet wil zien is ziende blind.....

Het was een initiatief van mijn fractie om die stemmachine aan te schaffen.
In 1997 kregen alle burgers van Zuid Afrika stemrecht. Ik was daarbij. En ook wat dit betekende voor die bevolkingsgroepen.

Die eerste keer zelfstandig stemmen door de doelgroep van visueel gehandicapten daar in Wolfheze, waar de enige woongemeenschap in Nederland voor blinde en slechtziende ouderen is gevestigd, en waar deze speciale kiesmachine was geplaatst, was een ervaring die daarmee te vergelijken is.
Waarom ontneemt het kabinet deze groep dan dat recht?
In ieder geval past deze groep burgers blijkbaar niet in de website  die het voor het zeggen heeft.

De titel van die website www.uheefthetvoorhetzeggen.nl ,moet ze als een foute 1 aprilgrap in de oren klinken.


Marleen Meertens, raadslid VVD Renkum

Ga terug naar de nieuwspagina